Notarissen en vermogensplanners krijgen steeds meer ouders over de vloer die een of meer van hun kinderen gedeeltelijk of zelfs helemaal willen onterven. Daarvoor kunnen ze verschillende redenen hebben. Denk maar aan een vader die nooit contact heeft gehad met zijn dochter, of aan ouders van wie een van de kinderen een berg schulden heeft gemaakt, zodat de erfenis enkel zou dienen om een bodemloze put te vullen. Soms willen ouders aan een gehandicapt kind meer nalaten dan aan hun andere kinderen.
...

Notarissen en vermogensplanners krijgen steeds meer ouders over de vloer die een of meer van hun kinderen gedeeltelijk of zelfs helemaal willen onterven. Daarvoor kunnen ze verschillende redenen hebben. Denk maar aan een vader die nooit contact heeft gehad met zijn dochter, of aan ouders van wie een van de kinderen een berg schulden heeft gemaakt, zodat de erfenis enkel zou dienen om een bodemloze put te vullen. Soms willen ouders aan een gehandicapt kind meer nalaten dan aan hun andere kinderen. Het onterven van kinderen is in principe onmogelijk. Kinderen zijn 'reservataire erfgenamen': ze hebben altijd recht op een bepaald minimum van de erfenis (de 'reserve'), ongeacht hun afstamming. Ook buitenhuwelijkse en geadopteerde kinderen kunnen hun deel opeisen. De omvang van de reserve hangt af van het aantal kinderen (zie tabel De wettelijke reserve van de kinderen). Is er één kind, dan bedraagt de reserve de helft van de nalatenschap. Zijn er twee kinderen, dan bestaat de reserve uit tweede derde van de nalatenschap (een derde per kind), bij drie of meer kinderen is dat drie vierde (bij drie kinderen bijvoorbeeld een vierde per kind). Bij de berekening van de reserve worden alle schenkingen die de overledene tijdens zijn leven heeft gedaan bij de nalatenschap geteld. Er zijn slechts enkele uitzonderlijke omstandigheden waarin kinderen geen recht hebben op hun deel van de nalatenschap: als ze schuldig zijn aan de moord op hun vader of moeder, of als ze zware geweldmisdrijven - zoals zware slagen en verwondingen - hebben gepleegd tegen hun ouders. Ook de huwelijkspartner heeft recht op een reservatair deel - in principe het vruchtgebruik van de helft van de erfenis. Een huwelijkspartner kan alleen worden onterfd via een testament, als beide echtgenoten minstens zes maanden feitelijk gescheiden wonen. Hoewel ieder kind in principe minstens recht heeft op een deel van de erfenis, bood het artikel 124 van de wet op de landverzekeringsovereenkomsten lange tijd een ontsnappingsmogelijkheid. Dat artikel stipuleert dat verzekeringspremies niet onderworpen zijn aan de wettelijke reserve, op voorwaarde dat de premies niet buiten proportie zijn, vergeleken met de vermogenstoestand van de verzekeringsnemer. In de praktijk werd dat artikel vaak gebruikt om een of meer kinderen deels te onterven met een tak21-spaarverzekering of een tak23-beleggingsverzekering. Zo kon een ouder op zijn hoofd zo'n verzekering afsluiten en in de begunstigingsclausule bepalen dat het volledige bedrag bij zijn overlijden naar een welbepaalde persoon ging. Die begunstigde hoefde zelfs geen familie te zijn. Als de betaalde premies niet overdreven waren, kon die ouder via die weg een of meer reservataire erfgenamen buitenspel zetten. In 2008 werd die techniek voor het eerst onder de loep genomen door het Grondwettelijk Hof. Het onderzocht of het artikel 124 van de wet op de landsverzekeringsovereenkomst niet in strijd was met het gelijkheidsprincipe in de Grondwet. In zijn arrest van 26 juni 2008 oordeelde het hof dat het discriminerend was dat de regels van de reserve niet golden voor wie investeerde in gemengde levensverzekeringen zoals een tak21 en tak23, maar wel als men koos voor een gewone spaarvorm, zoals een beleggingsfonds. Tak21- en tak23-verzekeringen die eigenlijk beleggingsproducten zijn, konden daardoor niet langer worden gebruikt om kinderen te onterven. Toch bleef er onduidelijkheid, want hoe zat het dan met de gemengde tak21 en tak23-levensverzekeringen waarvan de overlijdensdekking minstens even belangrijk is als het beleggingsaspect? Aan die onduidelijkheid komt binnenkort een einde. De Senaat heeft op 20 juli een wetsvoorstel aangenomen, waardoor het bedrag dat na het overlijden wordt uitgekeerd uit een gemengde levensverzekering, altijd in de erfenis valt. Tegelijk wordt een bijkomende situatie gecreëerd waarin kinderen geen recht hebben op hun deel van de erfenis. Dat is het geval als ze hebben nagelaten hun vader of moeder in zware nood te helpen en er sprake is van schuldig verzuim. Toch blijven er een aantal technieken over waarmee ouders een kind deels kunnen onterven. Een toverformule bestaat er niet, maar door meerdere technieken te combineren is al heel wat mogelijk. Een testament opmaken Stel dat een paar twee kinderen heeft, Ann en Jan. Beide kinderen hebben minstens recht op een reserve van een derde van de erfenis, met het resterende derde doen de ouders wat ze willen. In een testament kunnen ze bepalen dat Ann een derde van hun nalatenschap krijgt en Jan twee derde. Veel manoeuvreerruimte hebben ze niet. Hoe meer kinderen er zijn, hoe minder speling er overblijft. Een verkoop met lijfrente Ouders die niet selectief willen onterven en hun enige kind of al hun kinderen willen uitsluiten van de nalatenschap, kunnen gebruikmaken van de techniek van de lijfrente. Het is mogelijk een woning of een appartement aan zee te verkopen op lijfrente, maar dat kan ook met een beleggingsportefeuille. De koper betaalt dan een rente zolang de ouders leven. Heel wat verzekeraars en banken bieden tegenwoordig formules aan waarbij de verkoper een levenslange rente krijgt in ruil voor een bepaald bedrag. Schenken met voorbehoud van vruchtgebruik Stel dat een paar twee kinderen heeft: Ann en Jan, die een handicap heeft. Ze willen Jan bevoordelen en Ann is het daarmee eens. De ouders schenken drie kwart van hun beleggingsportefeuille aan Jan met voorbehoud van vruchtgebruik. Dat heeft het voordeel dat ze de intresten en de dividenden van hun portefeuille blijven krijgen zolang ze leven. Als Ann instemt met de schenkingsakte, is er eigenlijk sprake van een onterving, waarvoor ze zelf toestemming gaf. JOHAN STEENACKERS