Het ging de afgelopen weken hard voor enkele Belgische aandelen. Hard omlaag! De sterren van de afgelopen jaren hadden plots last van de zwaartekracht. Naast de bedrijfsspecifieke logica zijn er ook algemenere lessen te trekken uit de beursval.
...

Het ging de afgelopen weken hard voor enkele Belgische aandelen. Hard omlaag! De sterren van de afgelopen jaren hadden plots last van de zwaartekracht. Naast de bedrijfsspecifieke logica zijn er ook algemenere lessen te trekken uit de beursval. Normaal worden de schapen niet voor de winter geschoren. Maar toch werden enkele Belgische beleggers de afgelopen weken al een jasje lichter gemaakt. Op enkele dagen tijd kwamen Agfa, Barco, Omega Pharma en Option International met ontgoochelende resultaten naar buiten. Stuk voor stuk parels aan de Belgische beurskroon. Sommige analisten wijzen op bedrijfsspecifieke problemen. Maar er zijn minstens vijf algemenere trends te ontdekken. 1. Het 'Champions League'-effect. Anderlecht zou zich de evenknie van Chelsea of Real Madrid wanen, waren er niet de vele Europese nederlagen van de Brusselse club. Wie in België top is en geen internationaal referentiekader heeft, gaat al vlug geloven dat ook hij wereldtop is. In een klein land krijg je snel te veel aandacht, en word je overladen met prijzen en awards. Pas als bedrijven echt in een internationaal competitief kader werken, voelen ze de druk om het beste naar boven te halen, en continu vooruitgang te boeken. Ons land heeft erg weinig internationale referentiebedrijven. Op alle vlakken kan de internationale dimensie onze ondernemingen echter veel bijbrengen. Niet het minst op managementvlak. 2. Gebrek aan corporate governance. Deugdelijk bestuur krijgt erg veel aandacht en staat op de agenda van allerlei seminaries en debatten. Maar in de praktijk scoren de meeste firma's vrij zwak op de elementaire regels ervan. De scheiding tussen de chief executive officer en de voorzitter van de raad van bestuur bijvoorbeeld is vrij essentieel. Onafhankelijke bestuurders kunnen ook een waardevolle rol spelen. Ze moeten echter correcte informatie krijgen, en niet als een schaamlapje worden misbruikt. 3. Het label België is niet relevant. Ten onrechte werd in het verleden het predicaat Belgisch als reden van een betere prestatie aangehaald. In de periode 2000-2006 presteerden Belgische aandelen inderdaad bijna 70 % beter dan de Europese. Maar dit kwam na een onderprestatie van 40 % tussen 1997 en 2000. Over de gehele periode staan we terug bij af. Dit wil zeggen dat België het net even goed heeft gedaan als de Europese beurs. Belangrijke beleggers kijken niet langer naar het nationale etiket. Ze beoordelen de internationale merites van een onderneming of selecteren op basis van een sector. Sinds 1998 is de Belgische beurs erg verschraald. Het verdwijnen van grote bedrijven maakt dat enkele sectoren gewoon niet vertegenwoordigd zijn. Het ontbreken van technologieaandelen in de beursindex had al eens een negatieve invloed in 2000 (later bleek dat weer een voordeel). De vraag is trouwens of de Belgische beurs nog echt bestaat. Het grootste aandeel (17 % van de index) is bijvoorbeeld een Frans bedrijf met Belgische activa. Dexia en Fortis hebben een dubbele nationaliteit en InBev kleurt erg Braziliaans. Alleen KBC is bij de topbedrijven ondubbelzinnig Belgisch (of is het Vlaams?). 4. België loopt achter in de globalisering. 50 % van de omzet van de Belgische beursgenoteerde bedrijven wordt in het thuisland gemaakt. Dit is ver boven het Europees gemiddelde (39 %), en dat voor een klein land. Slechts 7 % van de omzet wordt in Azië gerealiseerd, tegenover 14 % voor Europese ondernemingen en 21 % voor Nederlandse. De globalisatiescore (1) - die wijst op deelname in de groei van de opkomende landen - is negatief voor België (opmerkelijk ook voor Ierland, Italië, Spanje en Portugal). 5. Te brave aandeelhouders? De aandeelhouders van onze bedrijven zijn erg braaf. Er is weinig activisme, hoewel dat aan het veranderen is. Beleggersverenigingen zouden hierin een actievere rol kunnen spelen, en meer interactie en mondigheid cultiveren. De vallende sterren aan de Belgische beurshemel komen op het moment dat het Lernout & Hauspieproces volop bezig is, zodat soms vergelijkingen worden gezocht. De situatie is vandaag anders. Maar het volstaat niet om de zwakke dollar of de mindere conjunctuur in te roepen voor sommige teleurstellingen. En terwijl de oude sterren vallen, zijn er nieuwe rijzende sterren. Misschien moeten ze opletten voor de valkuilen van het succes, en op tijd een succesvolle strategie in vraag durven te stellen. Want het blijkt keer op keer dat het winnen van awards, de vele media-aandacht maar ook een sterke beurskoers verkeerde signalen kunnen zenden naar het management. De belangrijkste strategische beslissingen worden in onze cultuur nog altijd genomen bij een crisis, zelden als de loftrompetten schallen. DE AUTEUR IS HOOFDECONOOM VAN PETERCAM VERMOGENSBEHEER. REACTIES: visienoels@trends.be (1) THE CHANGING NATURE OF GLOBALISATION - OPPORTUNITIES AND RISKS FOR EUROPEAN COMPANIES - DEUTSCHE BANK - 7 SEPTEMBER 2007.Geert Noels