Het succes van de tentoonstelling van Henry Moore in het Antwerpse Middelheim kan het publiek er misschien toe aanzetten om ook andere Britse beeldhouwers te ontdekken. Want Moore heeft de meeste faam maar is zeker niet de enige "grote". Sinds de jaren zestig staan ze aan de overzijde van het Kanaal te trappelen. De British Council, de instantie die het cultureel patrimonium officieel moet herwaarderen, heeft dit maar al te goed begrepen. Na Moore kwamen er Anthony Caro (die ...

Het succes van de tentoonstelling van Henry Moore in het Antwerpse Middelheim kan het publiek er misschien toe aanzetten om ook andere Britse beeldhouwers te ontdekken. Want Moore heeft de meeste faam maar is zeker niet de enige "grote". Sinds de jaren zestig staan ze aan de overzijde van het Kanaal te trappelen. De British Council, de instantie die het cultureel patrimonium officieel moet herwaarderen, heeft dit maar al te goed begrepen. Na Moore kwamen er Anthony Caro (die nog Moores assistent is geweest en die momenteel in Venetië exposeert), David Nash, Tony Cragg, Richard Deacon, Barry Flanagan, Antony Gormley, Anish Kapoor en vele anderen. Al deze artiesten hebben ingang gevonden in de collectie van de British Council. Zoals voor elke collectie geldt ook hier dat sommige werken sterker zijn dan andere. Ook al ontbreekt er nog werk van andere kunstenaars, deze actuele tentoonstelling in het Musée de Valanciennes, een boogscheut voorbij de Franse grens, biedt een knap overzicht van de typisch Britse tendensen in de beeldhouwkunst van 1965 tot nu. Ze bevat werk van meer dan dertig kunstenaars. Soms verbijsterende sculpturen met vrolijke kleuren (zoals de totem in aluminium van popicoon Eduardo Paolozzi), of ronduit ironische beelden (de muziekfan die op een stapel 33-toerenplaten zit, werk van David Mach) toeven hier nu in de nabijheid van klassiekers als Bosch en Rubens uit de vaste collectie. Deze contrasten zorgen voor een aangename verrassing. De collectie van de British Council weerspiegelt een aantal hedendaagse stromingen, ook al is elke beeldhouwer maar door een of twee creaties vertegenwoordigd - waardoor het soms moeilijk is een oordeel te vellen. Recyclage van materialen is een concept dat duidelijk in is, en daadwerkelijk door velen wordt toegepast. Bij sommigen, zoals Ian Hamilton Pinlay, resulteert dat in plastisch werk met een sterk poëtische inslag. Barry Flanagan en anderen kneden het brons met kinderlijke gedrevenheid alsof ze met plasticine werken. Anish Kapoor, Philipp King, William Tucker voelen zich meer aangetrokken door het abstacte. De twee kunstenaars die ons het meest aanspreken, integreren de brokken natuur - de steen en het hout waarin ze werken - in onze alledaagse wereld: Richard Long verwijst met lijnen en cirkels naar de antieke mythologie, David Nash assembleert stukken verkapt hout. Beiden linken hun werk aan het milieu. En dat reikt verder dan de mode van één seizoen.Musée des Beaux-Arts, boulevard Watteau in Valenciennes. Tot 6 september, van 10 tot 18 uur. Tel.: 0033-3.27.22.57.20.Alain Delaunois