Glaxo Wellcome verliest dit jaar de patentbescherming van zijn best verkochte geneesmiddel. Hoe krijgt 's werelds grootste farmabedrijf deze pil geslikt ? De Belgische vestiging is er gerust in.
...

Glaxo Wellcome verliest dit jaar de patentbescherming van zijn best verkochte geneesmiddel. Hoe krijgt 's werelds grootste farmabedrijf deze pil geslikt ? De Belgische vestiging is er gerust in.Het is het soort nachtmerrie die managers van grote bedrijven enkel willen doormaken tijdens "Wat als..."-spelletjes in weekendseminaries : beeldt u zich in dat uw bedrijf plots het grootste deel van zijn winst verliest. Na jaren van gerechtelijke procedures dreigt het Britse Glaxo Wellcome op 26 juli zo goed als zeker zijn patentbescherming van Zantac te verliezen in de Verenigde Staten. Zantac is een middel tegen maagzweren, slokdarmontstekingen en dergelijke. Vorig jaar was dit geneesmiddel waarschijnlijk nog goed voor zowat de helft van de bedrijfswinst van 3 miljard Britse pond. Deze week verviel ook al het octrooi van Glaxo op Zovirax, een middel tegen herpes en waterpokken. Voortaan zullen andere farmaceutische bedrijven goedkope kopieën kunnen uitbrengen van Glaxo's best verkochte geneesmiddelen. Op zoek naar nieuwe succesnummersVele van Glaxo's concurrenten staan voor gelijkaardige problemen. Enkele analisten schatten dat een vierde van de jaarlijks verkochte geneesmiddelen van Merck tussen 2000 en 2003 hun octrooibescherming zullen verliezen. Maar het probleem van Glaxo is groter en dwingender dan dat van enig andere concurrent. Sir Richard Sykes, de grote baas van het bedrijf, heeft het voorbije decennium vrijwel volledig besteed aan de voorbereiding van deze dag door de miljardenopbrengst van Zantac in nieuwe research te stoppen. De 1,2 miljard pond die Glaxo jaarlijks aan onderzoek besteedt, is goed voor één achtste van de totale Britse bedrijfsuitgaven aan O&O. Toen Glaxo in 1995 Wellcome overnam voor het bedrag van 9,3 miljard pond, was dat vooral om de hand te kunnen leggen op de rechten van geneesmiddelen zoals Zovirax en AZT, een middel tegen aids. Ondanks zijn wetenschappelijke vorming is Sir Richard erin geslaagd om de commerciële ontwikkeling aan te scherpen van een firma die ooit bekendheid genoot als "de enige universiteit op de Londense Beurs". Zal dat volstaan ?Sir Richard beweert dat, zelfs al daalt de verkoop van Zantac zo snel als de somberste voorspellingen doen geloven, de winst van het bedrijf constant zal blijven en vanaf 1999 zelfs zal stijgen. De effectenbeurs lijkt hem bijna te geloven. De aandelen van Glaxo hebben het sinds de fusie minder goed gedaan dan die van de concurrentie, maar het verschil is klein en onlangs nagenoeg verdwenen. In 1996 is de verkoop van geneesmiddelen, Zantac niet meegerekend, met liefst 14 % gestegen.Uit de O&O-bron van Glaxo Wellcome borrelen potentieel winstgevende drankjes. Daartoe behoren Lamivudine, een nieuwe behandeling voor hepatitis B, Imigran tegen migraines en Zanamivir tegen griep. De familie van de aids-bestrijders krijgt er volgend jaar twee nieuwe, veelbelovende samenstellingen bij. Glaxo zal dan als eerste een drievoudige cocktailtherapie aanbieden (de algemeen verbreide techniek om het aids-virus aan te vallen met een combinatie van pillen) waarbij het alleen producten van eigen huis gebruikt. Intussen concentreertGlaxo zich op wat het best kan. Ooit reikte de diversificatie van het bedrijf zover dat het varkens kweekte voor ham dan nog, niet voor orgaantransplantaties. Thans beperkt Glaxo zich tot het ontwerpen en commercialiseren van geneesmiddelen. Glaxo lijkt veel gespecialiseerder dan sommige concurrenten.De kostenbesparingen, volgend op de fusie met Wellcome, zouden tegen eind dit jaar zo'n 700 miljoen pond moeten opbrengen. Van de 61.500 werknemers van beide bedrijven samen werden er ongeveer 7500 weggesnoeid. Na gemor van onderzoekers (voornameljk van Well come) die het nieuwe beleid van Glaxo Wellcome afkeuren (elk onderzoek moet voortaan tot duidelijke, commerciële toepassingen leiden) werden de dromerige types overhaald om het schip te verlaten. Vanuit het enorme O&O-centrum in het Britse Stevenage stijgt nu de gemeenschappelijk klacht op dat de ontdekking van een "blockbuster" voor zo'n groot bedrijf de onderzoeker niet bepaald rijk zal maken, in tegenstelling tot de kleine bedrijven die hun brains met aandelen betalen. Ook de belangrijkste concurrenten van Glaxo waaronder Novartis, Hoechst Marion Roussel en SmithKline Beecham hebben andere bedrijven overgenomen en in de kosten gesnoeid. Glaxo gaat er echter vanuit dat het momenteel een stapje voor heeft op de concurrentie in minstens drie van de belangrijkste farmaceutische strijdvelden : Marketing. Zantac was in de eerste plaats een triomf van de marketing en niet van de research (het kwam vijf jaar later dan Tagamet, het product van SmithKline Beecham). Glaxo's verkoopafdeling bleef maar doorzeuren over de bijkomende, onaangename nevenwerkingen van Tagamet in combinatie met andere geneesmiddelen. Bovendien bracht Glaxo zijn product uit tegen een hogere prijs dan die van Tagamet wat indruiste tegen de