Toby Young, Hoe je vrienden verliest en anderen kwijtraakt. Vassallucci, 339 blz., 18,50 euro.
...

Toby Young, Hoe je vrienden verliest en anderen kwijtraakt. Vassallucci, 339 blz., 18,50 euro.Jongleren met onkostennota's is geen monopolie van Antwerpse stedelijke kringen. Neem nu de pers. Of laten we wat voorzichtiger zijn: een bepaalde pers. Bij de New Yorkse glossy Condé Nast kon een redactrice het zich veroorloven om een koerier van het bedrijf naar haar flat te sturen om een gehuurde videoband tijdig naar de videotheek te brengen. Besparing voor de redactrice: 1,50 dollar. Kosten voor het bedrijf: 20 dollar. Stelt niks voor, want haar redactiechef liet het hele jaar door een flat in Parijs huren en vertikte het om daar te verblijven als hij naar Parijs reisde om de voor- en najaarsmode te bekijken. Dan stond hij erop in het Ritz te logeren. Zijn leuze: "Verspilling is heel belangrijk in creativiteit." Bij Vogue was dezelfde flamboyante redactiechef gedegradeerd nadat hij betrapt was toen hij zijn vriend per Concorde naar Parijs vloog en dit declareerde. Zulke sappige roddels krijgen we bij de vleet in Hoe je vrienden verliest en anderen kwijtraakt, het hilarische relaas van de Britse journalist Toby Young over zijn vijf desastreuze jaren bij New Yorkse glamourbladen. Toen hij aan de slag kon bij Vanity Fair, liet Young Londen meteen achter zich en dacht hij dat hij het helemaal gemaakt had. Hij zag het al voor zich: aan de toog met ongenaakbare Hollywoodsterren, in bed met de beroemdste mannequins en berucht als roddeljournalist. Maar zijn lompe Londense gewoonten doen hem keer op keer de verkeerde grappen maken of verboden vragen stellen. Al gauw is hij een paria in de glitterwereld, wordt hij verbannen van de celebrityfuiven. Het Amerikaanse tenenlopen om toch maar politiek correct te zijn, begrijpt de uitgespuwde lolbroek niet. Hij sleurt er overigens Tocqueville bij om omstandig aan te tonen dat die politieke correctheid finaal neerkomt op "een vorm van vrijwillige slavernij, het middel waarmee de meerderheid het individu haar wil oplegt." Alleen economische ongelijkheid wordt geduld: "Het is één van de ironieën van de Amerikaanse democratie dat de minst verdedigbare vorm van ongelijkheid, het soort dat 14 miljoen kinderen ertoe veroordeelt in armoede op te groeien, feitelijk de enige vorm van ongelijkheid is die wordt getolereerd." Zulke ernstige kanttekeningen sauzen deze van zelfspot bol staande komedie. De mix van droge humor en rake observatie - genadeloos voor anderen én voor zichzelf - doet sterk denken aan de betere films van Woody Allen. Bovendien biedt het boek een boeiend insidersverslag van de werking van de glossy's, die zich schaamteloos laten inpakken door machtige pr-bureaus. Luc De Decker