Naar aanloop van de algemene vergadering van de beursgenoteerde weefmachinebouwer Picanol van gisteren, lieten de minderheidsaandeelhouders hun ongenoegen weer vrijelijk de loop. Ze dreigden ermee om hun vertegenwoordiger Paul Vandekerckhove terug te trekken uit de raad van bestuur. De redenen zijn divers. Er is kritiek op de noodzakelijke kapitaalverhoging. Ook de royale vergoedingen van de grootaandeelhoudersfamilie Steverlynck, met Patrick Steverlynck op kop, worden gelaakt. En tot slot is er onvrede over de zogezegd laattijdige reactie van het management op de crisis. Picanol zag zijn omzet met 32 procent terugvallen...

Naar aanloop van de algemene vergadering van de beursgenoteerde weefmachinebouwer Picanol van gisteren, lieten de minderheidsaandeelhouders hun ongenoegen weer vrijelijk de loop. Ze dreigden ermee om hun vertegenwoordiger Paul Vandekerckhove terug te trekken uit de raad van bestuur. De redenen zijn divers. Er is kritiek op de noodzakelijke kapitaalverhoging. Ook de royale vergoedingen van de grootaandeelhoudersfamilie Steverlynck, met Patrick Steverlynck op kop, worden gelaakt. En tot slot is er onvrede over de zogezegd laattijdige reactie van het management op de crisis. Picanol zag zijn omzet met 32 procent terugvallen tot 282,6 miljoen euro, en sloot het jaar af met een verlies van bijna 23 miljoen euro. In die omstandigheden werd beslist om het dividend te schrappen, en het vooruitzicht voor volgend jaar is op dat vlak ook niet hoopgevend. Meteen werden de oude koeien uit de sloot gehaald, met de verwijzingen naar de jarenlange verrijking van delen van de familie Steverlynck, en de toenmalige CEO Jan Coene, op kap van de vennootschap. Centen en emotionaliteit vormen dus de rode draad. Nooit goede parameters voor een objectieve bedrijfsvoering. Picanol hééft een probleem gehad met zijn corporate governance. Delen van de familie leefden jaren in de veronderstelling dat zij tal van privékosten konden afwentelen op de vennootschap. Paul Vandekerckhove heeft dat terecht, en met meetbaar succes, aangeklaagd. Er kwam een herschikking van het management en de raad van bestuur, die in de controle ernstig had gefaald. Paul Vandekerckhove kreeg een zitje in de raad van bestuur en in het remuneratiecomité. Picanol toog aan het werk onder Chris Dewulf, die de onverkwikkelijke periode onder de vorige CEO Jan Coene snel van zich afschudde. Dewulf zette een diversificatiestrategie op poten die het bedrijf minder afhankelijk moest maken van het cyclische karakter van de textielsector. En dat leek goed te lukken, tot de crisis roet in het eten kwam gooien. Picanol voerde een rist herstructureringen door waarbij niet enkel werd gesnoeid in het personeelsbestand, ook de verloning van het management werd naar beneden herzien. Was het dividend niet geschrapt, dan hadden we de minderheidsaandeelhouders niet gehoord. Het ís natuurlijk geen prettig vooruitzicht om geen rendement op een investering te krijgen. Aandeelhouders moeten echter beseffen dat zij niet de enige stakeholders zijn in een bedrijf, en bijgevolg in tijden van crisis ook dienen in te leveren. Het wordt hoog tijd dat alle aandeelhouders de bladzijde van het verleden omslaan, en zich scharen achter het toekomstproject van het bedrijf. In dat project speelt de familie Steverlynck, met Patrick Steverlynck als ambassadeur van het bedrijf, een sleutelrol. Ook investeerder Luc Tack toont zich bereid om die strategie verder te ondersteunen. Er is weinig geweten van de man, maar wel dat hij gruwt van emotionele toestanden die de toekomst van Picanol op de helling zetten. Als de andere aandeelhouders zich niet bereid kunnen tonen om vooruit te blikken, hebben ze slechts één optie. Opstappen en stoppen met hun gijzelingsactie. (T) Door Lieven Desmet