Een terugblik op 1996. Met positief nieuws : een greep uit de overnames die Belgische bedrijven in het buitenland deden. Tien belangrijke overnames. En omdat het een terugblik is, starten we bij de Z van Ziegler. ZIEGLER
...

Een terugblik op 1996. Met positief nieuws : een greep uit de overnames die Belgische bedrijven in het buitenland deden. Tien belangrijke overnames. En omdat het een terugblik is, starten we bij de Z van Ziegler. ZIEGLEROp 19 september 1996 nam de Belgische familiale groep Ziegler de Franse transporteur Rochais Bonnet over. Groep Ziegler bestaat in feite uit 56 juridisch los van elkaar staande transportondernemingen waarin de familie participeert. In Frankrijk haalde de Groep in 1995 een omzet van (omgerekend) 18,3 miljard frank. Met de overname van Rochais Bonnet (omzet : 1,5 miljard) versterkt Ziegler zijn positie in de top-5 van de Franse expediteurs. "1996 was een sleuteljaar voor onze strategie in Frankrijk," aldus woordvoerder Patrick Rosy. Tot de Franse tak van de Groep Ziegler behoren ook de transportondernemingen Ziegler France, Rivoire, Transco en Moiroud. De Groep Ziegler stelt internationaal 4500 mensen tewerk (800 daarvan bij de nv Ziegler in België) en heeft een omzet van 46 miljard frank. Hij is vooral actief in de Benelux, Frankrijk, Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland.Dat laatste land neemt een speciale plaats in voor de familie Ziegler. Zwitser Arthur-Joseph Ziegler, de Belgische vertegenwoordiger van een Duitse expediteur, hield Ziegler in 1908 boven de doopvont in Brussel. Pas na de Expo Tentoonstelling (1958) investeerde de familie zwaar in internationale vestigingen. Momenteel wordt het bedrijf geleid door de zonen van Arthur senior, Arthur en Robert. Ze hebben nog steeds de Zwitserse nationaliteit. Op 1 januari 1996 nam Ziegler overigens nog CET Distribution in Genève over. Ziegler wil niets prijsgeven over de kostprijs van de Franse of Zwitserse overnames. "De familie Ziegler maakt er een punt van om discreet om te springen met bedrijfsgegevens," aldus de woordvoerder.Vanuit België kan Ziegler bouwen aan een Europese strategie. "Het is een prachtige uitvalsbasis naar de rest van Europa," aldus Rosy. Ziegler nv in België (omzet : 5 miljard, nettowinst : 2,2 miljoen) is op zich (dus zonder de verbonden ondernemingen) de Belgische marktleider voor wegtransport en luchtcargo. De Groep Ziegler omzet : 15,5 miljard in België is in ons land ook actief in de maritieme sector, zoals het vervoer van conserven ( Louis De Bie), bulk ( Universal Express) en containers (de Antwerpse poot van Ziegler nv). De Groep werpt zich meer en meer op logistieke dienstverlening. "Het is een markt met een hoge toegevoegde waarde," aldus Rosy. "België kan zijn centrale positie en de uitstekende transportinfrastructuur in de weegschaal leggen." Overgenomen ondernemingen behouden meestal hun naam. "Dat versterkt onze positie," verklaart Rosy. "De mozaïek-strategie laat toe dat de verschillende eenheden binnen de groep hun marktaandelen versterken zonder dat dit al te veel opvalt. In Frankrijk zullen we misschien eerder werken onder de naam Ziegler, al was het maar omdat we er relatief kleiner zijn." UNIWEARDe Belgische beursgenoteerde holdingmaatschappij Uniwear (het vroegere Sogelec) zette dit jaar zijn strategie voort om zich te profileren als een niche-speler voor halfafgewerkte producten in de agro-industriële sector (leder en vlasgarens) : op 19 januari 1996 verwierf de Brusselse portefeuillemaatschappij, gecontroleerd door de Italiaanse financier Andrea Cattaneo della Volta, een controlemeerderheid van 37,96 % in de Britse beursgenoteerde textielfirma Pex plc (aan iets meer