Tijdens de bestorming van het paleis van de gevluchte Filipijnse president Marcos, speelde James Fenton de Prelude in C van Bach op een vleugelpiano in een verlaten suite. Om te bewijzen dat hij er binnen geweest was, nam hij een handdoek met de initialen van Imelda Marcos mee. Toen in Saigon de Amerikaanse ambassade geplunderd werd, kreeg hij argwanende blikken. "Per slot...

Tijdens de bestorming van het paleis van de gevluchte Filipijnse president Marcos, speelde James Fenton de Prelude in C van Bach op een vleugelpiano in een verlaten suite. Om te bewijzen dat hij er binnen geweest was, nam hij een handdoek met de initialen van Imelda Marcos mee. Toen in Saigon de Amerikaanse ambassade geplunderd werd, kreeg hij argwanende blikken. "Per slot van rekening was ik de enige daar die blank was, dus begon ik zelf ook maar een beetje te plunderen." Zijn bekendste reportages over oorlogen en onlusten in Azië zijn gebundeld in All the Wrong Places, vertaald onder de slappe titel In het Verre Oosten (Veen, 1990). Bij de film The Killing Fields traden hij en zijn Cambodjaanse tolk Someth May op als adviseur. Het filmverhaal over de gruwel van de Rode Khmer lijkt griezelig veel op wat de tolk echt overkwam. Fenton moest hem na de oorlog achterlaten en de man kwam in een zogenaamd heropvoedingskamp terecht. Rond hem bezweek haast iedereen, maar de taaie Cambodjaan haalde het en kon jaren later vluchten. Begin jaren tachtig trok Fenton met de notoire schrijver-woudloper Redmond O'Hanlon door de jungle van Borneo, een tocht die hij ternauwernood overleefde. Onder de sobere titel Gedichten werd nu eindelijk een selectie van Fentons poëzie in het Nederlands vertaald (door Jan Eijkelboom). Hier en daar waren al gedichten verschenen, maar nu is zijn poëzie ook makkelijk bereikbaar. Toegankelijk slaat ook op de inhoud en de doorgaans klassieke vorm, al gaat het in dit geval wel eens om bedrieglijke eenvoud. De journalist en de reiziger zijn nooit ver weg in de gedichten. We vinden er zelfs zijn wedervaren in Indochina en andere wrong places terug. Niet zelden merk je dat Fenton de angst, de gruwel en vooral de onmacht in de verzen legt. Hij tracht afstand te nemen, maar de traumatische ervaring blijft haar klauwen uitslaan. Nu en dan maakt hij dan weer plaats voor perfecte metaforen. Neem nu Een Duits requiem, dat uitmondt in een beschouwing over het (pijnlijke) verleden, over het onuitspreekbare en over de vertekening van de werkelijkheid. Naast deze loden thema's schrijft Fenton ook over het absurde. Zelfs simpele liefdespoëzie is aan hem besteed (hij schrijft ook songteksten en musicals), maar dat blijkt niet meteen uit deze bundel. Atlas, 155 blz., 800 fr. LUC DE DECKER