Morgen, vrijdag 30 augustus, kent landskampioen Anderlecht zijn tegenstanders in de Cham-pions League. Het jaarlijkse kampioenenbal is een financiële jackpot voor elke Belgische club. De kans dat een ploeg uit een van de kleinere voetballanden de Beker met de Grote Oren ook wint, is echter minimaal. Daarvoor is het verschil in budget tussen Manchester United, Barcelona, Bayern München en pakweg Racing Genk veel te groot geworden.
...

Morgen, vrijdag 30 augustus, kent landskampioen Anderlecht zijn tegenstanders in de Cham-pions League. Het jaarlijkse kampioenenbal is een financiële jackpot voor elke Belgische club. De kans dat een ploeg uit een van de kleinere voetballanden de Beker met de Grote Oren ook wint, is echter minimaal. Daarvoor is het verschil in budget tussen Manchester United, Barcelona, Bayern München en pakweg Racing Genk veel te groot geworden. Nochtans is de economische situatie van de meeste topploegen niet florissant. In het licentierapport dat de Europese voetbalbond UEFA eind februari publiceerde, werd het collectieve verlies van de 679 onderzochte eersteklasseploegen geraamd op 1,7 miljard euro. De helft van dat verlies is op het conto van slechts tien ploegen te schrijven. "De kosten onder controle houden, zal de grootste uitdaging zijn voor de Europese voetbalclubs", liet UEFA-voorzitter Michel Platini horen. Want terwijl de omzet van de clubs de afgelopen vijf jaar met 24 procent steeg tot 13,2 miljard euro, schoten de spelerslonen met 38 procent omhoog. De kosten voor personeel (vooral spelerslonen) en transfergelden waren in 2007 goed voor 62 procent van de kosten. Anno 2011 was dat percentage opgelopen tot 71 procent, "waardoor een toename van de verliescijfers onvermijdelijk is", klinkt het. Dat blijkt ook. In het boekjaar 2011 boekte 63 procent van de Europese eersteklassers een operationeel verlies, en 55 procent een nettoverlies. Liefst 38 procent van de clubs heeft een negatief eigen vermogen, en bij één op de zeven drukten de auditoren hun twijfels uit over het voortbestaan van de club. Voor wie zich zorgen maakt: de Belgische licentieregels zijn doorgaans strenger dan de Europese, waardoor onze ploegen het in Europese vergelijkingen meestal goed doen. Al is alles relatief: bij de zestien onderzochte Belgische clubs prijken Germinal Beerschot Antwerpen, La Louvière en Excelsior Moeskroen (alle drie failliet en op lager niveau residerend), SK Beveren (intussen gefuseerd met Waasland), en de huidige tweedeklassers Westerlo en Roeselare. Om de rendabiliteit van de clubs op te krikken, lanceerde UEFA Financial Fair Play (FFP). Dat stelt dat clubs vanaf het seizoen 2015-2016 maximaal 5 miljoen euro verlies mogen boeken. Al mag er tijdens een eerste monitoringperiode, die afgelopen seizoen van start ging, over drie jaargangen gemiddeld een verlies van 15 miljoen euro worden neergeschreven. Om de zaken in perspectief te plaatsen: in België werken slechts vier tot vijf clubs met een budget dat groter is dan 15 miljoen euro. Voor veel ploegen heeft FFP dus geen impact. Aan het andere uiterste boekte Manchester City vorig jaar 97,9 miljoen pond (115 miljoen euro) verlies, een halvering ten opzichte van het seizoen daarvoor. De supporters die hopen dat de FFP de kansen van Standard, Club Brugge, Twente of andere Kopenhagens op Europese glorie zal verhogen, zullen echter van een koude kermis terugkomen, voorspelt Thomas Peeters, onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Hij schreef samen met de Britse sporteconoom Stefan Szymanski een paper over de nieuwe financiële regels. De conclusie luidt: FFP zal vooral de macht van de topclubs bestendigen, de lonen van de spelers met 5 tot 10 procent drukken, en zorgen voor nog grotere jeugdacademies van de Europese toppers. "Clubs krijgen eigenlijk een limiet opgelegd aan hun koopkracht", weet Szymanski, die sinds kort Londen verruild heeft voor de Universiteit van Michigan in de VS. "Daardoor komt er een neerwaartse druk op de spelerslonen. Er zullen minder topclubs zijn die de lonen van de topspelers kunnen betalen. Volgens onze simulaties zullen hun salarissen met 5 tot 10 procent dalen." De twee wetenschappers hebben hun twijfels over de UEFA-plannen. "FFP gaat een systeem veranderen dat zeer goed werkt", vreest Szymanski. "Op een moment dat het Europese voetbal er economisch nog nooit zo goed voor heeft gestaan. Want verkijk je niet op dat grote aantal ploegen met financiële problemen. Dat zijn meestal juist de kleinere clubs, die buiten FFP vallen." Investeringen in infrastructuur en jeugdopleiding