We willen de meerkosten van de vergrijzing kunnen betalen en we willen de opwarming van de aarde afremmen. Prima. Daarom willen we meer mensen aan het werk en minder CO2 in de lucht. Uitstekend. Waarom voeren we dan een door Steve Stevaert geïnspireerd mobiliteitsbeleid dat precies tot het tegenovergestelde leidt?
...

We willen de meerkosten van de vergrijzing kunnen betalen en we willen de opwarming van de aarde afremmen. Prima. Daarom willen we meer mensen aan het werk en minder CO2 in de lucht. Uitstekend. Waarom voeren we dan een door Steve Stevaert geïnspireerd mobiliteitsbeleid dat precies tot het tegenovergestelde leidt? Gratis of zwaar gesubsidieerd openbaar vervoer lokt per saldo méér en vaak nodeloze verplaatsingen uit en blaast dus meer CO2 in de lucht. De energie-intensieve industrie mag zich intussen dubbel plooien om de uitstoot te beperken. Elke extra bus van De Lijn die de standplaats uitrijdt, kan weer eens een bedrijf naar andere oorden jagen. Het gratisbeleid verschuift ook de factuur van verbruiker naar belastingbetaler, volgens het principe: hoe meer u verdient (werkt), hoe meer u bijdraagt. Gratis woon-werkverkeer met de trein kost ons weer een pak jobs, omdat de miljarden die de overheid elk jaar besteedt aan de NMBS, de budgettaire ruimte beperkt om belastingen op arbeid te verlagen. Dat schrijft ook de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) in haar jongste rapport over België. Al herverdelende, maakt Stevaert van de doelstellingen van Kyoto en Lissabon nog grotere luchtkastelen. Terwijl misschien juist onze kinderen, gepensioneerden en werklozen er het meeste baat bij hebben dat we zo snel en goedkoop mogelijk arriveren in Lissabon en Kyoto. Openbaar vervoer moet dus duurder, maar ook uw autorit kan de dans niet ontspringen. Integendeel, ook hier worden niet alle kosten doorgerekend aan de gebruiker en vooral de files zijn een ramp voor milieu en economie. U voelt die maatschappelijke ramp echter te weinig in de portemonnee en wordt dus onvoldoende gemotiveerd om daar wat aan te doen. Gelukkig stijgt de olieprijs om onze excessieve mobiliteit wat in te dammen. De opbrengst van die hogere brandstoffactuur verdwijnt helaas in de zakken van oliesjeiks en totalitaire regimes. Zij hebben die hoge olieprijzen trouwens absoluut nodig om de sociale onrust in hun landen te beperken. In Saudi-Arabië is de bevolking in aantal verdubbeld de voorbije 25 jaar en is het inkomen per hoofd gedaald van 22.000 dollar in 1980 naar 4000 dollar vorig jaar. Hoe lang nog overleeft het koningshuis, dat baadt in excessieve rijkdom, het spanningsveld met een verarmende bevolking? Geen wonder dat de Saudische olieminister Ali al-Naimi geen graten ziet in een olieprijs van 40 tot 50 dollar per vat. Verwacht dus niet dat de Opec de oliekraan fors opendraait, ook al riskeert de organisatie van olie-exporterende landen haar afzetmarkt kapot te maken. De sjeiks hebben geluk dat de Amerikanen en Chinezen zich niks aantrekken van Kyoto en, als klein extraatje, dat de bussen in Vlaanderen vrolijk en gratis rondrijden. Veel beter dan een sjeikbelasting is een duurder openbaar vervoer én een hogere belasting op brandstoffen. De opbrengst van die belasting blijft in de eigen economie. Nog beter is rekeningrijden, omdat op die manier het peperdure fileprobleem heel precies kan worden geviseerd. Eén voorwaarde wel: gebruik deze opbrengsten om de lasten op arbeid verder te verlagen. Dan wordt werken beloond en de CO2-uitstoot afgeremd. Dat is toch wat we willen, niet? Daan Killemaes