P ortmade profileert zich als de dienstverlener van back room-activiteiten voor scheepsagenten, de vertegenwoordigers van de rederijen. "Papierwerk is onze stiel," zegt Hugo Vanden Camp, topman van Portmade.
...

P ortmade profileert zich als de dienstverlener van back room-activiteiten voor scheepsagenten, de vertegenwoordigers van de rederijen. "Papierwerk is onze stiel," zegt Hugo Vanden Camp, topman van Portmade. Traditioneel nemen de scheepsagenten de documentaire verwerking van het maritieme transport voor zich. Er komt heel wat overhead te pas bij de verwerking van BTW en accijnzen, uitvoervergunningen, documentaire kredieten, Europese subsidies en andere administratieve beslommeringen. "Dit werk is een specialisme op zich," stelt Vanden Camp. "Agenten willen de verantwoordelijkheid hiervoor steeds minder opnemen en vertrouwen ze toe aan degene die deze knowhow onder de knie heeft. Omdat Antwerpen en andere havensteden de grens vormen met niet-Europese landen, komt er een hoop papier op de agenturen af. Wij vullen deze niche op." Portmade werd in 1993 - bij het wegvallen van de Europese binnengrenzen - opgericht als divisie binnen CMB-dochter Aseco. Het profileerde zich als een onafhankelijke groep, die in 1998 een gezamenlijke omzet haalde van 600 miljoen frank en 58 werknemers telt. Eén dezer wordt normaal gezien de akte ondertekend, waardoor Portmade een onafhankelijke vennootschap wordt via een door enkele maritieme bedrijven (zoals CP Ships) ondersteunde management buy-out, geleid door Vanden Camp. Naast de administratieve verwerking, biedt Portmade een brede waaier van diensten, zoals onder meer de in- en uitklaring, de coördinatie van magazijnbeheer en goederenbehandeling, de contacten met de douane voor allerlei diensten, container- en cargotoezicht, de bevoorrading, groupage van kleinere transporten en consultancy. "De agent houdt zijn handen vrij voor de commerciële taak," stelt Vanden Camp. "Wij doen de rest."Uiteraard komt Portmade dagelijks in contact met de douane, die recent op kritiek kon rekenen van de expediteurs. Zij laakten het weinig flexibele optreden van de douaniers. "Vroeger konden bij de douane dingen worden gearrangeerd met persoonlijke incentives," weet Vanden Camp. Het spreekwoordelijke bankbiljet in documenten verrichtte wonderen. "Is dit flexibiliteit? Welnu, dat soort praktijken, waar we niet aan meedoen, verdwijnt gelukkig. Wie zich correct en efficiënt opstelt, moet geen schrik hebben van ambtelijke vertragingen. Het vertrouwen is dan wederzijds. Meer nog: door de misbruiken stijgt de administratieve druk om excessen tegen te gaan. Wat leidt tot extra last voor bonafide bedrijven."