"Neen," zegt Nederlander Gert Snel, gedelegeerd bestuurder van G. Snel Belgium, in zijn splinternieuw kantoor in het Nederlands-Limburgse Weert. "We keren niet back to the Dutch roots. Dat deze investering in Nederland gebeurt, is puur toeval."
...

"Neen," zegt Nederlander Gert Snel, gedelegeerd bestuurder van G. Snel Belgium, in zijn splinternieuw kantoor in het Nederlands-Limburgse Weert. "We keren niet back to the Dutch roots. Dat deze investering in Nederland gebeurt, is puur toeval." 1998 is een sleuteljaar voor G. Snel Belgium. Met een omzetstijging van 60% haalt de onderneming dit jaar de kaap van 1 miljard frank. Dit is onder meer een gevolg van de investering van 360 miljoen in het Weertse Waterfront bv, de 100%-dochter die het distributiecentrum wordt van Spadel Nederland. Toen het einde mei op volle capaciteit kon draaien, werd het officieel geopend. Hiermee wordt G. Snel Belgium groter dan zijn vroegere Nederlandse moedermaatschappij Snel bv, die verleden jaar een omzet haalde van 35 miljoen gulden. De familie Snel, sinds 1809 in de vervoersector actief (eerst in kolen, stro en veevoeders), verkocht in 1989 haar aandelen aan de Britse groep Hogg-Robinson. De Vlaamse dochter met zetel in Deinze, sinds 1984 het transportcentrum voor de Gentse Coca-Cola-fabriek, bleef echter in handen van meerderheidsaandeelhouder (naast andere familieleden en managers) Gert Snel. "Wij zijn dus een Vlaams bedrijf," aldus Snel. G. Snel Belgium is een typisch voorbeeld van een transporteur die zich als autonoom bedrijf handhaaft door (veel sterker dan de vroegere Nederlandse moeder) dienstverlening uit te breiden naar logistiek met toegevoegde waarde. Dat laatste segment maakt de helft van de omzet uit, naast het zuivere transport. Deinze nam bijvoorbeeld heel het logistieke proces van Minute Maid (vruchtensappen) en Continental Can (verpakking) in handen. "Het Waterfront is opgericht als een grotere kopie van Deinze en is dus ontsproten uit onze Vlaamse logistieke expertise," zegt hij. Dagelijks rijden gemiddeld vijftig vrachtwagens van G. Snel Belgium van Spa (via Maastricht) naar Weert. Ze leveren er ongeveer 600.000 volle flessen en nemen het leeggoed mee terug.Weert werd gekozen omdat het stadje ligt tussen Spa en de Nederlandse klant. Eén centraal distributiecentrum voor Nederland én België was niet mogelijk, omdat de Nederlandse plasticflessen terug bij de fabrikant moeten worden ingeleverd. "Een gecombineerde goederenstroom zou het proces hopeloos ingewikkeld maken," weet Snel.Spadel besteedt de opslag voor een deel uit aan Snel, onder meer omdat de vraag van de klant tijdens de vakantiepieken hoger is dan de productie kan volgen. De 15.000 vierkante meter magazijnen (37.500 vierkante meter in Deinze) kunnen de consumptie van één maand opvangen. Ter illustratie: Nederland is goed voor 45% van de jaarlijkse productie van Spa Monopole (225 miljoen liter). In het hoogseizoen zal er in Weert elke twaalf minuten een vrachtwagen uit Spa aankomen. In Weert werken 70 van de 200 G. Snel Belgium-werknemers. Gert Snel hoopt in de toekomst nog andere distributiecentra te openen. Hij voorspelt een jaarlijkse omzetgroei van 20%. "Dat drukt op ons eigen vermogen," geeft hij toe. "Maar we hebben sympathieke huisbankiers, zoals Kredietbank en de Generale Bank. Bovendien is de familie eigenaar van het immobiliënpatrimonium van G. Snel Belgium, zodat we voor onze gebouwen geen dure leningen moeten aangaan. We werken dus met zuivere bedrijfskredieten." SATELLIET.Dit jaar investeert Snel bijvoorbeeld 10 miljoen frank in een nieuw communicatienetwerk. De 120 vrachtwagenchauffeurs die voor Snel werken zullen via de satelliet in verbinding staan met Deinze, dat perfect weet waar de vrachtwagen zich op elk moment bevindt.De chauffeurs zullen (gemiddeld) vier keer per dag een nieuwe opdracht binnenkrijgen via hun boordcomputer. "Totnogtoe gebeurden de opdrachten via de GSM," aldus Snel. "Beeld je in: 120 chauffeurs maal vier opdrachten, dat zijn 480 telefoons. Plus de probleemgevallen en de contacten met de klant. Onze zes dispatchers werden er gek van." Het vernieuwde communicatiesysteem laat ook toe dat er een permanente controle is wat de rijtijden en de snelheid betreft. "Wij zijn uiterst strikt op het vlak van veiligheid," poneert Snel. "Wij kunnen ons niet veroorloven dat wij - of de veertig zelfstandige chauffeurs waar wij mee werken - op dat vlak negatief in het nieuws zouden komen. Onze klant pikt dat niet."Vandaar ook dat Snel naar eigen zeggen "witheet van woede" is over de recente negatieve pers die de sector kreeg naar aanleiding van zware ongevallen met vrachtwagens. "Toegegeven: er rijden nog cowboys rond," zegt hij. "Maar de hele sector over één kam scheren met onterechte kritiek op de zogenaamde onveiligheid van onze wagens omdat een chauffeur een zware stommiteit begaat, gaat niet op. Terecht spelen sommigen met het idee om een soort van keurmerk in te voeren voor bedrijven die zich wél houden aan de regels." HBR