SLECHT WEER, STAKINGEN en zelfs een lang griepseizoen wordt er bijgesleept om te verklaren dat de Europese economie in het eerste kwartaal van dit jaar een onverwacht dipje beleefde. De groei bleef steken op 0,4 procent, tegenover nog 0,7 procent in dezelfde periode vorig jaar. Excuses zijn er om zich van te bedienen, maar los daarvan laat de economie duidelijk stoom af. Conjunctureel eisen de sterkere euro, de duurdere olie en het iets minder soepele geldbeleid hun tol. Meer fundamenteel komt onze economie misschien zichzelf al tegen. We groeien sneller dan we op lange termijn eigenlijk kunnen, wat dus niet vol te houden is.
...

SLECHT WEER, STAKINGEN en zelfs een lang griepseizoen wordt er bijgesleept om te verklaren dat de Europese economie in het eerste kwartaal van dit jaar een onverwacht dipje beleefde. De groei bleef steken op 0,4 procent, tegenover nog 0,7 procent in dezelfde periode vorig jaar. Excuses zijn er om zich van te bedienen, maar los daarvan laat de economie duidelijk stoom af. Conjunctureel eisen de sterkere euro, de duurdere olie en het iets minder soepele geldbeleid hun tol. Meer fundamenteel komt onze economie misschien zichzelf al tegen. We groeien sneller dan we op lange termijn eigenlijk kunnen, wat dus niet vol te houden is. REGERINGEN DIE verkiezingen zien naderen, zoals die in België, houden hun hart vast. Het zal toch niet waar zijn dat ze midden in een groeivertraging of een recessie naar de kiezer moeten? De federale regeringsmantra 'jobs, jobs, jobs' zou hol klinken als het ontslagen regent. De ambitie van een begroting in evenwicht zou lachwekkend zijn, en het bewijs van structurele hervormingen zou ondergesneeuwd raken door de conjuncturele tegenslag. De oppositie loopt zich al warm. Toch hoeft de regering-Michel nog niet te panieken. In de lentevooruitzichten voorspelt de Europese Commissie dat de Europese economie dit én volgend jaar sneller zal groeien dan ze vermag, vooraleer ze tegen haar limieten botst. De fundamenten zijn nog veel te stevig om 'wolf' te roepen. VOORAL DE ARBEIDSMARKT blijft verbazen. De werkloosheid is in Europa gedaald tot het niveau van voor de financiële crisis. In het eurogebied zijn er nooit zo veel mensen aan de slag geweest als nu, digitalisering of geen digitalisering van de economie. We kunnen stilaan spreken van een Europese banenmirakel. Meer lonen en hogere lonen dragen het herstel. Het aantal bedrijven dat niet langer voldoende geschikt personeel vindt, neemt weliswaar overhand toe, maar toch zit er nog rek op de Europese arbeidsmarkt. De officiële werkloosheid is gedaald tot 8 procent, maar de eigenlijke werkloosheid - met inbegrip bijvoorbeeld van mensen die wel willen werken, maar het zoeken naar een baan hebben opgegeven - bedraagt nog het dubbele. Die nog onbenutte arbeidsreserves remmen de loonstijgingen af en helpen de inflatie laag te houden. Een loonprijsspiraal die het herstel kan ontwrichten, is nog niet voor morgen. INTUSSEN BLIJFT HET financiële klimaat heel aangenaam voor bedrijven en gezinnen. Lage rentevoeten en hoge beurskoersen geven de economie een vlotte toegang tot financiering, ondanks het stilaan krappere geldbeleid van de Europese Centrale Bank. De recente correctie en de volatiliteit op de beurzen zijn onvoldoende om die pijler van de expansie omver te duwen. Ook het budgettaire beleid legt het herstel niets in de weg. Na jaren van besparingen gaat de riem er even af, nu geen enkel euroland nog een begrotingstekort van meer dan 3 procent van het bruto binnenland product torst. EUROPA MAG OOK een kaars branden voor het mondiale herstel dat de Europese export een boost gaf. De combinatie van de sterke buitenlandse vraag en de interne krenterigheid tilt de lopende rekening naar een royaal overschot. Dat maakt onze economie kwetsbaar voor de stijgende kans op handelsoorlogen en protectionisme. De Europese Commissie merkt op dat de Amerikaanse president Donald Trump achter zijn staart aanholt. Trumps enge visie op handel wordt gevoed door een groot tekort op de Amerikaanse handelsbalans, dat verder dreigt op te lopen door zijn expansieve fiscale beleid. DE BELGISCHE ECONOMIE danst op het Europese ritme, ook al groeien we trager dan gemiddeld in Europa, omdat nog puin van vroeger moet worden geruimd. Als de oppositie wijst naar de relatief magere groeicijfers van nu, klaagt ze eigenlijk het slechte beleid van het verleden aan. Ook in België is de arbeidsmarkt de ster van het herstel, maar de onbenutte reserves zijn hier nog groter en we botsen toch sneller tegen knelpunten aan. Op het budgettaire beleid kan wel met scherp worden geschoten. Dat beleid is nu zelfs licht expansief te noemen. Daar zijn geen excuses voor.