In een gesprek met Het Laatste Nieuws was N-VA-voorzitter Bart De Wever duidelijk: Oostenrijk is het gidsland voor een belastingverschuiving. "Daar worden tegenover een belastingverlaging van 5 miljard maar 3 miljard nieuwe inkomsten geplaatst. Ik vind dat een goed voorbeeld", zegt hij. De Wever maakt wel een rekenfout: van de lastenverlaging compenseert Oostenrijk niet 3 miljard maar 4 miljard euro door andere belastingen.
...

In een gesprek met Het Laatste Nieuws was N-VA-voorzitter Bart De Wever duidelijk: Oostenrijk is het gidsland voor een belastingverschuiving. "Daar worden tegenover een belastingverlaging van 5 miljard maar 3 miljard nieuwe inkomsten geplaatst. Ik vind dat een goed voorbeeld", zegt hij. De Wever maakt wel een rekenfout: van de lastenverlaging compenseert Oostenrijk niet 3 miljard maar 4 miljard euro door andere belastingen. De burgers zullen de Oostenrijkse belastinghervorming snel in hun portefeuille voelen. De 5 miljard euro aan lastenverlagingen zijn eigenlijk een grondige hervorming van de Oostenrijkse personenbelasting: de meeste belastingtarieven worden verlaagd, en burgers komen er minder snel in een hogere belastingschijf terecht. Zo wordt het tarief voor het jaarlijkse belastbare inkomen tussen 11.000 en 18.000 verlaagd van 36,5 naar 25 procent. Ook voor hogere inkomens verlaagt Oostenrijk de tarieven van de personenbelasting, zij het in beperktere mate. Wie een inkomen tussen 60.000 en 90.000 heeft, ziet zijn belastingvoet dalen van 50 naar 48 procent. Voor de hoogste inkomens met een belastbaar inkomen van meer dan 1 miljoen euro gaat het tarief van 50 naar 55 procent. Het stelsel van de personenbelasting blijft progressief en heeft tegelijk oog voor de aanbodkant van de arbeidsmarkt: als de inkomstenbelasting binnen redelijke marges blijft, schrikt het de mensen niet af voor een baan te kiezen. Dat is een verschil met België, waar burgers zeer snel in de hoogste tarieven van de personenbelasting vallen. Zo wordt een belastbaar inkomen van 10.000 euro in ons land tegen 30 procent belast. In Oostenrijk is dat 0 procent. Terwijl een Oostenrijker met een belastbaar inkomen van 18.000 euro straks 25 procent belastingen betaalt, is dat in België 40 procent. Een Oostenrijker met een belastbaar inkomen van 40.000 euro betaalt 42 procent personenbelasting, een Belg zit dan al in de hoogste schijf van 50 procent. De compenserende inkomsten voor de lastenverlaging van 5 miljard euro zoekt de regering in vier domeinen. Ten eerste moet 1,9 miljard euro van fraudebestrijding komen. Ten tweede worden de consumptiebelastingen verhoogd. Het nominale btw-tarief van 20 procent blijft. Maar het lagere tarief van 10 procent wordt opgetrokken naar 13 procent. Die verhoging geldt voor planten, voeding voor dieren, bezoek aan musea, bioscoop en zoo, hout, vliegreizen, hotelovernachtingen en openbare zwembaden. Ook de vermogenswinsten blijven niet buiten schot. De vermogenswinstbelasting op dividenden gaat van 25 naar 27,5 procent. De belasting op tweede en derde woningen wordt opgetrokken van 25 naar 30 procent. Ten slotte wordt ook een extra belasting geheven op vervuiling. De belasting opgetrokken op bedrijfswagens met een te hoge CO2-uitstoot wordt duurder. ALAIN MOUTON