Na jaren lang wachten, beschikt ons land eindelijk over een rulingdienst. Tot aangename verrassing van het bedrijfsleven bestaat de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) uit goed opgeleide specialisten, die weten wat ondernemen is en daar niet negatief tegenover staan.
...

Na jaren lang wachten, beschikt ons land eindelijk over een rulingdienst. Tot aangename verrassing van het bedrijfsleven bestaat de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) uit goed opgeleide specialisten, die weten wat ondernemen is en daar niet negatief tegenover staan. Voortaan kunnen ondernemingen op voorhand precies uitrekenen wat hun geplande operaties gaan kosten. Bovendien is deze dienstverlening gratis. In de Verenigde Staten betaal je voor dergelijke overeenkomsten 50.000 euro. Natuurlijk moet je als bedrijf wel een belastingconsulent - meestal één van de Big Four, omdat de materie nogal complex is - inschakelen, wat per dossier ook al vlug 30.000 euro kost. Maar verplicht is dat niet. Buiten kijf staat dat de rechtszekerheid verhoogt. In dit tijdperk van 'corporate governance' (deugdelijk bestuur) hebben bedrijven daar grote nood aan. Bovendien wint de fiscus ook, want hij weet wat hij uiteindelijk in het laatje krijgt. Zo vermijdt de overheid dat het bedrag aan achterstallige belastingen - dat al meer dan 20 miljard euro bedraagt - nog voort oploopt. Tot zover het goede nieuws. Maar in het systeem kruipt een sluipend gif: de zogenaamde engagementen. Vooraleer een goedkeuring te geven, stelt de DVB stelselmatig voorwaarden aan de onderneming. Deze verplichtingen staan niet in de wet. Het gevaar voor misbruik door de overheid is dus groot. Nu al zie je dat de rulingcommissie vaak het behoud of zelfs de creatie van werkgelegenheid als verplichting oplegt. Dit ruikt naar een verkapte regeringstruc om haar doelstelling van 200.000 nieuwe arbeidsplaatsen te halen - zeker als je weet dat de voorzitter van de DVB ex-kabinetsmedewerker van voormalig vicepremier Johan Vande Lanotte is en tijdens de jongste gemeenteraadsverkiezingen opkwam voor SP.A-Spirit. Bovendien stelt de rulingcommissie zich boven het parlement door aan vage omschrijvingen in de wet concrete invulling te geven en de belastingplichtigen aan ellenlange vragenlijsten te onderwerpen. Zo verbiedt de DVB de bedrijven hun aandelen te verkopen als ze een belastingvrije splitsing willen. Dit is hun omschrijving van het juridische begrip rechtmatige behoefte. Op zich niet verkeerd, maar wel gevaarlijk. Stel dat de lokale belastingcontroleur deze voorwaarde zo vertaalt dat de betrokken onderneming haar deelbewijzen ten minste 24 maanden moet bewaren. In bepaalde omstandigheden is dat economisch niet verantwoord. Toch hebben de bedrijven weinig keuze, want als ze niet akkoord gaan, riskeren ze achteraf superstrenge controles van de lokale belastinginspecteur. Ten slotte ontstaat een spanning tussen rulings en rechtspraak. Zo beoordeelde Justitie de spontane aanpassingen van renteloze leningen om (aftrekbare) interesten te bekomen in het verleden als een abnormaal voordeel. De DVB lijkt in haar rulings deze piste te verlaten zonder het als dusdanig te zeggen. Moeten bedrijven de uitspraak van het Hof van Cassatie volgen of luisteren naar de rulingcommissie? Als de DVB achteraf dan toch wordt teruggefloten, is de onderneming het slachtoffer. Het risico dat buitenlandse investeerders hierop afhaken, is niet gering. Eric Pompen