Toekomst van kleine beursvennootschappen bedreigd

Dirk Van Thuyne Freelance journalist

Veel kleine beursvennootschappen zitten met de handen in het haar. Ze mogen op Euronext alleen hun eigen clearing doen als ze hun eigen vermogen opvoeren tot 400 miljoen frank.

Op 28 februari van dit jaar hadden 45 beursvennootschappen een vergunning van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen. Behalve bekende vennootschappen zoals Artesia, Delta Lloyd, KBC en Petercam zijn er ook nog veel kleine beursvennootschappen die vaak al meer dan honderd jaar in de business zitten. Hebben zij nog een toekomst?

Toen vorig jaar de plannen voor de fusiebeurs Euronext werden aangekondigd, werd in de kantlijn gemeld dat alleen de beursvennootschappen met een eigen vermogen van 10 miljoen euro (403 miljoen frank) nog zelf hun clearing (de vereffening van effectentransacties) zouden mogen doen. Dat worden zogenaamde Individual Clearing Members. Er werd wel een overgangsperiode tot eind 2002 voorzien. De meeste beursvennootschappen hebben echter een eigen vermogen dat amper 40 miljoen frank overstijgt, en vaak minder.

“Er zijn dus maar twee mogelijke oplossingen voor ons,” zegt Philippe Lawaisse van de gelijknamige beursvennootschap uit Kortrijk. “Ofwel proberen we ons eigen vermogen op te krikken tot 10 miljoen euro, wat niet makkelijk is, ofwel moeten we de clearing uitbesteden aan een General Clearing Member.” Dat zijn instellingen die een vergunning hebben om voor zichzelf en voor derden de clearing te doen. Verschillende grote banken – zoals KBC, Fortis en ING-BBL – hebben al de intentie geuit om General Clearing Member te worden.

Bernard Busschaert van Busschaert & co. vermoedt dat 80% à 90% van zijn collega’s die met dit probleem geconfronteerd worden, voor uitbesteding zullen opteren. Dat hoeft niet noodzakelijk voor een verhoging van de tarieven te zorgen. Walter Van Glabbeek van Van Glabbeek & co. uit Antwerpen: “We verwachten dat er toch een tiental instellingen de functie van General Clearing Member zullen uitoefenen. Dat zal voor voldoende concurrentie en dus ook redelijke prijzen zorgen.”

Twee beursvennootschappen die net onder de vereiste 10 miljoen euro zitten, De Buck & Cie en Dierickx, Leys & co., zijn van plan om het eigen vermogen op te tillen. Maar als zou blijken dat een General Clearing Member efficiënter is, zal De Buck niet aarzelen die activiteit uit te besteden. Dierickx, Leys & co. wacht nog even af wat het kost om Individual Clearing Member te worden. Euronext heeft nog geen prijzen bekendgemaakt, maar alleen al het lidmaatschap als ICM kost in Parijs bijna 1 miljoen frank. Dierickx rekent erop dat Euronext serieus in die prijzen zal snoeien.

Toch hoeven de kleine beursvennootschappen zich voorlopig geen zorgen te maken over hun toekomst. Ze concentreren zich op een nichemarkt waar de groten geen interesse voor hebben. Ze moeten dan wel meegaan met de snel evoluerende financiële markten en blijven investeren in informatica en logistiek.

Dirk Van Thuyne

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content