dan 4 pence per aandeel, vandaag schommelt de koers rond 8 pence). Het bedrijf is marktleider (12 %) in Groot-Brittannië in de productie van kindersokken en broekkousen (550 miljoen frank omzet). De overname kadert in de strategie van Uniwear om een coherente industriële holding uit te bouwen in een aantal uitgekozen sectoren. In maart '95 werd de Belgische nummer één op het vlak van natvlasspinnerij binnengehaald : Lys-Liève in Gent (een jaarcapaciteit van 1200 ton bij een omzet van 200 miljoen in '95). De overname van Lys-Liève (waarvan Uniwear inmiddels de volle 100 % bezit) kaderde in de strategie van de holding om zich als veredelaar van landbouwproducten te positioneren. De eerste acquisitie van de door de Italiaan in 1993 gekochte beursschelp was Rocke United in Nieuw Zeeland en later Australian Slinkskins ; deze leerlooierijen zijn gespecialiseerd in fijn lamsleder van dieren die een natuurlijke dood stierven. Connie Inc. in Delaware, het investeringsvehikel van Cattaneo, is nu met 24,32 % nog steeds de belangrijkste aandeelhouder van Uniwear. Daarnaast houdt het in Londen genoteerde Mackie International (de grootste machinebouwer voor vlasspinnerijen) 17,66 % aan, SCI (de familiale groep van Cattaneo) heeft een belang van 15 % en het Zwitsers-Panamese fonds Karma nog 13,10 % ; de resterende 29,21 % zijn onder het publiek verspreid. Over 1995 realiseerde Uniwear een geconsolideerde omzet van 353 miljoen frank bij een netto-groepswinst van 6,9 miljoen (tegen respectievelijk 10,3 miljoen in '94 en 31,3 miljoen het jaar voordien). Voor het eerste semester van '96 klom de groepsomzet tot 474 miljoen frank bij een nettowinst van 7,5 miljoen. Uniwear heeft een eigen vermogen van 700 miljoen frank. UCBOp 8 januari 1996 nam de Belgische chemiegroep UCB de cellofaan-activiteiten over van de Britse groep Courtaulds. Ook de verkoopsfilialen in Australië, Zuid-Afrika en Duitsland en de merknaam cellofaan zaten mee verpakt in de deal. De overnameprijs wil UCB pas bekendmaken met de publicatie van het jaarverslag (april '97). Londense analisten gingen uit van een bedrag van 15 miljoen pond (begin '96 circa 700 miljoen frank). Met de overname van de fabriek in Bridgewater (capaciteit 20.000 ton omzet 2 miljard frank) wordt UCB de enige fabrikant van cellulose in Europa. Het product gemaakt uit houtpulp wordt gebruikt voor de verpakking van voedingswaren. De overname liet UCB toe de productiekosten van cellulose te drukken en het toekomstpotentieel van het product volledig naar zich toe te halen. "Op de eerste plaats konden we dankzij de overname van de fabriek in Bridgewater de productie van cellulose met onze twee andere cellulosefabrieken in het Britse Wigton en het Spaanse Burgos coöordineren en specialiseren. Zo hebben we de kosten gevoelig kunnen drukken," zegt woordvoerder Alain Douxchamps van UCB. De overname kadert tevens in de toekomstmogelijkheden die UCB ziet in cellulose. "Het verschil met het concurrerende polypropyleenfilm UCB produceert die ook is dat cellulosefilm een natuurlijk afbreekbare folie is," zegt Douxchamps.Deze eigenschap maakt dat UCB voor het product een grotere markt ziet dan tot nu toe het geval was. "De vraag naar cellulosefilm zat de jongste 20 jaar in een dalende lijn maar die daling stabiliseert zich en we denken dat die positieve trend zich zal doorzetten. Bovendien zijn we naarstig op zoek naar nieuwe toepassingen van cellulose in de industrie. En die zijn er naar ons gevoel zeker. In de milieusector werken we daar nu concreet aan, maar het is nog te vroeg om daar details over te geven," meldt Douxchamps.SPECTORVoor Spector, de fotofinishing groep uit Wetteren, volgden de evenementen