Wietse heet de jongen. Hij meet nu al 1,86 meter en heeft schoenmaat 47. Is hij een rariteit, of wordt de Vlaamse jeugd almaar langer?
...

Wietse heet de jongen. Hij meet nu al 1,86 meter en heeft schoenmaat 47. Is hij een rariteit, of wordt de Vlaamse jeugd almaar langer? Onderzoek aan de Vrije Universiteit Brussel, onder leiding van professor Roland Hauspie, toont aan dat jongens in de voorbije tien jaar gemiddeld 1,5 centimeter groter zijn geworden. Bij meisjes bedroeg de lengtetoename 1,1 centimeter over dezelfde tijdspanne. Honderd jaar geleden waren mensen gemiddeld 10 tot 15 centimeter kleiner dan wij nu. Belgische kinderen worden gemiddeld drie tot vier centimeter groter dan hun ouders. Voor dertienjarige jongens ligt de huidige bovengrens waarbinnen 95 procent van de jongens passen al op 1,74 meter. Wie daarbovenuit steekt, is abnormaal groot. We worden dus almaar langer, maar die lengtegroei kan niet oneindig blijven doorgaan. Gelukkig maar. Op een bepaald moment bereikt de mens zijn biologische grens. Mochten we blijven groeien, dan zouden we daar op de duur te veel nadeel van ondervinden. Het ziet er trouwens naar uit dat we niet zo ver meer van die bovengrens verwijderd zijn, want uit onderzoek van de VUB blijkt dat de seculaire groei vertraagt. Jongeren worden overigens niet alleen langer, ook het lichaamsgewicht neemt toe. Per tien jaar kwam er bij meisjes 0,9 kilogram en bij jongens 1,2 kilogram bij. De verklaring daarvoor moeten we vooral zoeken in de steeds betere voeding. Maar ook onze goede gezondheidszorg mist haar effect niet: we vaccineren meer kinderen, er is een betere hygiëne en een ontwikkelingsachterstand wordt sneller gedetecteerd. Je kan zeggen dat een seculaire groei wijst op de positieve trend in de gezondheid van een bevolking. Hoe beter de voeding en de gezondheidszorg, hoe groter en zwaarder de mensen. Maar ook het omgekeerde geldt: in sommige landen worden mensen bijvoorbeeld weer kleiner. Er bestaat een verband tussen sociale status en lichaamslengte. Jongeren die aan de universiteit studeren, zijn gemiddeld langer dan hun leeftijdsgenoten. Wie in de jaren veertig van de vorige eeuw op de universiteit zat, was zo'n 5 centimeter langer dan de modale milicien. Dat verschil is vandaag kleiner, maar het bestaat nog steeds. Hoger opgeleide mensen bereiken sneller hun maximale lengte. Blijkbaar voeden mensen uit sociaal hogere klassen zich nog altijd beter en maken ze ook een beter gebruik van de gezondheidszorg. Moet onze openbare infrastructuur worden aangepast aan de toenemende groep lange mensen? Moeten we deuren hoger en bedden langer maken? In Nederland overwegen ze inderdaad om een aantal producten aan te passen. Kleine mensen kunnen namelijk ook door hoge deuren en slapen even goed in een groter bed. Voor stoelen en banken liggen de zaken echter moeilijker. Er is ook nog steeds een grote groep kleine mensen: grotere auto's of aangepaste schoolbanken brengen hen in de problemen. In de auto niet boven je stuur kunnen uitkijken, is ook maar niks. Marleen Finoulst