Federaal minister van Begroting Johan Vande Lanotte ( SP.A) zucht. Vlaams minister van Begroting Dirk Van Mechelen ( VLD) lacht. Terwijl de federale minister een begroting in evenwicht steeds verder van zich ziet afdrijven, rijgt de Vlaamse minister de begrotingsoverschotten aan elkaar. Vande Lanotte moet op zoek naar poen, Van Mechelen kan ideeën lanceren over hoe de volgende Vlaamse regering de beschikbare beleidsruimte van ongeveer 4 miljard euro kan spenderen. Terwijl de federale overheid nog een torenhoge staatsschuld torst, is Vlaanderen nagenoeg schuldenv...

Federaal minister van Begroting Johan Vande Lanotte ( SP.A) zucht. Vlaams minister van Begroting Dirk Van Mechelen ( VLD) lacht. Terwijl de federale minister een begroting in evenwicht steeds verder van zich ziet afdrijven, rijgt de Vlaamse minister de begrotingsoverschotten aan elkaar. Vande Lanotte moet op zoek naar poen, Van Mechelen kan ideeën lanceren over hoe de volgende Vlaamse regering de beschikbare beleidsruimte van ongeveer 4 miljard euro kan spenderen. Terwijl de federale overheid nog een torenhoge staatsschuld torst, is Vlaanderen nagenoeg schuldenvrij. Is België arm en Vlaanderen rijk? Neen, de luxepositie van de Vlaamse financiën is misleidend en verwarrend. De Vlaamse kas vaart wel dankzij de centen die de federale regering doorsluist - met dank aan de Franstaligen en het Lambermontakkoord, dat ervoor zorgt dat er steeds meer middelen van de federale overheid naar de deelstaten worden versast. Vlaanderen wordt vooral vanaf 2005 steeds gunstiger bedeeld. En al houdt Vlaanderen zich aan de afgesproken begrotingsoverschotten om de cijfers van de gezamenlijke overheid op te poetsen, het is de federale regering die de Vlaamse confraters in de watten legt. Vlaanderen haalt niet eens 17 % van de inkomsten uit eigen gewestbelastingen, de rest komt via een omweg uit Brussel. Onder meer door die geldstroom komt de federale regering steeds dieper in de problemen. Ontspoorde uitgaven slijpen in de neergang van de federale begroting een structureel karakter en laten de federale regering weinig of geen ruimte om de lasten te verlagen. En wie betaalt die federale belastingen? Vlamingen, Walen en Brusselaars, voor respectievelijk 63 %, 28 % en 9 %. De Vlaamse begroting lijkt dus kerngezond, maar die prestatie is te danken aan een aanhoudende hoge belastingdruk op de Vlaamse burgers. Die illusie van Vlaamse begrotingsorthodoxie scherpt ook het gevoel aan dat besparen op Vlaams niveau hoegenaamd niet hoeft. Maar het maakt niet veel uit welke overheid de euro's uitgeeft, de factuur belandt altijd bij dezelfde belastingbetalers. Het zou dan ook logisch zijn de deelstaten meer fiscale autonomie te geven. Laat tegenover elke euro Vlaamse uitgaven een euro eigen Vlaamse belastinginkomsten staan. Dat is democratisch en transparant. Dan voelt de Vlaamse burger rechtstreeks wat het Vlaamse beleid kost. Maar nu beslist de federale regering grotendeels met welke belastingen de uitgaven van de Vlaamse regering gefinancierd worden. Je kunt het de kiezer niet kwalijk nemen dat hij de Vlaamse ook als federale parlementsverkiezingen interpreteert. Meer fiscale autonomie voor de deelstaten is echter een communautair debat waar de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde klein bier bij is. De federale fiscale heerschappij is de grendel op de deur van de Belgische staat en is de garantie dat de Waalse welvaartstaat gefinancierd raakt. Dat federale bastion lijkt onaantastbaar. Maar zonder meer fiscale autonomie is Vlaanderen vanuit begrotingsperspectief niet meer dan een dochter met een eigen boekhouding van de holding België. Het geschuif met facturen maakt een oordeel over de financiële gezondheid van die dochter heel moeilijk. Daan Killemaes