In het complexe België werden alle confrontaties, hoe bitter ook, opgelost door de gewapende vrede, ook gekend als de compromispolitiek. Wie het eerbiediger wil zeggen, heeft het over consensuspolitiek, waarbij de overheid alle politieke breuken lijmt - en daardoor ook de macht in dezelfde handen houdt. "Het systeem oogde niet mooi, maar het werkte. Het bracht stabiliteit in een land dat op levensbeschouwelijk, sociaal-economisch en communautair vlak diep verdeeld was," schrijft de Leu...

In het complexe België werden alle confrontaties, hoe bitter ook, opgelost door de gewapende vrede, ook gekend als de compromispolitiek. Wie het eerbiediger wil zeggen, heeft het over consensuspolitiek, waarbij de overheid alle politieke breuken lijmt - en daardoor ook de macht in dezelfde handen houdt. "Het systeem oogde niet mooi, maar het werkte. Het bracht stabiliteit in een land dat op levensbeschouwelijk, sociaal-economisch en communautair vlak diep verdeeld was," schrijft de Leuvense socioloog LucHuyse in Over politiek (Van Halewyck, 439 blz., 25 euro). Huyse is de chroniqueur par excellence van die gewapende vrede, waarover hij al in 1980 een gelijknamig essay uitbracht. Samen met twee andere spraakmakende essays, De verzuiling voorbij (1987) en De politiek voorbij (1994), werd dat werk integraal opgenomen in de volumineuze nieuwe bundel. Dat is niet alleen een schitterend idee omdat we die boeken een keer te veel uitgeleend hadden, Huyse heeft er ook een nieuw essay aan toegevoegd, waarin hij zijn eerdere bevindingen confronteert met de huidige politieke constellatie in België. Die confrontatie brengt hem onvermijdelijk bij de uitlating van voormalig premier Jean-Luc Dehaene, die in Er is nog leven na de 16 (2003) de zwanenzang van de overlegdemocratie aankondigt: "Vandaag glijden we af naar de burgerdemocratie, waarvoor Pim Fortuyn symbool kan staan." In die burgerdemocratie worden de klassieke zuilgebonden organisaties en de overlegorganen omver gekegeld door een rechtstreeks treffen met de mondige, ontvoogde burger. Die evolutie is tastbaar, maar nog niet algemeen. Op communautair vlak houdt de oude politieke cultuur nog altijd stevig stand, stipt Huyse aan. Hij besluit: "De Belgische politiek weifelt tussen oud en nieuw." Wat is de relatie tussen de burgers en hun vertegenwoordigers die over hen regeren? Wat is de rol van de politiek en is die sterk aan het wijzigen? Die vragen vormen ook de rode draad in Democratie als filosofisch vraagstuk (Pelckmans, 144 blz., 14,50 euro), een bundel met bijdragen van onder meer politicoloog Kris Deschouwer, samengesteld door de Brusselse filosofen Wilfried Goossens en Tim Heysse. Een bijdrage komt van de Leuvense filosoof Herman De Dijn, van wie ook een hoogst interessante bundel essays over ethische kwesties verscheen: Taboes, monsters en loterijen (Pelckmans, 159 blz., 15,95 euro). De hoogleraar gaat resoluut in op vragen over het toegenomen sentimentalisme, maatschappelijke waarden en de gevolgen van de biomedische technologie. Luc De Decker