Het LuxLeaks-dossier komt nu al meer dan een maand bijna dagelijks in het nieuws. Aanvankelijk was er grote verwondering over de vele en blijkbaar verregaande belastingdeals die bedrijven en vermogende families in Luxemburg hebben afgesloten. Die afspraken leiden tot oneerlijke belastingconcurrentie tussen de landen van de Europese Unie. Gaandeweg komt ook de Belgische rulingpraktijk in het vizier: ook ons land heeft interessante fiscale deals afgesloten met grote bedrijven. Zo hoeven die bedrijven geen belasting te betalen op een deel van de winst die ze in België halen.
...

Het LuxLeaks-dossier komt nu al meer dan een maand bijna dagelijks in het nieuws. Aanvankelijk was er grote verwondering over de vele en blijkbaar verregaande belastingdeals die bedrijven en vermogende families in Luxemburg hebben afgesloten. Die afspraken leiden tot oneerlijke belastingconcurrentie tussen de landen van de Europese Unie. Gaandeweg komt ook de Belgische rulingpraktijk in het vizier: ook ons land heeft interessante fiscale deals afgesloten met grote bedrijven. Zo hoeven die bedrijven geen belasting te betalen op een deel van de winst die ze in België halen. Volgens de letter van de wet is een ruling een beslissing van de federale overheidsdienst Financiën, die vaststelt hoe de belastingwet in een concreet geval moet worden toegepast. De wetgeving schrijft klaar en duidelijk voor dat de beslissing die de rulingdienst neemt, geen belastingvrijstelling of belastingvermindering tot gevolg mag hebben (wet van 24 december 2002). Die wet bepaalt ook dat aan de rulingdienst enkel situaties of verrichtingen kunnen worden voorgelegd die 'fiscaal nog geen uitwerking hebben gehad'. De officiële benaming van de rulingdienst luidt daarom Dienst Voorafgaande Beslissingen. Wanneer kan worden gezegd dat een verrichting fiscaal geen uitwerking heeft gehad? Aanvankelijk luidde de interpretatie van die voorwaarde dat de belastingplichtige zijn aanvraag voor een voorafgaande beslissing moest indienen voordat hij begon met de uitvoering van de verrichting. Maar vandaag onderzoekt de Dienst Voorafgaande Beslissingen ook vragen over verrichtingen die lopen, maar die nog niet het voorwerp zijn geweest van een belastingheffing of een onderzoek door een belastingdienst. Als de rulingdienst in een dossier een voorafgaande beslissing neemt, heeft dat het grote voordeel dat de fiscale wetgeving die op de voorgelegde verrichting moet worden toegepast, voor een bepaalde termijn vastligt. De dienst zelf bepaalt die termijn. Dat mag niet langer zijn dan vijf jaar. Gedurende die periode is de federale overheidsdienst Financiën door die beslissing gebonden. Een voorafgaande beslissing zorgt dus voor fiscale zekerheid. De wet verplicht de administratie om de beslissingen te publiceren, maar anoniem en met inachtneming van het beroepsgeheim van de fiscale administratie. Als de rulingdienst oordeelt dat de publicatie -- zelfs anoniem -- het risico inhoudt dat de aanvrager wordt geïdentificeerd, kan ze besluiten haar beslissing niet openbaar te maken. Ze neemt die beslissing volledig autonoom. Door het LuxLeaks-dossier ligt die keuzevrijheid van de Dienst Voorafgaande Beslissingen onder vuur. Er moet dan ook worden gepleit voor een transparantie van haar beslissingen en van het gevoerde rulingbeleid. We moeten alles doen om te vermijden dat belastingplichtigen en ondernemingen de indruk krijgen dat ze fiscaal verschillend worden behandeld of -- erger nog -- dat er fiscale willekeur bestaat. De oprichting van een toezichtsorgaan, een comité P, waarvoor collega's al hebben gepleit, kan daartoe bijdragen. De bal ligt in het kamp van de regering en het parlement. Om een gelijke en rechtvaardige belastingheffing van grote multinationale ondernemingen tot stand te brengen, moeten de inspanningen van internationale organisaties zoals de OESO maximale steun krijgen. Belastingconcurrentie moet worden bestreden en internationale fiscale samenwerking aangemoedigd. In eigen land moet er een duidelijke wetgeving komen. Heldere criteria voor de situaties die een eigen en dus verschillende fiscale behandeling moeten krijgen, zijn een absolute noodzaak. Een duidelijke wetgeving kan voorkomen dat fiscale ambtenaren en rechters de wet verschillend interpreteren. Maar zelfs met een heel nauwkeurige wetgeving zal de toepassing van de wet in concrete dossiers van bedrijven en belastingplichtigen nooit identiek zijn. De kenmerken van elk individueel dossier moeten worden beoordeeld, wat kan leiden tot een verschillende oplossing. Luc Maes is voorzitter van de Fiscale Hogeschool en hoofdredacteur van Fiscoloog. LUC MAESWe moeten alles doen om te vermijden dat belastingplichtigen en ondernemingen de indruk krijgen dat er fiscale willekeur bestaat.