Polen lijkt zich nog het meest te verzetten tegen het Russische machtsvertoon. Samen met de bondgenoten in de Baltische regio trachten de Polen hun energiebevoorrading te diversifiëren. Ze willen onder meer hun netwerken aan elkaar koppelen. Er zou een nieuwe atoomkrachtcentrale komen in Ignalina in Litouwen. En hun plannen voor de bouw van een lng-terminal op de Poolse noordkust zullen ze in een hogere versnelling duwen.
...

Polen lijkt zich nog het meest te verzetten tegen het Russische machtsvertoon. Samen met de bondgenoten in de Baltische regio trachten de Polen hun energiebevoorrading te diversifiëren. Ze willen onder meer hun netwerken aan elkaar koppelen. Er zou een nieuwe atoomkrachtcentrale komen in Ignalina in Litouwen. En hun plannen voor de bouw van een lng-terminal op de Poolse noordkust zullen ze in een hogere versnelling duwen. Rusland zal dat echter nauwelijks als een hinderpaal ervaren. De van het geld bulkende Russische energieondernemingen zullen in heel Europa stroomafwaarts bedrijven blijven opkopen. Een van de belangrijkste doelwitten daarbij is het Britse Centrica, de grootste gasverdeler van het land. Zelfs gewezen communistische landen zullen bij Rusland gaan aankloppen voor bijzondere overeenkomsten. Hongarije zal zijn afhankelijkheid van het Russisch gas verhogen. Omdat een besparingsprogramma de levensstandaard en de tewerkstelling zal aantasten, is goedkoop gas immers een nuttig smeermiddel voor de economie. Met de links-nationalistische regering van Slowakije wordt het net hetzelfde verhaal. De ruwe wijze waarop de Slowaakse regering minderheden behandelt en haar autoritaire manier van doen, zorgen voor toenemende kritiek bij de West-Europese buren. Amicale relaties met Rusland zullen dan ook een welgekomen tegengewicht vormen. Iets meer naar het oosten zullen Russische bedrijven de energie-infrastructuur van het chaotische Oekraïne blijven opslokken. In Belarus zullen rellen met het Kremlin over energie de meest waarschijnlijke bron van moeilijkheden vormen voor het regime van de excentrieke autocraat Aleksander Loekasjenko. Het overwicht en de berg geld waarover het Kremlin op het gebied van energie beschikt, voorspellen in 2007 weinig goeds voor de plannen om nieuwe pijpleidingen te bouwen die niet-Russisch gas naar Europa moeten brengen. Nabucco, een pijplijn door de Balkan die via de uitstekende gasinfrastructuur van Turkije gas uit het Midden-Oosten en Centraal-Azië naar Europa zou kunnen brengen, zal in het middelpunt van de machtsstrijd staan. Voor de EU is dat een van de topprioriteiten inzake energiebevoorrading. Maar als individuele klanten niet willen intekenen op en betalen voor de bouw ervan, zal de aanvoer van Russisch gas door bestaande pijplijnen een gemakkelijker en goedkoper alternatief blijken. In 2007 zal Nabucco verplicht zijn om Russische betrokkenheid bij het project in de koop te nemen, inbegrepen een verbinding met de onderbenutte Blue Streampijplijn die Rusland verbindt met Turkije. Rusland zal zijn energiespierkracht verder ontwikkelen in 2007, maar het zal zijn spierballen selectief laten rollen. Het Kremlin is er immers vooral op uit om gezien te worden als een betrouwbare partner die de regels van de markt respecteert. Klanten die op tijd betalen, zullen ook prompt beleverd worden, maar landen en bedrijven die de Russische energiehegemonie bedreigen, zullen de kous op de kop krijgen. Het Pools PKN Orlen, bijvoorbeeld, dat in 2007 de overname van de aftandse Litouwse Mazeikiai-raffinaderij voor 3 miljard dollar zal afronden, mag zich verwachten aan een vlaag van financiële en commerciële pressie. De olietoevoer naar de raffinaderij via de door Rusland gecontroleerde pijplijn zal hoogst onregelmatig zijn. De daaruit voortvloeiende schommelingen van de aandelenkoers zullen een uitstekende gelegenheid vormen voor Russische insidetraders om hun slag te slaan en hun aandeel in de onderneming op te voeren. Tegen het einde van 2007 zal PKN Orlen dan allicht pogen om Mazeikiai te slijten aan Russische bieders. In het naburige Letland zal Rusland de oliedoorvoer naar de Ventspils-terminal blijven blokkeren, nog maar eens met dezelfde bedoeling: de energie-infrastructuur voor een prikje inpalmen. Europa zal ook moeten vaststellen dat een aantal alternatieve olie- en gasleveranciers in het Russische vaarwater terechtkomen. De levering van wapens voor meerdere miljarden dollar aan Algerije en joint ventures in ontginning en marketing zullen de terugkeer van Rusland als grootmacht benadrukken. Dat mag de Oost-Europeanen dan wel met wanhoop vervullen, maar de Russische wederopstanding zal de financiers in Londen vette winsten opleveren. De Russische energie-IPO's zullen in 2007 een van de meest levendige verhalen opleveren. Bekommernissen over de regelgeving zullen onder tafel geveegd worden. De winsten zullen Rusland respectabiliteit en invloed bezorgen. Als voormalig Duits kanselier Gerhard Schröder een goed betaalde bestuurderspost kan aanvaarden in een door Rusland gefinancierde joint venture, wat houdt dan andere politici en ambtenaren tegen om hetzelfde te doen? Amerika zal zich meer zorgen beginnen maken over de Europese energiebevoorrading in 2007. Het heeft met succes de oliepijpleiding Bakoe-Ceyhan gepromoot (die werd midden 2006 in gebruik genomen en verbindt Azerbeidzjan met Turkije via Georgië) en tegen het begin van 2007 zal er ook gas stromen door de pijplijn tussen Bakoe en Erzurum in Turkije. Maar dat zullen alleen maar speldenprikken zijn tegen de Russische opmars. Intussen heerst een nare stemming in de vroegere satellietlanden van Oost-Europa. Eens de energiedominantie gevestigd is, volgt onvermijdelijk de politieke beïnvloeding. De aanpassing van Europa aan de nieuwe realiteit van de energiepolitiek zal verder stroef en schoorvoetend blijven verlopen. Twee decennia nadat het Kremlin de aftocht blies uit het sovjetimperium, rukt nu een nieuwe hegemonie op, die dit keer steunt op pijpleidingen, niet op tanks - en die alle tekenen van duurzaamheid vertoont. De auteur is correspondent van The Economist voor Centraal- en Oost-Europa.Edward Lucas