algemeen aanvaarde stelling dat laatkomers goedkoper moeten zijn en de idee versterkte dat het een veel beter product was. Nu de gezondheidsdiensten steeds meer proberen te besparen in hun geneesmiddelenbudget, zou die tactiek wel eens moeten herdacht worden. Onderzoeksmanagement. Glaxo beweert dat z'n indrukwekkende, nieuwe medicijnkast niet alleen een kwestie van geluk is maar ook van een maximaal rendement van zijn O&O-uitgaven. Dat doet het door het gezwind afvoeren van projecten met weinig kans op resultaat en door nieuwe toepassingen te zoeken voor oude geneesmiddelen. Lamivudine bijvoorbeeld is een lichtere versie van 3TC, één van Glaxo's middelen tegen aids. Als behandeling tegen hepatitis zou dit middel tegen 2005 voor een opbrengst van 1 miljard dollar per jaar kunnen zorgen, naast de 320 miljoen dollar (en alsmaar meer) die het thans als een aids-middel in het laatje brengt en dat allemaal in ruil voor relatief weinig extra onderzoeksdollars. De onderzoekers van Glaxo zijn er ook in geslaagd om AZT te doen herrijzen, de eerste anti-aids-samenstelling die grootschalig op de markt werd gebracht. In 1993 was het verkoopcijfer gedaald nadat tests hadden uitgewezen dat het product het leven van de aids-lijders niet verlengde. Sindsdien heeft Glaxo echter kunnen aantonen dat AZT nuttig is als onderdeel van zijn aids-cocktail, dat het helpt beletten dat moeders het virus overdragen op hun ongeboren kinderen en dat het ook nuttig is als morning after-pil wanneer het condoom is gescheurd tijdens seksuele betrekkingen met een besmette partner. De verkoop van AZT, die in 1995 was gedaald tot een dieptepunt van 201 miljoen pond, haalde vorig jaar alweer 283 miljoen pond. Biotechnologie. Net zoals z'n collega's spendeert Glaxo ongeveer een vijfde van zijn budget aan het kopen van andermans ideeën meer bepaald van kleine, biotechnologische firma's. Het voordeel van Glaxo is dat het daarmee vroeger is begonnen dan het merendeel van de anderen en dat het één van de weinigen is die daarmee al succes heeft gehaald. Lamivudine/3TC is de uitvinding van een Canadese biotechnologische firma, Biochem Pharma, die de vergunning daarvan in 1990 aan Glaxo verkocht in ruil voor niet nader genoemde royalty's. Zanamivir, het nieuwe antigriepmiddel dat eerstdaags wordt gelanceerd, en het geesteskind van het Australische bedrijf Biota, zou nog zo'n voltreffer moeten worden. Maar de voorbije prestaties zouden wel eens slechte voorspellers kunnen zijn van de toekomst. Zo zou bijvoorbeeld de verbintenis met Sequana, een bedrijf dat genetische data levert aan Glaxo, minder winstgevend kunnen zijn dan pakweg het contract van SmithKline Beecham met Human Genome Sciences. Sir Richard is enthousiast over Affymax, een Canadese onderneming die hij twee jaar geleden heeft overgenomen, en die een speciale techniek heeft ontwikkeld om chemische samenstellingen op hun bruikbaarheid te screenen. Maar andere bedrijven, waaronder Schering Plough, sluiten gelijkaardige deals. Geen tijd om te pauzerenDe positie van Glaxo is onzeker omdat de geneesmiddelenindustrie nu eenmaal onvoorspelbaar is. Een sterke balans hangt vaak af van de verkoop van één of twee blockbusters, zoals Zantac. Bovendien blijft bij de ontdekking van zo'n wondermiddel geluk een grote rol spelen. Zelfs met enorme investeringen in cash en kennis kan een samenstelling in de laatste fase van de klinische tests falen of niet door de artsen worden aanvaard.Intussen wordt de industriële hiërarchie in de sector ondermijnd door technologie. Tien jaar geleden concentreerden de kleine bedrijven zich vooral op het biologische aspect van de geneesmiddelen (op de genen en virussen die de ziekten veroorzaken). Nu duiken kleine specialisten op in elk onderdeel van de industrie, behalve in de marketing en in de distributie. Die kleine piranha's knabbelen aan de verkoopcijfers van de multinationals en kopen hun beste krachten weg met aandelenopties.Om te overleven,moeten reuzen als Glaxo hun verkoopnetwerk uitbreiden, vooral in dichtbevolkte, opkomende markten waar de patentbescherming nog zwak is. Zo bevinden de meeste potentiële klanten van Lamivudine zich in China en India, waar hepatitis B zich als een epidemie verbreidt. In tegenstelling tot andere hepatitisbehandelingen kan het geneesmiddel van Glaxo ingeslikt worden in plaats van ingespoten. Blijft natuurlijk de uitdaging om de plaatselijke overheden van het nut van het geneesmiddel te overtuigen en om het tegen een aangepaste prijs aan de armen te verkopen.Sir Richards strategie hield steeds in dat plaatselijke managers zoveel mogelijk autonomie kregen en dat zij verantwoordelijk waren voor de resultaten in hun gebied. De meesten onder hen rapporteren aan Sean Lance, een veteraan van de Zuid-Afrikaanse special forces die de activiteiten van Glaxo zowat overal behalve in Amerika onder zijn hoede heeft gehad. Volgend jaar volgt hij Sir Richard op als topman. Zijn stoer uiterlijk zal hem daarbij ongetwijfeld van pas komen. T.E. The Economist.ZANTAC (GLAXO WELLCOME) Vorig jaar was dit geneesmiddel nog goed voor zowat de helft van de bedrijfswinst van Glaxo Wellcome.