elkaar ook dit jaar weer in snel tempo op. Twee blitse overnames maakten van Spector een reus : de omzet schiet omhoog van om en bij de 8 miljard frank naar diep in de dertig miljard. Om die "kwantumsprong" te verteren, werd per 17 september een kapitaalsverhoging doorgevoerd van 2,75 miljard. Op 16 augustus mocht topman Johan Mussche de blijde intrede melden van het Zwitserse beursgenoteerde Interdiscount. Voor Spector betekent het een vrij strategisch maneuver, en dit om twee redenen. Eén : via Interdiscount France (138 Franse winkels) houdt Spector de hand aan de pols van de markt. Bovendien is er een synergie met de eigen Spector-labo's in Frankrijk. Twee : via Interdiscount doet Spector ook zijn intrede in Duitsland en Oost-Europa (Hongarije), waar zowel winkels als labo's nu tot het eigen patrimonium behoren. Op 6 september, drie weken na de feiten, gaf Johan Mussche commentaar op het akkoord. "We hebben een superdeal afgesloten," heette het fier. Hij maakte ook melding van "een aap in de mouw". In de deal met Interdiscount schuilde ook een verborgen schat : de hele PhotoHall-winkelketen op Belgisch grondgebied verhuisde mee naar Wetteren. De inkt over Interdiscount was nog maar net opgedroogd, of er werd op 22 november een nieuwe mega-deal aangekondigd : alle Europese fotopostorderactiviteiten van het Amerikaanse Nashua kregen een "Vlaams etiket". Deze stap "in het bekende" (Spector deed in die niche al ruim ervaring op in Frankrijk, Zwitserland en Scandinavië) betekent alweer nieuwe business in Frankrijk, België, Nederland en (voor het eerst) Spanje. Voor het Belgisch-Amerikaans akkoord werd 5 miljoen dollar over tafel geschoven, ruim 150 miljoen frank. Veel geld ? Voor Johan Mussche is het strategisch bekeken een oververantwoorde stap. Spector zoekt immers een directe relatie met de consument. Mailorder past perfect in dat plaatje. "We weten dat we daar goed in zijn," zegt Johan Mussche fijntjes. SOLVAYIn de chemiesector is traditioneel Solvay vorig jaar zeer actief geweest op de overnamemarkt. De geconsolideerde omzet van deze Belgische Reus bedraagt 270 miljard frank. De farmaceutische groep telt 38.800 werknemers wereldwijd en is actief in 41 landen en vijf sectoren (alkaliën, peroxide-producten, kunststoffen, kunststofverwerking en gezondheid). Cijfers over acquisities worden niet meegedeeld, aldus de woordvoerder. Wél namen. Op 9 februari '96 verwierf het Solvay van Daniël Janssen een meerderheidsaandeel in Petroquimicos de Inversion, een volledig door Dow en YPF gecontroleerde holding die de Argentijnse plasticproducent Indupa bezit. Hiermee hoopt de multinational tegemoet te komen aan de stijgende vraag naar PVC en bijtende soda in Zuid-Amerika. Ter versteviging van zijn positie als leverancier voor de Duitse auto-industrie kocht Solvay op 11 maart '96 Helphos, dochter van Deutsche Linoleum Werke. Dit bedrijf uit Bad Harzburg (omzet van 1,6 miljard frank in '95) vervaardigt folies. Helphos is de eerste stap op weg naar de uitbouw van een centrum, gespecialiseerd in spuitgiet-smeltkerntechniek. Ook kocht de groep diezelfde maand een deelneming in de Italiaanse producent van brandstoftanks Safiplast. Voorts nam Solvay op 1 april '96 de fluorkoolwaterstof-afdelingen van de Duitse chemiegroep Hoechst in Frankfurt/Main en Tarragona (Spanje) over. Hiermee verruimt de chemiegroep haar aanbod van fluorproducten goed voor een totale omzet van bijna 7,5 miljard frank en neemt zij een belangrijke plaats op de markt van koelsystemen in. Tenslotte breidde Solvay haar divisie Menselijke Gezondheid op 23 mei '96 uit met de aanschaf van Canlac Corporation, een lactulosefabriek uit Canada. Dit product goed voor drie