Prijsflexibiliteit vormt een essentieel kenmerk van het handboekmodel van een vrijemarkteconomie. Zonder die prijsflexibiliteit kan het prijsmechanisme als regulerende factor van het economische leven zijn rol niet naar behoren vervullen. Uit hét bastion van de voorvechters van de vrijemarkteconomie, de University of Chicago, komen nu onderzoeksresultaten die wijzen op een belangrijke asymmetrie rond het thema prijsflexibiliteit. ...

Prijsflexibiliteit vormt een essentieel kenmerk van het handboekmodel van een vrijemarkteconomie. Zonder die prijsflexibiliteit kan het prijsmechanisme als regulerende factor van het economische leven zijn rol niet naar behoren vervullen. Uit hét bastion van de voorvechters van de vrijemarkteconomie, de University of Chicago, komen nu onderzoeksresultaten die wijzen op een belangrijke asymmetrie rond het thema prijsflexibiliteit. De titel van het onderzoeksrapport laat nog slechts weinig twijfel bestaan over de belangrijkste conclusie: "Prices Rise Faster Than They Fall". De auteur van het rapport is geen onbekende op het terrein. Sam Peltzman van de Graduate School of Business, stond in de jaren zeventig mee aan de wieg van de economische analyse van regulering. In die zin is hij onrechtstreeks een belangrijke figuur in de dereguleringsbeweging, die zich eerst van de Verenigde Staten en later ook van Europa en Japan heeft meester gemaakt. Zijn conclusie baseert Sam Peltzman op een heel breed empirisch onderzoek. Hij onderzocht het prijsgedrag in 242 industrieën, waarvan 77 in de sfeer van de consumptiegoederen en 165 in die van de producenten- en investeringsgoederen. In twee op de drie markten reageren de outputprijzen sneller op een kostenverhoging dan op een kostenverlaging. Tussen de twee aangeduide grote categorieën van markten is er geen statistisch significant verschil. Ook maakt het geen verschil uit of het nu gaat om markten met veel of weinig verkopers, dan wel of er traditioneel veel of weinig voorraad wordt aangehouden. Gemiddeld is de onmiddellijke reactie op een kostenverhoging dubbel zo intensief als de reactie op een kostenverlaging. Een verschil dat vijf tot acht maanden merkbaar blijft.Sam Peltzman windt er in zijn conclusies geen doekjes om. Zijn empirische bevindingen vormen een ernstig probleem voor de standaard economische theorie die een prestigieuze universiteit als die van Chicago, hoog in het vaandel voert. Nadere analyse geeft aan dat een belangrijk onderdeel van de verklaring van deze asymmetrie wel eens zou kunnen liggen bij de verticale bindingen die vele markten kenmerken.Sam Peltzman, "Prices Rise Faster Than They Fall", The University of Chicago, George J. Stigler Center for the Study of the Economy and the State, 1998, working paper no. 142.