Wat houdt het Japanse voorstel in?

Premier Taro Aso wil 12,7 miljard euro investeren in de Japanse economie. De steun aan de kleine en middelgrote ondernemingen staat centraal en de overheid neemt daarvoor participaties in strategische bedrijven. De kmo's staan voor 70 procent van de Japanse jobs en zijn belangrijke toeleveranciers voor de grote Japanse merken. Tegelijk zijn het net die kmo's die vandaag het meeste te lijden hebben onder de crisis. Sinds het uitbreken van de kredietcrisis draaiden financiële instellingen de kredietkraan naar die bedrijven grotendeels dicht. In ruil...

Premier Taro Aso wil 12,7 miljard euro investeren in de Japanse economie. De steun aan de kleine en middelgrote ondernemingen staat centraal en de overheid neemt daarvoor participaties in strategische bedrijven. De kmo's staan voor 70 procent van de Japanse jobs en zijn belangrijke toeleveranciers voor de grote Japanse merken. Tegelijk zijn het net die kmo's die vandaag het meeste te lijden hebben onder de crisis. Sinds het uitbreken van de kredietcrisis draaiden financiële instellingen de kredietkraan naar die bedrijven grotendeels dicht. In ruil voor de overheidssteun moeten de bedrijven wel een plan uitwerken dat hun winst in drie jaar fors verhoogt. Dat is nog maar de vraag. Japan verkeert al officieel in een recessie sinds oktober 2007. De economische indicatoren staan op onweer. De export is met 20 tot 30 procent gedaald en de industriële productie daalde met 10 procent. Japan deelt al jaren in de klappen en slaagde er nog altijd niet in om zijn nominaal bruto binnenlands product (bbp) boven de piek van 1995 te tillen. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) ziet de hele wereldeconomie krimpen. Maar het verwacht de hardste klappen in Japan, waar de economie met bijna 3 procent zal krimpen. Ook in België zijn kmo's de ruggengraat van het economische weefsel, zegt Wouter Van Gulck van de federatie van de Belgische Kamers van Koophandel. Blindelings het Japanse scenario volgen - waarbij de overheid participaties neemt in strategische bedrijven - is een andere vraag. Ook het nut van bedrijven te verplichten om een businessplan te schrijven waaruit moet blijken dat ze hun winst in drie jaar fors verhogen, roept vragen op. "Zeker in woelige economische tijden lijkt een businessplan niet meer dan een goed bedoeld intentiedocument. Wij blijven van oordeel dat de overheid zich niet in de plaats moet stellen van de ondernemer." Dat de kmo's ondersteund worden, is uiteraard een belangrijke noodzaak, zegt ook Unizo. Maar in ruil een busi-nessplan vragen waarbij de winst de komende jaren verdrievoudigt, is minder vanzelfsprekend. "Een van de belangrijkste kenmerken van ondernemen is risico nemen. En risico is een kans op succes, maar ook een kans op mislukking. Succes eisen is eigenlijk een miskenning van het begrip ondernemen." Unizo ziet veel meer heil in de ondersteuning van het eigen vermogen van de bedrijven. De Federatie van Kamers van Koophandel is steun genegen aan bedrijven die investeren in onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Voor het bedrijfsleven is het, nu meer dan ooit, van cruciaal belang dat de regionale overheden hun strategische plannen uitvoeren en de hieraan verbonden investeringen in bijvoorbeeld infrastructuur en mobiliteit doen. Hiervoor moeten ze alle beloofde middelen uittrekken. Door Lieven Desmet