In 'Het Bernini Mysterie' van succesauteur Dan Brown wordt CERN, het onderzoekscentrum met hoofdzetel in Genève, afgebeeld als een schimmig oord waarin niet wordt gekeken op een moord meer of minder. Wat alvast klopt van dat obscure beeld - hopelijk het enige- is dat er weinig openheid bestaat over de regionale verdeling van de economische return voor België.
...

In 'Het Bernini Mysterie' van succesauteur Dan Brown wordt CERN, het onderzoekscentrum met hoofdzetel in Genève, afgebeeld als een schimmig oord waarin niet wordt gekeken op een moord meer of minder. Wat alvast klopt van dat obscure beeld - hopelijk het enige- is dat er weinig openheid bestaat over de regionale verdeling van de economische return voor België. Dat vindt toch de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid (VRWB), die een advies formuleerde aan Vlaams minister van Wetenschap Fientje Moerman. België kreeg in de periode 2002-2005 gemiddeld meer terug van CERN dan het aan lidgelden betaalde. Maar, volgens een schatting van Voka, kreeg Vlaanderen in de periode 1999-2003 tussen 0,17 % en 1,85 % van de directe industriële return. Wallonië haalt - één jaar niet meegerekend - tussen 43,67 % en 69,3 % van de return. Brussel rijft tussen 30 % en 91 % binnen. In de schatting is overigens alleen sprake van directe economische return: bestellingen en diensten, geleverd aan CERN. Moeilijker kwantificeerbaar is de return uit bestellingen door onderzoeksgroepen die een project aan CERN hebben lopen; de onrechtstreekse industriële steun. Voka geeft toe dat de studie gebaseerd is op een vrij ruwe methodologie, waarbij de plaats van de gecreëerde werkgelegenheid als maatstaf werd genomen. "Maar," merkt de organisatie op, "dat komt ook omdat CERN niet happig is om die gegevens mee te delen."Op het kabinet van Fientje Moerman stelt men vast dat er minder interesse is bij Vlaamse bedrijven, wat dan ook resulteert in minder voorstellen en minder contracten. De VRWB pleit ervoor om voor het wetenschappelijke gebruik van de infra-structuren geen intra-Belgische verdeelsleutel te hanteren, omdat de toekenning voornamelijk gebeurt op de kwaliteit van de ingediende projecten. Daarbij wijst de raad er wel op dat door de halvering van onderzoeksmiddelen van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) tijdens de laatste tien jaar er mee voor heeft gezorgd dat de positie van Vlaamse onderzoekers aan CERN sterk is achteruitgegaan. Minister Moerman pareert: "Voor 2006 bedroeg het FWO-budget voor de financiering van Vlaamse onderzoeksprojecten 750.000 euro, voor dit jaar staat er 1,5 miljoen euro op en ook volgend jaar willen we dat nog optrekken." Om de economische return te verbeteren, adviseert de raad om een efficiënt forum op te zetten zodat een actieve politiek van informatiedoorstroming en -uitwisseling mogelijk wordt. WWW.TRENDS.BE Het VRWB-rapportL.H.