Het vermogen dat u hebt opgebouwd -- bijvoorbeeld een effectenportefeuille -- of de onroerende goederen die u bezit -- een eigen woning en eventueel een tweede verblijf -- wilt u wellicht zo voordelig mogelijk doorgeven aan uw kinderen. Bereidt u uw successie niet voor, dan moeten uw erfgenamen een hoge erfbelasting -- de nieuwe term voor de successierechten -- betalen op uw nalatenschap. Als u uw vermogen geheel of gedeeltelijk schenkt, moeten de begiftigden daarop in principe schenkbelasting -- de nieuwe term voor de schenkingsrechten -- betalen. Maar er zijn heel wat wettelijke technieken waarmee u goederen fiscaal voordelig kunt doorgeven. Er bestaat een belangrijk onderscheid tussen roerende en onroerende goederen.
...

Het vermogen dat u hebt opgebouwd -- bijvoorbeeld een effectenportefeuille -- of de onroerende goederen die u bezit -- een eigen woning en eventueel een tweede verblijf -- wilt u wellicht zo voordelig mogelijk doorgeven aan uw kinderen. Bereidt u uw successie niet voor, dan moeten uw erfgenamen een hoge erfbelasting -- de nieuwe term voor de successierechten -- betalen op uw nalatenschap. Als u uw vermogen geheel of gedeeltelijk schenkt, moeten de begiftigden daarop in principe schenkbelasting -- de nieuwe term voor de schenkingsrechten -- betalen. Maar er zijn heel wat wettelijke technieken waarmee u goederen fiscaal voordelig kunt doorgeven. Er bestaat een belangrijk onderscheid tussen roerende en onroerende goederen. Op een hand- en een bankgift en op een schenking voor een Nederlandse notaris is geen schenkbelasting verschuldigd. De keerzijde is dat de schenker na de overdracht nog minstens drie jaar in leven moet blijven. Anders moeten de begiftigden toch nog erfbelasting afdragen op de schenking. Speelt u liever op zeker, dan kunt u het bewijs van de schenking laten registreren op een registratiekantoor. Dan is er wel schenkbelasting verschuldigd. Voor een schenking in rechte lijn -- bijvoorbeeld tussen ouders en kinderen of tussen grootouders en kleinkinderen -- en tussen echtgenoten en samenwonenden betaalt u 3 procent op de waarde van de schenking (3,3 % in Wallonië). Op een schenking tussen andere personen heft het Vlaams en het Brussels Gewest 7 procent schenkbelasting, het Waals Gewest 7,7 procent. In Wallonië is er nog een tussentarief van 5,5 procent voor de schenking van roerende goederen aan broers, zussen, ooms, tantes, neven en nichten. Doet u de schenking voor een Belgische notaris, dan speelt die termijn van drie jaar niet, omdat alle Belgische notariële akten moeten worden geregistreerd. Maar u betaalt dan niet alleen de schenkbelasting, maar ook het ereloon van de notaris (1000 à 2000 euro). Een klassieke handgift -- bijvoorbeeld van cash of kunstwerken -- komt tot stand door de materiële overdracht van het geschonken goed. Daardoor is er geen notariële akte nodig. De schenker geeft door de overdracht de eigendom uit handen, en de begiftigde wordt onmiddellijk en onherroepelijk de nieuwe eigenaar van het goed. Het is raadzaam een schriftelijk bewijs van de handgift op te stellen, dat u eventueel kunt laten registreren. Dat kunt u doen door aangetekende brieven uit te wisselen of door een bewijsdocument te ondertekenen -- een zogenoemd pacte adjoint. Bij een bankgift schrijft u geld of effecten over van uw rekening naar de rekening van de begiftigde. Het is cruciaal dat de overschrijving neutraal is. Op de mededeling bij de overschrijving mag u niet vermelden dat het om een schenking gaat. Dat mag alleen blijken uit het bewijs -- de aangetekende brieven of het bewijsdocument. Als er buiten de aangetekende brieven of het pacte adjoint geen andere bewijzen zijn van de datum van de schenking -- bijvoorbeeld rekeninguittreksels of een nieuwe verzekering op naam van de begunstigde -- is het aan te raden minstens een schenkingsakte voor een Nederlandse notaris te laten opstellen. Met zo'n schenking kunt u ook voorwaarden koppelen aan de schenking. U draagt dan geen schenkbelasting af en u betaalt enkel het honorarium van de notaris (doorgaans 1500 à 1800 euro inclusief btw). Als u een onroerend goed schenkt, moet u dat altijd doen voor een Belgische notaris. Dat betekent dat u in de drie gewesten schenkbelasting betaalt. Die tarieven zijn progressief -- ze nemen toe afhankelijk van de waarde van de geschonken goederen. Elk gewest heeft zijn eigen tarieven. Vooral als de begiftigde geen familielid is, lopen die rechten al gauw op, tot 80 procent boven de grens van 175.000 euro. Het Vlaams Gewest denkt eraan de tarieven van zijn schenkbelasting te verlagen, vooral voor schenkingen tussen vreemden. Het maximumtarief zou zakken van 80 naar 40 procent. De bedoeling is extra fiscale inkomsten binnen te rijven. Toch zijn er technieken waarmee u onroerende goederen fiscaal voordeliger kunt schenken. Advocaten Jan Tuerlinckx en Stéphanie Gabriels