Aan de Amerikaanse universiteit van St. Louis (Missouri) werd vorig jaar het standbeeld van Pieter-Jan De Smet weggehaald. De Vlaamse jezuïet-missionaris staat iets hoger dan twee indianen en steekt een kruis voor hen omhoog. Het leek een bekeringstafereel is, studenten en personeel van de universiteit vonden dat schokkend. Het standbeeld zou symbool staan voor de dominantie van de blanken en de verdrukking van de indianen. Het staat nu in een museum. Karl van den Broeck, oud-hoofdredacteur van Knack en momenteel actief voor de nieuwssite Apache.be, betreurt dat. Hij schreef een fascinerend boek over de contacten t...

Aan de Amerikaanse universiteit van St. Louis (Missouri) werd vorig jaar het standbeeld van Pieter-Jan De Smet weggehaald. De Vlaamse jezuïet-missionaris staat iets hoger dan twee indianen en steekt een kruis voor hen omhoog. Het leek een bekeringstafereel is, studenten en personeel van de universiteit vonden dat schokkend. Het standbeeld zou symbool staan voor de dominantie van de blanken en de verdrukking van de indianen. Het staat nu in een museum. Karl van den Broeck, oud-hoofdredacteur van Knack en momenteel actief voor de nieuwssite Apache.be, betreurt dat. Hij schreef een fascinerend boek over de contacten tussen Pieter-Jan De Smet en de Amerikaanse indianen. Grote Zwartrok, zoals de indianen van Noord-Amerika de jezuïetenpater noemden, werd geboren in Dendermonde in 1801. Hij trad in bij de jezuïeten en werd missionaris en ontdekkingsreiziger. Hij trok naar Amerika en werd daar tot priester gewijd. Hij overleed in 1873 in St. Louis en werd daar ook begraven. De band tussen De Smet en de indianen wordt het best gesymboliseerd door de iconische foto van het Sioux-stamhoofd Sitting Bull in 1885. Hij heeft een groot kruisbeeld om de hals. Van den Broeck onderzocht hoe Sitting Bull en de Belgische pater in contact kwamen. Het verhaal doet de ronde dat Sitting Bull het kruisbeeld cadeau kreeg van De Smet. Maar belangrijker is dat De Smet opkwam voor de rechten van de indianen. Hij adviseerde Sitting Bull en waarschuwde dat een te harde houding tegenover de Amerikaanse overheid tot de uitroeiing van de indianen zou leiden. Zover kwam het niet, al scheelde het niet veel. De indianen zijn in de nevelen van de geschiedenis verdwenen en leven teruggetrokken in 300 reservaten. De jezuïeten die opkwamen voor de indianen bereikten hun doel niet. Ze wilden zoals in Paraguay komen tot reducciones, goed georganiseerde indianengemeenschappen. Dat mislukte in de Verenigde Staten door de onwil van de overheid en door de goudkoorts waarvoor alles moest wijken. Karl van den Broeck groeide zoals veel kinderen op met westernverhalen. Hij speelde de overwinning na die Sitting Bull op generaal Custer behaalde. De Turnhoutenaar Van den Broeck kwam erachter dat De Smet twee Turnhoutse missionarissen had meegenomen naar de Verenigde Staten. Het boek kan worden gelezen als een autobiografie, een boek over de indianen en een reisverhaal. Van den Broeck neemt de lezer mee op reis naar Amerikaanse staten als South Dakota, Wyoming, Colorado en Montana. De verschillende lagen maken dat het boek soms wat verwarrend overkomt. Maar zoals Rik Torfs, de rector van de KU Leuven, in een beoordeling terecht stelde: het blijft een prachtig verhaal over hoe Vlaanderen zijn kinderen uitzond. Ook een minder fraaie geschiedenis over de banden tussen jezuïeten en de Amerikaanse indianengemeenschap komt aan bod. Zo hebben de jezuïeten in de Verenigde Staten omgerekend 150 miljoen euro betaald aan 450 volwassen indianen die in hun jeugd - lang na De Smet - werden misbruikt door priesters en nonnen. Karl van den Broeck, Waarom ik de Indianen wil redden, Polis, 2016, 320 blz., 19,95 euro ALAIN MOUTON