De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School
...

De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School Reacties: marc.buelens@trends.be Lang, lang geleden, toen bachelors nog kandidaturen waren en masters nog licenties, gaf ik les in de tweede licentie Toegepaste Economische Wetenschappen. Een van mijn lievelingslessen handelde over stakeholders. "Een stakeholder is een- ieder die belang heeft bij het al dan niet succesvol voortbestaan van een organisatie." Deze veel te brede definitie werd dan geïllustreerd aan de hand van een Nederlandse gevalstudie, waar door slecht overleg de arbeiders zo woedend werden dat ze hun kerstpakketten in de gracht dumpten. Om de studenten gevoelig te maken voor het begrip stakeholder, gaf ik ze de opdracht om zoveel mogelijk (en de volgende jaren: "meer dan vorig jaar") stakeholders te vinden. Dat moet je aan studenten niet vragen. Het eerste jaar vonden ze er al zo'n dertigtal; dat aantal steeg met de jaren tot vooraan in de veertig. Uiteraard waren de leveranciers van die kerstpakketten stakeholders, maar ook de sukkelaars die de grachten moesten reinigen. Weldra vonden ze ook wel dat de journalist die daarover in de krant had geschreven en de auteur van de casestudy stakeholders waren. Finaal natuurlijk was ook de prof die erover kon lesgeven een stakeholder. Op dat punt ben ik dan gestopt de gevalstudie te gebruiken. Ik werd namelijk willens nillens stakeholder van zowat alle bedrijven ter wereld. Deze herinneringen doken op toen ik met bijzonder veel belangstelling kennisnam van alle details over hoe bepaalde VW-vakbondsfiguren de voorbije jaren verwend werden. De eerste stakeholder bij het VW-schandaal is natuurlijk de persoon die de eersteklas vliegtuigzetels moet reinigen waar een Braziliaanse schone haar tripje in maakte en waarin Albert van Monaco een liefdeskind heeft verwekt, maar ik vrees dat ik nu twee verhalen over eersteklassevluchten door elkaar aan het halen ben. Een randgeval is natuurlijk of de meid van het Georges V-hotel in Parijs nu al dan niet stakeholder is van Volkswagen. De centrale vraag in deze academisch toch wel erg belangrijke kwestie lijkt mij te zijn of de meid al dan niet een grote fooi heeft gekregen, nadat de Portugese stripteasedanseres er een nachtje had doorgebracht. Door dit schandaal is het nu mogelijk dat velen zich wat gedeisd houden, minder magnumflessen champagne drinken in de George V, en dus minder tips op het nachttafeltje achterlaten. Hoe zal ze gevloekt hebben toen duidelijk werd dat de Volkwagen Phaeton niet bepaald een succes kon worden genoemd: dat waren toch weer minder arbeiders in de productie, minder machtige vakbonden, minder originele vormen van werkoverleg, minder ebbenhouten stripteasedanseresjes die snel even werden overgevlogen, rechtstreeks van de nachtclub in Lissabon naar een hotelletje in Parijs. Wat mij persoonlijk dan weer boeit, is wat hoge vakbondslui achterlaten op zo'n nachttafeltje. En is de producent van zo'n achterlaatproduct dan ook stakeholder van Volkswagen? Vakbondslui, zeker aan de top, hebben een voorbeeldfunctie. Zij laten in de suite van de Georges V zeker proletarische dingen achter. Geen kanten zakdoeken of zijden pyjama's. Eerder condooms uit een automaat, waarschijnlijk met aardbeismaak, want de aardbei lijkt mij enerzijds een vrucht van het gewone volk, maar anderzijds past deze vrucht toch wel goed bij champagne. Kortom, ook nu weer is aangetoond dat niets boven een goede gevalstudie gaat om abstracte, moeilijk toegankelijke concepten zoals dat van de stakeholder te verduidelijken. Het VW-verhaal maakt ook duidelijk dat niet alle stakeholders het beste met het bedrijf moeten voorhebben. Sommige stakeholders maken graag het bedrijf kapot. Van sommige (met de nadruk op 'sommige') CEO's wisten we het nog niet met zekerheid, tot er figuren zoals Bernie Ebbers van WorldCom het roer overnamen. Van vakbonden durven rechtse bedrijfsleiders ook wel eens te beweren dat ze bedrijven kapotmaken. Maar de meeste vakbondsleden hebben er alle belang bij dat hun bedrijf goed draait. Sommige vakbondsleiders zijn evenwel in de leer geweest bij de Bernie Ebbersen van deze wereld: een bedrijf dient dan gewoonweg om leeggeplunderd te worden. En zoals men in de onovertroffen musical Tsjechov zingt: Het leven is een jungle en de mens is een wild beest, zo zeker als er altijd verse oesters zijn geweest. Het temmen van dat beest is een kwestie van de juiste systemen en structuren. Van megabonussen en grote aandelenopties wisten we al dat ze het beest niet temmen, maar wakker maken. Nu weten we het ook van gepersonaliseerde macht aan de top van vakbonden. Een goede economie draait op vrij anonieme transacties tussen miljoenen participanten. Als je dat gaat personaliseren, krijg je politiek. De Hartz-IV-plannen bijvoorbeeld. Je noemt dan belangrijke beslissingen naar de personeelsdirecteur van Volkswagen. Nog steeds denken velen dat bedrijven (en vakbonden) erg gepersonaliseerd moeten zijn. Zolang dat denkpatroon dominant blijft, zullen machtige mensen zich al te snel als wilde beesten gedragen. Misschien kunnen vakbonden daar wat meer aandacht aan besteden? Ik stel voor er een conferentie over te organiseren in de George V in Parijs, met uiteraard een rondleiding 'achter de schermen'. Met aardbeien. Marc Buelens