Dat levert een doorgaans briljant geformuleerde uiteenzetting op, die uiteenwaaiert in tal van onderwerpen die de voormalige Belgische premier ook al in eerdere werken aansneed: de wereldwijde markteconomie die dreigt te ontaarden in een marktmaatschappij ("waarin alles een prijs en niets nog waarde heeft"), Europa ("dat hopelijk een vaderland wordt om te beminnen, maar waaraan nog grondig gesleuteld moet worden, wegens zijn democratisch deficit en zijn gebrek aan doelmatigheid") en de evolutie van macht naar gezag ("waarbij de ethische dim...

Dat levert een doorgaans briljant geformuleerde uiteenzetting op, die uiteenwaaiert in tal van onderwerpen die de voormalige Belgische premier ook al in eerdere werken aansneed: de wereldwijde markteconomie die dreigt te ontaarden in een marktmaatschappij ("waarin alles een prijs en niets nog waarde heeft"), Europa ("dat hopelijk een vaderland wordt om te beminnen, maar waaraan nog grondig gesleuteld moet worden, wegens zijn democratisch deficit en zijn gebrek aan doelmatigheid") en de evolutie van macht naar gezag ("waarbij de ethische dimensie essentieel is"). Als rode draad hamert Eyskens op de hamvraag: "Hoe verandering omzetten in menselijke vooruitgang?" Ondanks de harde kritiek en de soms loodzware vragen, mondt het finale antwoord niet uit in doemdenken. Eyskens pleit immers voor " meliorisme in tijden van radeloosheid". Om verbale vernieuwing heeft hij nooit verlegen gezeten. Hij noemt zich een meliorist, die uitgaat van de geloofshoop dat mensen en dingen verbeterbaar zijn.Uiteraard ontstaat ook een centrum-linkse samenklontering, gedomineerd door de sociaal-democraten. Daar kunnen de pragmatische fracties van de groenen onderdak vinden. In België ziet Eyskens al een toenadering. Gniffelt: "Het is niet de geringste paradox in de Belgische politieke situatie dat uitgerekend een liberaal eerste minister, Guy Verhofstadt, wiens verleden Thatcheriaans is geweest, het bed spreidt voor een geleidelijke fusie van socialisten en groenen, dankzij het feit dat beide partijen in een paars-groene coalitieregering zijn opgenomen en er zich programmatisch vinden, for better and for worse." Eyskens vergeet niet dat ook "zogenaamde linkse christenen, die dicht staan bij de vakbonden, heel wat voelen voor een nieuwlinkse hergroepering rond socialisten, groenen en progressieve gelovigen." Zelfs met de meest pragmatische lijm lijkt de CVP in haar huidige gedaante niet te handhaven. Eyskens ziet haar wel als "de hefboom van de politieke hergroepering" in Vlaanderen, niet als een "bedilzuchtige initiatief fnuikende overheidspartij", maar evenmin als een "meedogenloze marktpartij die de maatschappij tot een jungle herschept." Vrijwel tegelijkertijd, maar vreemd genoeg bij een andere uitgeverij, verscheen Leven in tijden van godsverduistering, waarin Eyskens zijn favoriete thema's filosofischer benadert. Hij noemt het zijnsvragen en zinsvragen. God en de religie zijn er nooit ver uit de buurt, maar het boek kan zeker niet afgewimpeld worden als een sermoen. Luc De DeckerMark Eyskens, Het verdriet van het werelddorp. Davidsfonds, 224 blz., 695 fr. Mark Eyskens, Leven in tijden van godsverduistering. Lannoo, 248 blz., 685 fr."Het is niet de geringste paradox in de Belgische politiek dat een liberaal eerste minister het bed spreidt voor een geleidelijke fusie van socialisten en groenen."