Elektriciteitsproducent SPE stuurt dezer dagen een brief naar (onder meer) de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas ( Creg). Daarin beklaagt de producent zich erover dat Electrabel weigert de historische banden met SPE door te knippen. Een citaat uit de brief: "SPE is op dit ogenblik niet in staat om de concurrentie in België te laten spelen op een ogenblik dat er commerciële mogelijkheden zijn dankzij de opening van de markt. Behalve het feit dat de liberalisering wordt vertraagd, loopt SPE scha...

Elektriciteitsproducent SPE stuurt dezer dagen een brief naar (onder meer) de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas ( Creg). Daarin beklaagt de producent zich erover dat Electrabel weigert de historische banden met SPE door te knippen. Een citaat uit de brief: "SPE is op dit ogenblik niet in staat om de concurrentie in België te laten spelen op een ogenblik dat er commerciële mogelijkheden zijn dankzij de opening van de markt. Behalve het feit dat de liberalisering wordt vertraagd, loopt SPE schade op in zijn eigen ontwikkeling." Levert dit drukkingmiddel niets op, dat zal SPE verdere stappen ondernemen. Electrabel annexeerde SPE in 1995. De beide elektriciteitsproducenten verzamelden alle productiemiddelen en transmissiecapaciteit in de joint venture CPTE. SPE kreeg 8,5% van de aandelen van CPTE, Electrabel 91,5% van de aandelen en de volledige controle over CPTE. Electrabel versterkte op die manier zijn quasi-productiemonopolie op de Belgische elektriciteitsmarkt. Dat monopolie is in een vrijgemaakte elektriciteitsmarkt een strategisch voordeel, omdat concurrenten (dure) buitenlandse stroom moeten invoeren als ze hier elektriciteit willen verkopen. De Creg ijvert voor een onafhankelijk SPE, in een poging de marktwerking enigszins op gang te trekken. Enkele jaren geleden zagen de aandeelhouders van SPE (met een resem gemeenten als hoofdaandeelhouders) het strategisch belang en de meerwaarde van een onafhankelijk SPE in, en wilden weg uit de armen van Electrabel. De aandeelhouders verkochten intussen al 10% van SPE aan Electricité de France ( EdF), met een optie tot 49% zodra SPE op eigen benen zou staan. Na een jaar van onderhandelen waren de scheidingspapieren tussen Electrabel en SPE afgelopen zomer op een paar punten en komma's na uitgewerkt, maar in het najaar bevroor Electrabel de onderhandelingen. De reden: de Raad voor de Mededinging verwees een strategische deal tussen Electrabel en de gemeenten (waarbij Electrabel en de gemeenten hun belangen in de gemengde intercommunales herverdelen) naar de prullenmand, omdat de deal de al dominante positie van Electrabel op de markt nog gevoelig versterkte. Electrabel wil SPE nu als pasmunt gebruiken in de onderhandelingen met de Raad: als de Raad de deal met de gemeenten goedkeurt, dan laat Electrabel als geste SPE los. Maar intussen raakt het geduld van SPE op, omdat op 1 juli 2003 de hele elektriciteitsmarkt in Vlaanderen vrij wordt. Volgens de conventie van 1995 kan SPE immers geen directe klanten werven op de markt, en moet het teren op zijn historische klantenportefeuille. Wil SPE zijn mannetje staan in een vrijgemaakte markt, dan moet het zo snel mogelijk en zeker vóór 1 juli af van het juk van Electrabel. De tandem SPE-EdF heeft de ambitie een marktaandeel van ruim 10% op te bouwen op de Belgische elektriciteitsmarkt. D.K. [{ssquf}]Wil SPE zijn mannetje staan in een vrijgemaakte markt, dan moet het zeker vóór 1 juli af van het juk van Electrabel.