Technip beheerste eind vorig jaar nog het financiële nieuws met een bod van 1,47 miljard EUR op zijn sectorgenoot CGG. Dat bod trok Technip later weer in. Het was een reactie op het bod van Halliburton op Baker Hughes. Technip wilde duidelijk uitgroeien tot de Europese consolidator in de sector. Bij het begin van de zomer zat Technip weer even vooraan het financiële nieuws, maar dan om een minder fraaie reden. De koers kreeg een dreun na de aankondiging van een nieuw herstructureringsplan, waarmee de groep zich schrap zette voor een langdurige mindere periode voor de oliedienstenindustrie. Liefst 6000 banen werden geschrapt (16 % van personeel) en een herstructureringskostprijs van 650 miljoen EUR werd ten laste genomen. Tegen 2017 wil de groep voor 830 miljoen EUR structureel kosten besparen.

Technip is nochtans een toonaangevende speler met belangrijke troefkaarten. Een eerste troefkaart is het brede activiteitenterrein. Technip heeft vooreerst een Offshore/Onshore-afdeling, waar het eerste gaat om de installatie van boorplatforms op zee en het tweede hoofdzakelijk op LNG en schaliegas. Maar daarnaast is er ook een afdeling Subsea en die slaat op flexibele pijpleidingen. Bijna alle nationale en internationale olie- en gasreuzen behoren tot het klantenbestand van het Franse oliedienstenbedrijf (Exxon Mobil, Total, BP, Petrobras). Een tweede troefkaart is de wereldwijde aanwezigheid. Technip is actief op alle continenten en dit al decennialang.

De resultaten voor het derde kwartaal waren erg solide en leverden dan ook een positieve koersreactie op. De groepsomzet bedroeg 3,1 miljard EUR (evenwichtig gespreid over 1,55 miljard Offshore/Onshore en 1,55 miljard Subsea). Dat is een toename met 10 % tegenover dezelfde periode van 2014. De aangepaste bedrijfswinst (ebit) herstelde spectaculair met 21 % (van 241 naar 292 miljoen EUR) of een toename van de ebit-marge van 8,5 naar 9,4 % op groepsniveau, met 4,8 % voor Offshore/Onshore en 19,5 % voor Subsea. Geruststellend is dat orderboek hoog blijft met 17,5 miljard EUR, al staan we wel een stuk onder het niveau van een jaar geleden (2,2 miljard EUR op 30 september van vorig jaar). Dat stevige orderboek liet de oliedienstengroep nog toe het dividend voor boekjaar 2014 met 8 % op te krikken, tot 2 EUR bruto per aandeel.

Naar aanleiding van de derdekwartaalresultaten werden de omzetverwachtingen voor 2015 voor beide afdelingen verhoogd; voor Subsea werd een omzet van 5,2 tot 5,5 miljard EUR opgetrokken tot minstens 5,5 miljard EUR en voor Offshore/Onshore van circa 6 miljard naar meer dan 6 miljard EUR. Maar het margeverschil blijft groot, met 15 à 15,5 % verwachte ebit-marge voor Subsea en slechts een marge tussen 3 en 4 % voor Offshore/Onshore. Tegen 11 keer de verwachte winst voor 2016 en minder dan 4 keer de verhouding tussen de ondernemingswaarde (ev) en de bedrijfskasstroom (ebitda) is het aandeel goedkoop. Voor Offshore/Onshore blijft het wel werken in moeilijke marktomstandigheden. ?

Conclusie

We beschouwen Technip als superieure kwaliteit binnen de oliedienstensector, maar de marktomstandigheden zitten natuurlijk nadrukkelijk tegen. Het is dus duidelijk dat het positieve advies steunt op een beleggingshorizon van op zijn minst enkele jaren.

Advies: koopwaardig

Risico: gemiddeld

Rating: 1B