Slechts 75 uren heeft Eric Agten geschreven aan de misdaadroman Headlines (Houtekiet, 303 blz., 16,90 euro), zo bazuint hij rond. Doorgaans hechten we geen geloof aan dat puberale gepoch (geen student die lang hoeft te blokken), maar voor Agten maken we een uitzondering. Toegegeven, hij kan schrijven en zet sporadisch een behoorlijk spannende, bijwijlen ironische of gewoon boeiende passage neer, maar hij laat die vlotte vertelling overwoekeren door onkruid. Geregeld wordt hij uitleggerig...

Slechts 75 uren heeft Eric Agten geschreven aan de misdaadroman Headlines (Houtekiet, 303 blz., 16,90 euro), zo bazuint hij rond. Doorgaans hechten we geen geloof aan dat puberale gepoch (geen student die lang hoeft te blokken), maar voor Agten maken we een uitzondering. Toegegeven, hij kan schrijven en zet sporadisch een behoorlijk spannende, bijwijlen ironische of gewoon boeiende passage neer, maar hij laat die vlotte vertelling overwoekeren door onkruid. Geregeld wordt hij uitleggerig, dan weer zou een alinea zonder meer weg gewied kunnen worden. Her en der schreeuwt een alinea zelfs hartverscheurend om herschrijving. Bijzonder jammer, want zijn thriller heeft iets extra's: Agten gunt de lezer een blik in de keuken van Het Belang van Limburg. Zowat 17 jaar werkte hij er op diverse afdelingen, van de boekhouding tot de aankoopdienst en de lezersmarkt. Daarnaast freelancete hij als sportjournalist. Agten is op zijn best als hij met de nodige ironie een zielig personage neerzet ('typetje met debardeurke'), maar ook in die portrettering heeft hij het zich veel te gemakkelijk gemaakt. Verdorie, hier zat véél meer in. Tango (Manteau, 281 blz., 18,95 euro) is de veertiende thriller van het Brugse bestsellerfenomeen Pieter Aspe. De tweeling van commissaris Van In wordt ontvoerd door de Russische maffia, die stilaan de lakens uitdeelt in Knokke en Brugge. Nu eens zijn de politieke en maatschappelijke knipogen raak, dan weer voorspelbaar. De spanningsboog kromt zich vrij degelijk, maar wordt finaal beknot door te veel ongeloofwaardige wendingen. Aspe slaagt er wel in de aandacht vast te houden, wat al heel wat moeilijker ligt bij Tango mortale (Davidsfonds, 267 blz., 17,50 euro), de tweede misdaadroman van Stefaan Van Laere. De titel klinkt vrijwel gelijk, ook hier is sprake van een ontvoering en het boek lijdt aan dezelfde kwaal van ongeloofwaardigheid als die van Aspe, maar dan in overtreffende trap. Wellicht is de cd met tangomuziek bedoeld als troost. Hoe het dan wel moet? Voorlopig moeten we het bij vertalingen houden. Een sterk staaltje van hoe een verhaal geloofwaardig blijft dat al bij voorbaat in een karikatuur of een gewelddadige grandguignol dreigt te verzanden, vinden we in Bitter eind (Luitingh-Sijthoff, 367 blz., 18,95 euro). De paradijselijke natuur van Montana verbergt psychopaten, corrupte politie en andere helse toestanden. Alweer bewijst James Lee Burke met verve dat hij de moeilijke opdracht aankan. Ook Arturo Pérez-Reverte toont zich in De koningin van het zuiden (Fontein, 399 blz., 20 euro) een verteller pur sang met een vlot weglezend portret van een drugsbarones. Luc De Decker