miljard frank is vooral nuttig bij de behandeling van constipatie en hepatische coma. Hierdoor verwerft de groep een nieuwe technologie op basis van melkwei, een reststof bij de vervaardiging van kaas. REYNAERS INTERNATIONALAls een perfect getimede nieuwjaarswens viel begin januari 1996 het persbericht binnen : het Duffelse Reynaers International betaalt 420 miljoen frank voor Alunion, de aluminiumspecialist van de Franse groep Pechiney. Alunion behoort tot de divisie Pechiney Bâtiment en ontwikkelt en verkoopt aluminiumsystemen voor buitenschrijnwerk en telt 170 werknemers. "Deze acquisitie kan tellen, maar wij denken niet dat we te veel hooi op onze vork nemen," zegt gedelegeerd bestuurder Martine Reynaers wanneer eind januari 1996 de overname officieel wordt. "Wij kennen onze stiel en Alunion doet eigenlijk precies hetzelfde als wij. Onze groep heeft trouwens al heel wat ervaring op de Franse markt," verduidelijkt Martine Reynaers die dagen. Dan al maakt ze duidelijk dat het haar bedoeling is de Franse Reynaers-dochter Reynaers sarl, actief vanuit Epinay-sous-Senart en Bordeaux, te versmelten met Alunion. Het "nieuwe" bedrijf luistert vandaag naar de naam Reynaers Alunion en opereert vanuit Faremoutiers. Waarom Alunion wordt overgenomen, verheelt Martine Reynaers begin dit jaar al evenmin : "We willen onze jaarlijkse expansie van 10 tot 15 procent voortzetten en zoeken daarom naar opportuniteiten op grote markten. Alunion is een voorbeeld van zo'n opportuniteit."Op het einde van 1996 blijkt dat Reynaers met de Alunion-overname juist gemikt heeft. Werd in 1995 door het Franse dochterbedrijf op de Franse markt een omzet gehaald van 50 miljoen Franse frank, dan wordt door de nieuwe entiteit in 1996 250 miljoen Franse frank omzet gerealiseerd. Voor 1997 mikt Martine Reynaers op een omzet van 275 miljoen Franse frank. De Franse dochter springt zo mee op de trein van de hele Reynaers-groep : die realiseerde in 1995 met 440 medewerkers een omzet van 3,9 miljard Belgische frank en mikt voor dit jaar, met 550 medewerkers, op 5 miljard frank omzet.LHOISTDe Waalse groep Lhoist, producent van kalk, heeft het woord communicatie niet zijn woordenboek staan. De omvangrijke groep in de 42 vestigingen werken wereldwijd zo'n 5000 personen is zeer zwijgzaam. Als er buitenlandse overnames bekendgeraken, gebeurt dat steeds via de target van een Lhoist-overname. We hadden graag details verkregen van het publieke bod op de beursgenoteerde Deense concurrent Faxe Kalk door Lhoist (de definitieve overname gebeurde op 20 juni 1996), maar de projectverantwoordelijke van Lhoist wil enkel kwijt dat het bedrijf "complementariteit zocht tussen verschillende productgroepen". Volgens het Deense dagblad Berlingske Tidende zou Lhoist wereldmarktleider in de kalkproductie de minderheidsaandeelhouders (die 7 % van Faxe Kalke in handen hadden) 1640 kroon per aandeel hebben betaald. Omgerekend betekent dit dat Lhoist 1 miljard kroon (5,3 miljard frank) veil had voor Faxe Kalke. Faxe Kalke boekte in 1995 een omzet van 650 miljoen kroon (bijna 3,5 miljard frank) en een winst van 40 miljoen kroon. Begin december 1996 raakte bekend dat Lhoist een participatie van 66,7 % heeft genomen in de kalkfabriek ZPW, gelegen in het Poolse Bukowa. Lhoist weigert elke commentaar over de overname, maar volgens het Poolse persagentschap PAP zal ZPW een nieuwe productie-eenheid opzetten voor de Scandinavische papierindustrie. Kostprijs : (omgerekend) 760 miljoen frank. Groep Lhoist, die geen geconsolideerde cijfers prijsgeeft haalde in 1995 een omzet van 1,3 miljard frank en een nettowinst van 15 miljoen. Het bedrijf is in familiale handen.LERNOUT & HAUSPIE SPEECH PRODUCTSMet