Veldeman was een van de eerste Belgische bedrijven die in de klappen deelden na het losbarsten van de economische crisis. De omzet viel in 2009 terug tot 18,5 miljoen euro, 38 procent minder dan in 2007. Veldeman moest 10 procent van het personeelsbestand laten afvloeien, van wie veertien mensen in de Belgische vestiging. "De wereldwijde crisis manifesteerde zich pijlsnel in onze sector", vertelt CEO Andy Moors. "In de verkoop vielen bepaalde segmenten met 80 procent terug. Ook de lokale verhuurmarkt kreeg klappen. Op de koop toe ging de grootste Amerikaanse speler, Cover All, failliet door ernstige technische problemen. Dat bezorgde de hele sector een enorme reputatieschade op de voor ons belangrijke Amerikaanse markt."
...

Veldeman was een van de eerste Belgische bedrijven die in de klappen deelden na het losbarsten van de economische crisis. De omzet viel in 2009 terug tot 18,5 miljoen euro, 38 procent minder dan in 2007. Veldeman moest 10 procent van het personeelsbestand laten afvloeien, van wie veertien mensen in de Belgische vestiging. "De wereldwijde crisis manifesteerde zich pijlsnel in onze sector", vertelt CEO Andy Moors. "In de verkoop vielen bepaalde segmenten met 80 procent terug. Ook de lokale verhuurmarkt kreeg klappen. Op de koop toe ging de grootste Amerikaanse speler, Cover All, failliet door ernstige technische problemen. Dat bezorgde de hele sector een enorme reputatieschade op de voor ons belangrijke Amerikaanse markt." Boven op de herstructurering van 2009 entte Veldeman een nieuwe groeistrategie. "De klassieke Europese tentenmarkt bood weinig groeipotentieel voor onze verkoop. Daarom kozen we voor internationalisering en diversificatie. Tenten hebben enorm veel toepassingsmogelijkheden. Je gebruikt ze voor evenementen, maar ook als overkapping in de industrie, als opslagplaats van goederen of als permanente sporthal. Dat potentieel hebben we ingezien na de overname van het Amerikaanse Universal Fabric Structures. In de VS was die markt veel verder ontwikkeld." Veldeman deelde de interne organisatie op in drie businessunits. De eerste is de verhuur van tenten voor evenementen en industriële toepassingen, vooral voor de Benelux. De tweede is de verkoop van standaardstructuren aan andere tentenverhuurbedrijven, gemeenten en steden over heel de wereld. En de derde maakt oplossingen op maat van de klant. Die aanpak werkt. In 2012 behaalde Veldeman opnieuw een omzet van ruim 25 miljoen euro, het niveau van voor de crisis. "De rendabiliteit loopt nog wat achter", geeft Andy Moors toe. "Dat heeft onder meer te maken met de loonkosten, die door het eenheidsstatuut nog zullen stijgen, maar ook met toenemende prijsconcurrentie. Ik ben niet pessimistisch, maar wel zeer bezorgd omdat België in concurrentiepositie zo weinig vooruitgang boekt. In onze zeer arbeidsintensieve verhuuractiviteit begint dat zwaar te wegen. Dat merken we als we in het buitenland projecten willen binnenhalen." Niettemin zweert Veldeman bij productie in Bree, al worden sommige onderdelen wegens de kostprijs uitbesteed. "Nog belangrijker dan de kostprijs is voor ons de controle over het productieproces", legt Andy Moors uit. "We leveren almaar meer maatwerk. Zonder de kennis en de ervaring van onze medewerkers hier zouden we niet dezelfde kwaliteit kunnen bieden. Veldeman is ook doordrongen van klantgerichtheid. Mochten wij alles standaardiseren en tot op de eurocent optimaliseren, dan zou ook dat aspect, dat typisch is voor onze bedrijfscultuur, verdwijnen. Wij zijn ervan overtuigd dat je met klantgerichte oplossingen het verschil maakt. Dat zien we aan de klantentrouw. Wij verliezen zelden een klant." Veldeman realiseert 40 procent van zijn omzet in de Benelux, de rest komt uit het buitenland. Een veelbelovende markt is Rusland. "Daar werken we met twee distributeurs", zegt marketingmanager Ludo Ost. "We mochten er de tijdelijke accommodatie leveren voor de recente G20-top in Sint-Petersburg, goed voor een oppervlakte van 22.000 m²." Veldeman opende vorig jaar ook een verkoopkantoor in Chili. "Door het bedrijfsvriendelijke importbeleid -- de invoerrechten bedragen 0 procent -- en omdat we vandaar ook andere Spaanssprekende landen kunnen benaderen", verklaart Ost. Behalve oplossingen op maat voor de mijnindustrie -- Chili is goed voor de helft van de wereldwijde koperprodutie -- hoopt Veldeman er ook speciale shelters en hangars aan de luchtmacht te verkopen. Het bedrijf ontwikkelde tien jaar geleden voor het Amerikaanse leger het Military Shelter System voor het afschermen van straaljagers en helikopters. Die shelters kunnen zuiver op mankracht rechtgezet worden, zonder extra hulpmiddelen. "Een van onze Chileense medewerkers is een ex-piloot van de Chileense luchtmacht. Hij kent die wereld en zal ook andere landen bewerken, waaronder Columbia en Peru", vertelt Ludo Ost. "Dit jaar kregen we ook een grote militaire bestelling via ons verkoopkantoor in Melbourne. Speciaal voor de hevige winden in Australië hebben we de structuur extra versterkt." Ook van de Indiase markt verwacht Veldeman veel. Daarom nam het bedrijf uit Bree deel aan de recente prinselijke missie naar het Aziatische land. Ludo Ost: "India is geen gemakkelijke markt, maar het land heeft een groot potentieel. Wij leggen ons eerst toe op de markt van tentenverhuurders en permanente sporthallen. Voor evenementen in India, zoals grote beurzen en golftornooien, is er zeker behoefte aan kwaliteitsstructuren." Maar dat is maar een van de redenen voor de deelname van Veldeman aan de missie. "Als middelgroot bedrijf is het moeilijk rechtstreeks naar het buitenland te trekken", stelt Moors. "Ik denk dat we door samen te werken met grote Belgische en Europese bedrijven de resultaten de hoogte in kunnen jagen. Er zijn veel wereldwijd actieve bedrijven die ons als partner zouden kunnen meenemen. Dikwijls ligt de oplossing voor bepaalde problemen dichter bij huis dan we denken. En een economische missie is de ideale gelegenheid om die mogelijkheden te bekijken. Probeer anders maar eens binnen te geraken op de hoofdzetel van een Besix, DEME of Jan De Nul." Een mooi voorbeeld van samenwerking waren de Olympische Spelen in Londen. Daarvoor leverde Veldeman in partnership met het Britse Arena Structures diverse structuren, onder andere voor het beachvolley en de roeiwedstrijden. "Of we aanwezig zullen zijn in Brazilië in 2016, moeten we nog afwachten", zegt Ludo Ost. "Er zijn al contracten getekend, maar veel wordt pas in de komende maanden en jaren beslist." Veldeman wil zijn huidige strategie, met aandacht voor diversificatie en groei in het buitenland, voortzetten. "Maar ook de Belgische verhuurmarkt biedt nog groeimogelijkheden, als de conjunctuur verder verbetert en we links en rechts een paar grotere Europese evenementen kunnen meepikken", besluit Andy Moors. TOM MONDELAERS, FOTOGRAFIE PAT VERBRUGGEN"Ik ben zeer bezorgd omdat België in concurrentiepositie zo weinig vooruitgang boekt" Andy Moors