Nepotisme is alom verspreid in de Belgische politiek. Op Wikipedia verschijnt een lange lijst van Belgische politici die vier bladzijden A4-formaat beslaat. Alle politieke partijen zijn er vertegenwoordigd behalve Groen! en Ecolo. De langste reeks (25) is die van de Vlaamse christendemocraten, gevolgd door de Franstalige socialisten (23 namen). Wikipedia voegt er in de aanhef fijntjes aan toe: "De Belgische politiek is bekend om de vele politici en adviseurs waarvan de ouders of een andere bloedverwant ook al politici waren of zijn."
...

Nepotisme is alom verspreid in de Belgische politiek. Op Wikipedia verschijnt een lange lijst van Belgische politici die vier bladzijden A4-formaat beslaat. Alle politieke partijen zijn er vertegenwoordigd behalve Groen! en Ecolo. De langste reeks (25) is die van de Vlaamse christendemocraten, gevolgd door de Franstalige socialisten (23 namen). Wikipedia voegt er in de aanhef fijntjes aan toe: "De Belgische politiek is bekend om de vele politici en adviseurs waarvan de ouders of een andere bloedverwant ook al politici waren of zijn." Onze buurlanden kijken met argusogen naar deze indrukwekkende lijst van politieke prominenten. Zij fluisteren dat nergens anders politiek nepotisme zoveel bijval oogst. De talrijke familiale verbanden in de Belgische politiek zijn niet van die aard dat zij onze wankele rechtsstaat zouden verstoren. Volgens William Shakespeare is niet elke wolk ook noodzakelijk een donderwolk. Kinderen van politici zijn niet noodzakelijk jaknikkers en zijn ook niet meer dan anderen geneigd te snoeien in de democratische beginselen. In een zomerinterview legt Karel De Gucht in het lang en het breed uit dat nepotisme gewoonweg in de genen van bepaalde families zit ingebakken. "Wel, misschien was ik jaren geleden daar ook niet zo van overtuigd omdat zoiets toch maar kreten over nepotisme oplevert, maar inmiddels weet ik beter: het is gewoon genetisch", zegt De Gucht. De familie De Gucht heeft haar stamboom opgesteld en geraakt tot in de 17de eeuw bij de oudst bekende stamvader. Dat blijkt een zekere Marinus Baert te zijn, die in het jaar 1663 in Overmere, het geboortedorp van Karel De Gucht, burgemeester was. "Er is dus niets aan te doen, het is een puur genetische kwestie. In de 18de eeuw lopen er nog een paar voorouders van mij rond, die ook burgemeesters waren en die tot de Vonckisten behoorden. Met andere woorden, ook dat reactionaire en provocatieve is genetisch." Karel De Gucht vergist zich op twee punten. De eerste de beste geneticus en genealoog kan hem bewijzen dat bijna alle Vlamingen die dezelfde genealogische ontdekkingsreis ondernemen, in hun stamboom tal van burgemeesters, schepenen, baljuws, leenheren, kamerheren, opper- schenkers, hofmaarschalken en veel andere prominente politieke mandatarissen zullen tegenkomen. Men beweert zelfs dat 10 procent van alle Vlamingen op een of andere manier in hun afstamming zullen stuiten op Karel de Grote, op voorwaarde dat zij zich doorheen het eeuwental kunnen slaan. Wij beschikken dus allemaal over de nodige biologische erfelijkheid om actief deel te nemen aan de politeia en aan politiek te doen. Het zit in de genen van elk verstandig, en ook minder verstandig mens. De Gucht hoeft dus niet naar de genetica te grijpen. De Gucht vergist zich ook op een ander punt. Hij verwijst expliciet naar zijn zoon Jean-Jacques, die aan een politieke carrière begon. Dat is geen nepotisme. Alle definities van nepotisme verwijzen naar de onrechtmatige begunstiging van verwanten of vrienden bij het vergeven van posten. Niets bewijst dat De Gucht zijn zoon onrechtmatig heeft begunstigd. Niemand bewijst dat alle zonen en dochters op de lange Wikipedia-lijst om hun ouders' gunst vragen, of hun ziel en zaligheid voor hun moeder of vader willen verkopen. Voorbeelden van nepotisme in de geschiedenis zijn legio. Men denke aan Kim II Sung en zoon Kim Jong II, Laurent-Desiré Kabila en zoon Joseph, Fidel Castro en broer Raul, Zulfiquar Ali Buttho en dochter Benazir, enzovoort. Ook President Sarkozy werd beschuldigd van nepotisme bij de gemeenteverkiezingen in Neuilly waar kandidaat Arnaud Teullé de plaats moest ruimen voor Jean Sarkozy, zoon van de Franse president. Hierbij vergeleken, zijn de familieverbanden in onze Belgische politiek geen zondig verhaal. Er bestaan maar weinig gevallen waar de onrechtmatige begunstiging en bevoordeling flagrant was. Men heeft af en toe tegen de welvoeglijkheid gezondigd, maar niet in de mate dat het strafbaar zou zijn. Wie zou durven beweren dat Mark Eyskens zijn vader Gaston nodig had om de hoogste rangen van de politiek te bereiken en er een briljante carrière uit te bouwen? Wie zou Frank Van Acker van nepotisme beschuldigen voor zijn burgemeesterschap in Brugge? Of ook het geslacht Vanderpoorten hoeft zich niet te schamen voor drie generaties gewijd aan het algemeen welzijn. DE AUTEUR IS jurist.Jean-Pierre De BandtNeen, wij moeten ons niet schamen. Wij mogen gerust het genetisch argument laten varen.