van Tuerlinckx Fiscale Advocaten lichten een aantal planningstechnieken voor onroerende goederen toe. Door een onroerend goed met tussenperiodes in schijven te schenken, kunt u telkens opnieuw gebruikmaken van de laagste tarieven. Tussen twee schenkingen van onroerende goederen moet u wel een termijn van drie jaar laten. Doet u meer schenkingen binnen die periode, dan gaat de fiscus ervan uit dat die behoren tot dezelfde schenking. De eerste schenking wordt niet opnieuw belast, maar de tweede valt onmiddellijk in een hogere schijf -- het zogenoemde opduweffect. Het is dus beter tijdens uw leven om de drie jaar vier schenkingen van 100.000 euro te doen dan op uw sterfbed een onroerend vermogen van 400.000 euro na te laten. Gezien die tussenperiode van drie jaar, is op tijd beginnen te schenken de boodschap. We illustreren dat met een voorbeeld. Patrick is eigenaar van een woning met een waarde van 500.000 euro. Hij woont in het Vlaams Gewest en heeft twee kinderen. Plant hij zijn successie niet, dan betalen zijn kinderen ieder erfbelasting op 250.000 euro (de helft van 500.000 euro). Dat betekent dat ze 19.500 euro afdragen, of 39.000 euro in totaal. Patrick besluit zijn woning in schijven te schenken aan zijn kinderen. Het belastbare bedrag van de eerste schenking bedraagt 250.000 euro (125.000 euro per kind). De tweede schenking van 250.000 euro moet Patrick minstens drie jaar na de eerste schenking doen. Op elke schijf zijn 8125 euro x 2 = 16.250 euro schenkbelasting verschuldigd (26.625 euro in het Waals Gewest). De kinderen doen daarmee een besparing van 19.500 - 16.250 euro = 3250 euro. In het Waals Gewest zou die besparing zelfs oplopen tot 10.375 euro (zie tabel Schenken in schijven: het voorbeeld van Patrick). Ouders of grootouders die met hun kinderen of kleinkinderen een onroerend goed willen kopen, kunnen opteren voor de techniek van de gesplitste aankoop. Ze kopen het vruchtgebruik van het onroerend goed, waardoor ze het levenslang kunnen gebruiken en recht hebben op de huurinkomsten. De kinderen kopen de blote eigendom. Als de ouders overlijden, dooft het vruchtgebruik automatisch uit en gaat het belastingvrij over op de kinderen. De techniek van de gesplitste aankoop vereist dat elke partij zijn aandeel betaalt: de kinderen de waarde van de blote eigendom en de ouders die van het vruchtgebruik. De kinderen moeten kunnen aantonen dat ze de blote eigendom zelf hebben betaald, en dat die tegen de marktwaarde is gewaardeerd. Anders moeten ze toch erfbelasting betalen op het onroerend goed als hun ouders overlijden. De waarde van het vruchtgebruik en van de blote eigendom wordt berekend aan de hand van de leeftijd van de ouders. Hoe ouder de ouders zijn, hoe duurder de blote eigendom wordt. De verhouding tussen het vruchtgebruik en de blote eigendom moet worden vastgesteld volgens de burgerrechtelijke regels. De eenvoudigste en meest sluitende manier is de omzettingstabellen te gebruiken die zijn verschenen in het Belgisch Staatsblad van 15/01/2015 op pagina 1597 en volgende (ministerieel besluit van 22/12/2014 tot bepaling van de omzettingstabellen van het vruchtgebruik). Stel dat Patrick, die zestig is, en zijn twee jaar jongere echtgenote Denise aan zee een appartement van 300.000 euro willen kopen. De waarde van het vruchtgebruik bedraagt dan 51,43 procent van de aankoopprijs. De ouders moeten dan 51,43 procent van 300.000 euro of 154.290 euro betalen voor het vruchtgebruik, en de kinderen de resterende 48,57 procent, of 145.710 euro. Voor de kinderen is dat dus een vrij groot bedrag. Doorgaans beschikken kinderen niet over voldoende geld om de blote eigendom te kopen. De ouders schenken dan vaak eerst geld aan hun kinderen, ofwel via een bank- of een handgift, ofwel via een Belgische of een Nederlandse notaris. Om problemen te vermijden, wordt een hand- of bankgift of een schenking voor een Nederlandse notaris het beste geregistreerd. U kunt overwegen het onroerend goed te verkopen aan uw kinderen, en de verkoopprijs vervolgens fiscaal voordelig terugschenken via een hand- of bankgift of een schenking via een notaris. Maar dat is buiten de fiscus gerekend. Die zal zo'n schenking proberen te herkwalificeren als een onroerende schenking. Dat risico is nog groter als er slechts een korte periode is tussen de verkoop en de schenking. Gelet op de strengere antimisbruikbepaling is deze techniek niet langer aan te raden. Het is wel mogelijk dat u het onroerend goed verkoopt aan een derde en dat u de verkoopprijs schenkt aan bijvoorbeeld uw kinderen. U hebt dan het onroerend goed omgezet in roerend goed. JOHAN STEENACKERSOp een hand- en een bankgift en op een schenking voor een Nederlandse notaris is geen schenkbelasting verschuldigd. Door een onroerend goed met tussenperiodes in schijven te schenken, kunt u telkens opnieuw gebruikmaken van de laagste tarieven.