De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog.
...

De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog. www.fiscoloog.be Er gaat geen dag meer voorbij zonder dat multinationals met de vinger gewezen worden omdat zij erin slagen nauwelijks belasting te betalen. Vooral het gretige gebruik dat zij maken van de 'aftrek voor risicokapitaal' -- beter bekend als de 'notionele-intrestaftrek' -- ligt onder vuur. Die aftrek houdt in dat een vennootschap haar fiscaal resultaat mag verminderen met een percentage van haar eigen vermogen, of beter gezegd, van haar gecorrigeerd eigen vermogen. Aan de berekeningsbasis moeten immers verschillende correcties worden aangebracht. In de gloriejaren van de notionele-intrestaftrek klom het percentage op tot bijna 4,5 procent. Voor kmo-vennootschappen komt daar nog 0,5 procentpunt bij. Sindsdien is het tarief alleen maar lager geworden. Vandaag bedraagt het nog slechts 3 procent (3,5 procent voor kmo-vennootschappen). Voor volgend jaar plant de regering een nieuwe verlaging. Er is op het voordeel van de notionele-intrestaftrek nog op andere manieren beknibbeld. Van bij het begin was voorzien in een overdraagbaarheid van de niet-genoten aftrek gedurende zeven jaar. Een vennootschap die geen of weinig winst maakte, en daardoor de aftrek niet of slechts gedeeltelijk kon toepassen, kon de niet-toegepaste aftrek overdragen naar de daaropvolgende jaren. Alle Belgische vennootschappen samen hebben op deze manier een gigantische pot aan overgedragen aftrekken bijeengespaard. Die bedroeg eind 2011 niet minder dan 17 miljard euro. Genoeg om de belastbare winsten van de volgende jaren in belangrijke mate af te romen. Maar dat feest gaat slechts in mineur door. Vanaf het aanslagjaar 2013 kunnen nieuwe aftrekken niet langer overgedragen worden. Bovendien wordt de aftrek van de bestaande pot meer gespreid in de tijd. De tegenstand die de notionele-intrestaftrek vandaag oproept, verliest dikwijls uit het oog dat het systeem destijds uitgedacht is om de zogenoemde coördinatiecentra ter wille te zijn. Die verloren jaren geleden onder Europese kritiek hun bevoorrechte fiscale positie en dreigden massaal uit te wijken naar fiscaal gunstiger oorden. De notionele-intrestaftrek moest hen in België houden. Maar hoe paai je coördinatiecentra? Zij waren gewoon te werken met een 'double dip'. Als de ene groepsvennootschap (A) geld leent aan de andere (B), dan is de betaalde intrest bij (B) aftrekbaar en bij (A) belastbaar. De operatie is dus 'neutraal'. Plaats tussen (A) en (B) een coördinatiecentrum, en laat (A) het geld nu als kapitaal inbrengen bij het coördinatiecentrum, dat het vervolgens uitleent aan (B). (B) kan dan nog altijd de intrest in aftrek brengen; maar die intrest was in hoofde van het coördinatiecentrum niet belastbaar. Dat laatste gaf de ontvangen intresten vervolgens door aan (A) in de vorm van (onder toepassing van de Europese moeder-dochterrichtlijn) bijna belastingvrije dividenden. Wat afgetrokken werd bij (B), werd nu niet meer in een volgend stadium belast. De operatie was dus niet meer neutraal. Schrap in het plaatje het coördinatiecentrum en zet er een derde vennootschap (C) in de plaats die de notionele-intrestaftrek geniet. Het effect is -- minstens gedeeltelijk -- exact hetzelfde. Het enige verschil is dat het fiscale voordeel niet langer beperkt is tot coördinatiecentra van multinationale groepen, maar nu voor het grijpen ligt voor iedereen. Wat er ook van zij, zowel het afgeschafte stelsel van de coördinatiecentra, als de opvolger ervan -- de notionele-intrestaftrek -- pleegt inbreuk op het internationaal gebruikelijke neutraliteitsprincipe volgens hetwelk de aftrek van intresten bij de ene vennootschap moet uitmonden in een belasting bij de vennootschap die de intresten ontvangt. België dacht met zijn fiscaal stelsel voor coördinatiecentra de slimste van de klas te zijn, door dit neutraliteitsbeginsel een hak te zetten, en dus door -- in wezen -- vals te spelen. Met de notionele-intrestaftrek gaat het verder op de ingeslagen weg. Kan men multinationals dan verwijten vals te spelen als zij alleen maar (weliswaar zeer gretig) gebruikmaken van deze door ons land heel bewust geschapen mogelijkheid? JAN VAN DYCKBelgië heeft zelf internationaal gezien vals gespeeld.