Het Brusselse Autosalon onderscheidt zich van salons in de buurlanden omdat het ook een koopsalon is, maar autorijden hoeft niet noodzakelijk gepaard te gaan met het bezit van een wagen. Zeker als het gaat om de tweede of derde gezinswagen waarmee minder dan 10.000 kilometer per jaar wordt gereden, is autodelen een alternatief: meerdere personen rijden met één auto. Dat is het idee achter Bolides, een nieuw initiatief van Bart Lizen en Thibaud Dedier op de markt van autodelen.
...

Het Brusselse Autosalon onderscheidt zich van salons in de buurlanden omdat het ook een koopsalon is, maar autorijden hoeft niet noodzakelijk gepaard te gaan met het bezit van een wagen. Zeker als het gaat om de tweede of derde gezinswagen waarmee minder dan 10.000 kilometer per jaar wordt gereden, is autodelen een alternatief: meerdere personen rijden met één auto. Dat is het idee achter Bolides, een nieuw initiatief van Bart Lizen en Thibaud Dedier op de markt van autodelen. Lizen is productontwikkelaar en Dedier is al sinds 1996 actief in de wereld van autoleasing. Thibaud Dedier: "Er is een evolutie in het begrip 'autobezit'. Zeker in steden is dat voor veel mensen een last aan het worden. Parkeren wordt moeilijker. De tweede auto staat veel in de stad zonder dat hij gebruikt wordt. Een tweede wagen maakt relatief weinig kilometers en verliest zo waarde. Veel mensen beseffen dat." Voorts blijkt dat jongeren vandaag minder gebonden zijn aan een auto. Voor hen is een deelauto dan een uitkomst. Volgens het ondernemersduo haalt één deelauto acht andere auto's uit het verkeer. Echt nieuw is autodelen niet. De bekendste aanbieder van autodelen in ons land is Cambio, waarin onder meer De Lijn een participatie heeft. Cambio is een onderdeel van een mobiliteitsproject waarbij openbaar vervoer samengaat met individueel vervoer. Cambio-auto's staan in steden dicht bij opstapplaatsen van De Lijn of de MIVB. Bij het systeem van Bolides heeft een groep van 20 tot 25 gebruikers, die in elkaars omgeving wonen, samen een premiumwagen zoals een Audi A1 of een Mini. Met een app op hun smartphone kunnen ze de auto reserveren, zien waar de vorige gebruiker de wagen heeft achtergelaten, hem openen en zelfs starten. Na de rit volgt een bericht met het bedrag dat de gebruiker moet betalen. Bolides werkt niet met een abonnement, zoals Cambio. De gebruikers betalen voor het reële gebruik, inclusief btw en brandstof (gebruikers hebben een tankkaart): 7,5 euro per uur plus 0,145 euro per kilometer. "Onze focus ligt op de gebruikservaring", stelt Dedier. "We bieden een iets beter uitgeruste wagen aan, geen low-endmodel. We hebben ons systeem gecentraliseerd rond de smartphone met een gps-functie. De wagen heeft geen vaste standplaats. Je kunt hem achterlaten voor je deur", zegt Lizen. Dankzij de app, die draait op iOS en Android, en de gps weet iedereen altijd waar de auto staat. "Er zijn nu 16.000 gebruikers van autodeelsystemen in België", zegt Thibaud Dedier. "We staan nog maar aan het begin." Om na te gaan hoe groot de markt is voor deelauto's die niet voor woon-werkverkeer worden gebruikt, maar de tweede of derde auto vervangen, ging Bolides kijken in Zwitserland. Daar stelt Mobility Suisse momenteel 2600 wagens beschikbaar voor 105.100 abonnees. Dat komt neer op 1 gebruiker per 77 inwoners. Dedier schat dat het potentieel in ons land op 1 procent van de bevolking ligt, dat wil zeggen 110.000 autodelers of 4400 auto's. Bolides wil een kwart van die taart en streeft daarom naar 1000 wagens tegen 2018. De gemeenschap van gebruikers bepaalt online waar die wagens er moeten komen. "Een wagen wordt toegewezen aan een regio van een kilometer op een kilometer", legt Dedier uit. "De gebruikers zijn geregistreerd en we koppelen hen aan een community." Potentiële deelnemers kunnen hun interesse tonen door op de website een vlag te plaatsen om te laten weten dat ze geïnteresseerd zijn in het systeem van autodelen. Vanaf veertig vlagjes of geïnteresseerden per vierkante kilometer is het voor Bolides rendabel een deelauto te plaatsen. Het bedrijf gaat ervan uit dat veertig vlaggen op een vierkante kilometer leiden tot een groep van twintig gebruikers. Is de vraag groter, dan worden er auto's bij geplaatst voor nieuwe groepen. Het lokale karakter moet ervoor zorgen dat de deelnemers hun verantwoordelijkheid opnemen voor de wagen en voor elkaar. "Het gaat niet zomaar om Jan en alleman. Het zijn buren, mensen die elkaar van gezicht kennen. Ze vormen een vertrouwde omgeving", verklaart Lizen. Het zijn ook altijd dezelfde personen die met de wagen rijden. Volgens Dedier gaan zij zich daardoor 'vereenzelvigen' met die wagen en er dan ook meer zorg voor dragen. Per wagen zijn er ook een of meerdere roadies, gebruikers die mee instaan voor het dagelijks onderhoud bijvoorbeeld door met de auto naar de carwash gaan. Ze worden voor hun inspanningen beloond met gratis rijtijd. Hoe financiert Bolides het systeem? Thibaud Dedier: "We leasen de auto's en onderhandelen met enkele partijen. Het systeem is heel kapitaalintensief. We hebben een minimumaantal wagens nodig om het rendabel te krijgen. In 2014 willen we er twee keer 25 bij en in 2015 twee keer 100. Zo moeten we op termijn naar 1000 wagens gaan." Dedier schat dat elke wagen twee tot drie jaar meegaat. De restwaarde zou interessant moeten zijn omdat er relatief weinig met de auto's gereden wordt en ze door de gemeenschap goed onderhouden worden. Dedier wijst erop dat het systeem vraaggedreven is, maar hoe creëert Bolides voldoende vraag? Het bedrijf heeft 'wel wat' voorzien voor marketing, maar rekent er vooral op dat het systeem met de onlinevlaggetjes viraal gaat op het internet. Een test in de Antwerpse wijk Zurenborg en de bijbehorende persconferentie leidde tot 300 vlaggetjes in heel Vlaanderen. Voorts stimuleert Bolides zijn gebruikers om nieuwe mensen aan te brengen in ruil voor gratis rijtijd. AD VAN POPPEL