de komst van de Vlaamse "Amerikaan" Gaston Bastiaens (49j.) een ex-topkader van Philips, Apple en Quarterdeck lijkt de Ieperse spraakspecialist Lernout & Hauspie Speech Products ( LHSP) resoluut op het overnamepad te zijn overgestapt. Enkele maanden terug werd het Brusselse vertaalbedrijf Mendez Translations (voor 525 miljoen frank) ingepalmd, waarmee LHSP zijn omzet voor dit jaar in één klap met meer dan 450 miljoen frank omhoogduwt. Enkele weken later maakte het duo Jo Lernout (48j.) en Pol Hauspie (44j.) bekend op drie bijkomende vertaalbureaus in Spanje, Duitsland en Italië te azen. En eind november volgde de (voorlopige ?) klap op de vuurpijl met de overname van het Amerikaanse Berkeley Speech Technologies : een bedrijf met 150 miljoen frank omzet en 40 % operationele winst. Kostprijs : een slordige 480 miljoen frank. Waarom ligt LHSP zo op vinkenslag ? Een blik op het derde kwartaalverslag legt één en ander uit. Daar werden inkomsten gerapporteerd van 7,25 miljoen dollar (of 27 % meer dan in het tweede kwartaal van '96). Het leeuwendeel daarvan was afkomstig van een éénmalige licentievergoeding van de nv Dictation Consortium opgestart op initiatief van LHSP om dicteersoftware te ontwikkelen en te commercialiseren. De rest pakweg 1,48 miljoen dollar was een "bijdrage" van het recent overgenomen Mendez. De markt voor spraaktoepassingen (zowel tekst-naar-spraak, spraakherkenning als spraakcompressie) levert LHSP voorlopig nog niet een regelmatige inkomstenstroom op nl. royalties uit licenties, door commerciële verkoop. Dus moeten andere cashbronnen aangeboord worden. Bijvoorbeeld de voorschotten uit licentieverkoop of, jawel, overnames. En om die koopdrift te financieren, gaf LHSP onlangs een converteerbare obligatielening in de VS uit van 27 miljoen dollar. Daarnaast werd onderhandeld met de banken om de kredietlijn op te krikken van 7 naar 17 miljoen dollar. De vrij sobere koersnotering van het aandeel LHSP op de Nasdaq al wekenlang op of onder de 20 dollar (terwijl in mei een piek van 50 dollar werd gehaald) biedt het bedrijf voorlopig weinig hefboomeffect om zijn overnames (gedeeltelijk) met aandelen te financieren. Uitkijken dus hoe de appetijt van de Nasdaq-belegger voor het aandeel verder evolueert. CREYF'S INTERIMCreyf's nam per 1 oktober het Nederlandse Forester bv over. Forester overkoepelt Uitzendbureau Van Den Boom en het selectiebureau Van Den Boom Select. "De prijs blijft confidentieel, maar is wel substantieel," zegt Michel Van Hemele, bestuurder en voorzitter van het managementcomité van Creyf's. Met deze overname doet het grootste Belgische uitzendbedrijf, de nummer drie van de markt, zijn intrede in het mekka van de uitzendmarkt : Nederland. Uitzendbureau Van Den Boom realiseert een omzet van 330 miljoen frank en is een rendabel bedrijf (6,3 % bruto-rendement). Het is alleen actief in Brabant de provincie van Eindhoven, Tilburg en Breda en is daar een gekende naam met een marktaandeel van 4 à 5 %. "We zullen nu in een sneller tempo ons vestigingennetwerk kunnen uitbreiden," zegt Gé Geurts, algemeen directeur van Uitzendbureau Van Den Boom. De overname past in de Euroregiostrategie van Creyf's. Het uitzendkantoor wil sterk staan in Noord-Frankrijk, Benelux en het westen van Duitsland. Daartoe heeft het vorig jaar ook het Noord-Franse Pro Consultant overgenomen (1,1 miljard frank omzet, 30 agentschappen en marktleider in Noord- en Oost-Frankrijk). Pro Consultant heeft op zijn beurt in mei van dit jaar SFI ( Société Française d'Interim) en haar zusterfirma SFB in België verworven. SFI en SFB zijn goed voor 930 miljoen frank omzet. In juni werd Assistance Intérimaire, een klein kantoor in Straatsburg (160 miljoen frank), overgenomen. Dat zorgt samen met het vorig jaar overgenomen Luxemburgse Lux Conseil International voor een opening naar Duitsland. Creyf's groeit dit jaar door naar een omzet van 9 miljard frank (in '95 werd afgeklokt op 7,67 miljard). Alle overnames werden cash betaald. "We lopen een marathon en we zijn nog niet in de helft," waarschuwt Michel Van Hemele. "Het einddoel is niet de Euroregio. We stellen echter haalbare objectieven, we willen niet over onze voeten struikelen. De volgende stap zullen de snelgroeiende landen zoals Spanje en het Verenigd Koninkrijk zijn. Maar dat is niet voor morgen."COLRUYTBegin dit jaar nam Colruyt het Franse Ripotot over, voor een niet nader gespecificeerd bedrag. Dit was de eerste buitenlandse acquisitie van Belgiës snelst groeiende distributiegroep (groepsomzet voor het boekjaar 1995-'96 : 59,5 miljard frank). De overname was niet een resultaat van het grijpen van een opportuniteit, wel van het uitvoeren van een doelbewuste strategie. Zegt gedelegeerd bestuurder René De Wit : "Vier jaar geleden hebben we ons bezonnen over hoe te groeien. We hebben toen besloten om niet te diversifiëren en vast te houden aan de schoenmaker-blijf-bij-uw-leest-filosofie." De acquisitie van Droomland in '94 (een kleine keten van speelgoedsupermarkten zie ook Trends 5 december '96) was een eerste stap. Eind '94 volgde een minderheidsbelang in het distributiesegment van de Portugese Sonae-groep. In februari van dit jaar was er de overname van Ripotot. Ripotot is actief in het oosten van Frankrijk. In de streek van Besançon, Colmar, Thionville, Troye, Lyon, Dijon is de groep aanwezig met 38 supermarkten onder de naam Coccinelle en 11 cash & carry's onder de naam Codi-Cash, die respectievelijk voor 50 % en 15 % van de groepsomzet (4 miljard Belgische frank) tekenen. De rest wordt gerealiseerd via "aangeslotenen" en rechtstreekse leveringen aan collectiviteiten. Colruyt werkt momenteel hard aan het hertekenen en herpositioneren van de supermarkten naar een Colruyt à la française. "We doen dit met de lokale partners," aldus De Wit, die erop wijst dat de tewerkstelling (650) en de directie is behouden doch versterkt met twee Colruyt-mensen. "De motivatie achter onze buitenlandse expansie is het geloof in ons concept : grote keuze, laagste prijzen, kwaliteitsgoederen, vriendelijk personeel en sobere omgeving. Dit bestaat niet bij onze buurlanden." Een eerste buitenlandse stap in de hexagoon lijkt De Wit logisch. "Frankrijk ligt dichtbij, ook qua taal en cultuur. Qua distributiecultuur liggen de Fransen véél dichter bij ons dan de Nederlanders, waar de eetgewoonten totaal anders zijn. Dan spreek ik nog niet over Duitsland. Ook qua wetgeving sluiten België en Frankrijk nauw aan, beide landen baseren zich op de code Napoleon." De Wit wil ook nog kwijt dat Colruyt bewust heeft geopteerd voor een overname. "Uit een studie bleek dat het uitbouwen van Colruyt in het buitenland van nul af aan meer risico's inhoudt én duurder uitkomt dan een acquisitie."GROEP ZIEGLER (TRANSPORT) 1996 was een sleuteljaar voor de expansie in Frankrijk.YVES DE POORTER (UNIWEAR) Nichemarkten in de ledersector en vlasgarens.UCB Overname van waarschijnlijk 700 miljoen frank.JOHAN MUSSCHE (SPECTOR) Twee superdeals in '96.DANIEL JANSSEN (SOLVAY) Zeer actief geweest op de overnamemarkt.MARTINE REYNAERS (REYNAERS INTERNATIONAL) Overname in Frankrijk catapulteert omzet.POL HAUSPIE EN JO LERNOUT (LERNOUT & HAUSPIE SPEECH PRODUCTS) Overnames moeten geld in het laatje brengen.MICHEL VAN HEMELE (CREYF'S INTERIM) Twee overnames kaderen in Euroregiostrategie.RENE DE WIT (COLRUYT) Ripotot in Frankrijk is eerste buitenlandse overname.