moeten van UEFA niet in de FFP-verliesrekening worden meegeteld. Het gevolg is dat nu grof geld wordt betaald voor elke jongere die bovengemiddeld tegen een bal kan trappen. Want het is goedkoper de talenten van morgen zelf te vervolmaken, dan er overmorgen exuberante transfersommen voor te betalen. "In het Amerikaanse baseball zijn alle kleinere ploegen op een of andere manier gelieerd met de nationaal spelende teams", vergelijkt Szymanski. "Ik vermoed dat iets soortgelijks zal gebeuren in Europa. Ik kan me inbeelden dat alle Belgische eersteklassers uiteindelijk in een of andere vorm samenwerkingsakkoorden zullen hebben met clubs uit de Premier League, de Bundesliga of de Primera División." Het adviesbureau Roland Berger maakte al dezelfde analyse. Door FFP zal de kloof tussen subtop en top alleen maar toenemen, en zullen de subtoppers juist meer risico's nemen om toch maar aan de Champions League te kunnen deelnemen. "Om geloofwaardig te zijn, moet de UEFA op korte termijn de consistentie en de reikwijdte van FFP vergroten. Maar als ze het voetbal ook echt competitiever wil maken, is dat niet genoeg. Dan moet ze ook andere maatregelen overwegen, zoals het verkleinen van het financiële gat tussen Champions League en Europa League of het introduceren van een 6+5-regel, waarbij zes zelfopgeleide spelers opgesteld moeten worden." Economisch gezien, is de creatie van een Europese Superliga een logische oplossing, redeneert Peeters verder. "Denk aan een soort Conferences, waarbij elk groot land in zijn competitie plaats maakt voor ploegen uit een paar kleinere landen. In pakweg Luxemburg kan je dan perfect één Europese topploeg hebben, en zullen er meer consumenten worden bediend met topvoetbal. Want nu heeft elk klein land wel een topklasse, maar geen topvoetbal. Al zeg ik er dadelijk bij: politiek gezien, lijkt me dat de eerste decennia onmogelijk. Waardoor we zullen blijven zitten met een hybride systeem, dat in naam open is, maar in de praktijk niet." Met als gevaar dat een Europese competitie, waarvan de winnaars telkens uit een select groepje van zes tot tien clubs komen, uiteindelijk minder inkomsten genereert. Het is overigens nog niet zeker dat de FFP echt doorgang vindt. De Belgische advocaat Jean-Louis Dupont, die zijn strepen verdiende met het Bosman-arrest (dat clubs verbood spelers tegen te houden naar een andere club te vertrekken wanneer hun contract was afgelopen, nvdr) vindt het een overtreding van de Europese concurrentieregels en stapte naar de rechtbank. "Puur economisch heeft hij gelijk", zegt Peeters. "De spelerslonen zullen dalen door de inperking van de concurrentie. Maar dat mag van Europa, mits er voldoende positieve effecten zijn. De UEFA zal dat dan ook proberen te bewijzen. Ik geef Dupont een 50/50-kans." Bovendien zitten er nog veel achterpoortjes in de regels, concludeerde het adviesbureau Roland Berger. De FFP legt de nadruk op de resultatenrekening, neemt de balans slechts beperkt in beschouwing en hanteert definities die het werkelijke financiële plaatje vertekenen, klinkt het. "De 77 miljoen euro verlies van Chelsea over het seizoen 2010-2011 werd door FFP-correcties op papier gereduceerd tot 13 miljoen, waarmee het binnen de door de UEFA gestelde grenzen bleef." "Helemaal eerlijk kan je het niet noemen", vindt Peeters. "De Rus Roman Abramovitsj deed tien jaar geleden bij Chelsea exact hetzelfde als wat sjeik Mansour sinds 2009 bij Manchester City doet, of de Qatari bij PSG. Maar vanaf nu mag dat plots niet meer. Daardoor kunnen er eigenlijk amper nieuwe uitdagers komen voor de gevestigde waarden." "Ik ben fan van de ploeg uit mijn ge-boortestreek, Scunthorpe United, een vierdeklasser in Engeland", verduidelijkt Szymanski. "Alle fans zouden dolenthousiast zijn als één of andere superrijke zijn geld wil pompen in Scunthorpe. Zelfs al zouden we na het behalen van de titel in eerste klasse failliet gaan. Niemand zal het jammer vinden dat de overnemer geld verliest. Want het grote verschil tussen een club en een bedrijf is dat een voetbalclub van de gemeenschap is. Als Scunthorpe failliet gaat, begint iemand anders er opnieuw met een ploeg. Wat de UEFA eigenlijk doet, is een bordje aan de deur hangen: 'Rijke investeerders niet welkom'. Het resultaat zal zijn dat er minder geld naar het voetbal vloeit."LUC HUYSMANS"Financial Fair Play gaat een systeem veranderen dat zeer goed werkt" Stefan Szymanski (Universiteit Michigan) "Financial Fair Play hanteert definities die het werkelijke financiële plaatje vertekenen" Roland Berger (adviesbureau)