Tot de jaren 80 was het eenvoudig: een bank gaf krediet, zette het op zijn balans en droeg het kredietrisico. De bank bleef dus voorzichtig in het toekennen van kredieten en hield nauwlettend de terugbetalingscapaciteit van de kredietnemer in de gaten.
...

Tot de jaren 80 was het eenvoudig: een bank gaf krediet, zette het op zijn balans en droeg het kredietrisico. De bank bleef dus voorzichtig in het toekennen van kredieten en hield nauwlettend de terugbetalingscapaciteit van de kredietnemer in de gaten. De voorbije jaren ging het er anders aan toe. Banken haalden kredieten van de balans door ze door te verkopen aan beleggers. Dit schaduwbankieren kreeg tot vorig jaar applaus. De kredietrisico's waren niet meer geconcentreerd bij enkele instellingen, maar werden verspreid over een groot aantal spelers. Schokken zouden gemakkelijker te verteren zijn omdat iedereen maar een klein beetje pijn zou lijden. Het pakte totaal anders uit. De schok van de rommelhypotheken werd de voorbije maanden niet geabsorbeerd maar uitvergroot door de laksheid waarmee kredieten werden toegekend - risico werd toch doorverkocht - en door de onzekerheid hoe groot de verliezen zijn en wie ze lijdt. Jérôme Cazes, CEO van kredietverzekeraar Coface, maakt een vlijmscherpe analyse over de wantoestanden. "Wij bij Coface onderschrijven ten eerste alleen de risico's die we kennen. De banken hebben echter risico's verkocht aan beleggers die deze risico's minder kennen. De experts hebben dus de risico's verkocht aan de niet-experts en de experts verdienden daar een hoge commissie op. Maar in een normale markteconomie gaat het andersom: de experts krijgen een vergoeding om de risico's van de niet-experts te beheren. "De laatste tweehonderd jaar was er daarom een tendens om de risico's onder te brengen bij de experts - de financiële instellingen. We hadden dan ook een stabiel financieel systeem. Nu accepteerden de centrale banken dat er risico's van de balans werden gehaald en doorverkocht om controles te ontwijken. De bankbalansen zijn nooit strenger gecontroleerd en gereglementeerd dan nu. Maar ook misschien daarom hebben de banken heel veel activa van hun balans gehaald en doorverkocht aan beleggers. En op dit schaduwbankieren is er nauwelijks controle. Een catastrofe was onvermijdelijk. De huidige kredietcrisis toont aan dat dit systeem vals en gevaarlijk was." Jérôme Cazes is ook niet mals voor de Angelsaksische ratingagentschappen. "Wij plakken enkel een rating op kredieten die we ook zelf willen verzekeren. Het Angelsaksische model is anders. De Special Investment Vehicles, die de kredieten doorverkochten, hebben geen management, geen aandeelhouders en geen track record, maar konden investeerders aantrekken dankzij de AAA- rating die ze kregen. Daarmee werden ze even kredietwaardig beoordeeld als de sterkste bedrijven, terwijl ze niks met elkaar gemeen hebben. In de VS hebben amper vijf bedrijven een AAA-rating en genieten liefst 5000 financiële vehikels deze AAA-status, waarvan geen enkele het waard is." "Het echte probleem zit dus niet bij de banken, die willen gewoon winst maken. Het echte probleem zit bij de regulators. In de VS werden de ratingbureaus opgericht als steun voor de pensioenfondsen. Ze kregen dus het recht om via hoge ratings waarde te creëren en dus geld te drukken. Dat recht moet hen afgenomen worden. Nu is het vertrouwen geschokt, ook in de vrije markt. Het is een bloedbad voor de financiële sector, maar het hoeft geen bloedbad te zijn voor de reële economie. Er is nog rechtvaardigheid."