Roomijs-producent Joris IJs uit Beerse wil al zes jaar groeien. Maar het mag niet van de overheid.
...

Roomijs-producent Joris IJs uit Beerse wil al zes jaar groeien. Maar het mag niet van de overheid. Wat meteen opvalt bij een bezoek aan de bvba Joris IJs in Beerse is het gebrek aan ruimte. De schepwagens staan op de stoep geparkeerd, aan de overkant ronkt een koelwagen. Joris IJs heeft geen ruimte om een grote diepvrieshal te bouwen : en dus wordt het ijs opgeslagen in een koelwagen die buiten staat. De temperatuur ervan bedraagt -25C, vorig jaar verbruikte de koelwagen voor een half miljoen aan elektriciteit. "De organisatie loopt mank. Ik kan niet nog eens twee jaar wachten. De kosten die ik maak om te blijven produceren zijn te hoog om het nodige rendement te halen," klinkt directeur Xavier Roefs nog vrij gematigd. Toch oogt de balans nog mooi. Vorig jaar behaalde de bvba een omzet van 25 miljoen, goed voor een nettowinst van 1 miljoen. Het aantal werknemers schommelde tussen vier (winter) en veertien (hoogseizoen). Normaliter zou die omzet een derde hoger liggen, het aantal werknemers naar twintig klimmen. Maar Xavier Roefs en de bvba Joris Ijs hebben een machtige tegenspeler : de overheid. Sinds 1989 wacht de onderneming op de officiële goedkeuring om een bedrijfsterrein, zowat twee kilometer verderop, in gebruik te nemen. Daarop zou een nieuw gebouw, goed voor een investering van 35 miljoen, uit de grond rijzen. Het hele groeibeleid van Joris IJs was op deze investering geënt. Maar zeven jaar later is het dossier nog steeds niet rond. De lap grond is nog steeds landbouwgrond. Maar hij paalt vooraan aan de Turnhoutsebaan, achteraan aan een industriezone. "Dit is geen scheve zaak. De boer gebruikte zijn grond alleen nog om mest te storten. Op deze manier kan ik niet blijven werken. Tenzij ik serieus ga inkrimpen."Xavier Roefs (48j.) nam in 1987 de bvba Joris IJs over van zijn schoonvader. Marcel Joris startte ermee in 1949. Maar in tegenstelling met de onlangs overleden Staf Jansen van het IJsboerke, die ook met een ijskar begon, wou hij niet doorgroeien. Marcel Joris beperkte zich tot schepijs. Xavier Roefs, een gewezen leraar, zag die groei wél zitten. In 1989 werden de productiemiddelen en het rollend materieel vernieuwd. Met het nog steeds eigenhandig geproduceerde schepijs, mikt Joris IJs op een riante niche. Een vijfde van de productie is bestemd voor de horeca, 5 % gaat naar grossisten en zelfstandige verkopers. Driekwart van de productie wordt verkocht via dertien schepwagentjes.XAVIER ROEFS (JORIS IJS) Wacht al sinds 1989 op de officiële goedkeuring om een nieuw bedrijfsterrein in gebruik te nemen.