Moet senator Vincent Van Quickenborne ( VLD) terug naar de schoolbanken? Jawel, oordelen de bedrijfsleiders. Op een schaal van 1 (onzin) tot 10 (schitterend) scoort zijn wetsvoorstel 3,9. Gebuisd met lof van de jury, heet zoiets in studententermen. Opvallend is wel dat het voorstel in Wallonië minder negatief wordt beoordeeld. Bezuiden de taalgrens deelt 42,6 % van de gecontacteerde ondernemers een score van vijf of meer uit, ten noorden is dat slechts 36,3 %.
...

Moet senator Vincent Van Quickenborne ( VLD) terug naar de schoolbanken? Jawel, oordelen de bedrijfsleiders. Op een schaal van 1 (onzin) tot 10 (schitterend) scoort zijn wetsvoorstel 3,9. Gebuisd met lof van de jury, heet zoiets in studententermen. Opvallend is wel dat het voorstel in Wallonië minder negatief wordt beoordeeld. Bezuiden de taalgrens deelt 42,6 % van de gecontacteerde ondernemers een score van vijf of meer uit, ten noorden is dat slechts 36,3 %. De senaatscommissie keurde het voorstel op 18 februari goed en stuurde het door naar de Kamer en de Senaat. Als ook die hun jawoord geven, dan zouden vanaf 1 januari 2004 de Bel20-bedrijven de individuele verloning van hun bestuurders en directieleden moeten publiceren. Een jaar later zou die verplichting worden uitgebreid naar alle beursgenoteerde bedrijven. Verder dan dat mag het zeker niet gaan, vindt drie vierde van onze ondernemers. Dus geen uitbreiding naar niet-beursgenoteerde ondernemingen of naar deelnemingen en verloningen van directie- en kaderleden. En over het voorstel zelf was ook lang niet iedereen enthousiast. Real Software-topman Theo Dilissen verklaarde zichzelf voorstander van meer transparantie. Luc Onclin, voormalig voorzitter van het directiecomité van Dexia Bank, vond in een interview met Trends eind vorig jaar het hele voorstel een vorm van treiteren. "Mij stoort het dat je mensen die hier dertig jaar samenwerken en vandaag rond de tafel zitten, verdenkt van eigenbelang. Alsof we zeggen: tiens, die provisie gaan we niet nemen want zo krikken we de winst op onze aandelenopties op." Trends en zusterblad Trends-Tendances peilden bij 9000 bedrijfsleiders naar hun houding over het voorstel om het loon openbaar te maken. We kregen reacties van 982 van hen, waarvan 796 aan Vlaamse kant en 186 aan Franstalige zijde. Gezien de beperkte duur van het onderzoek - de e-mails werden dinsdagavond 4 maart verstuurd en de antwoorden moesten donderdag 6 maart voor 12 uur binnen zijn - is dat een opvallend hevige respons, die op z'n minst duidelijk maakt hoe gevoelig het voorstel ligt. De Vlaamse bedrijfsleiders zijn het meest rabiaat in hun afwijzing (zie tabel 1: Wat vindt u van het voorstel-Van Quickenborne?). Ruim 37 % vindt het een inbreuk op de privacy, 27,6 % vindt het portefeuille-op-tafel-principe een gevaar voor de sfeer en de goede werking van het bedrijf. Aan Waalse zijde zijn die percentages respectievelijk 24,2 % en 30,6 %. Toch is er geen gemeenschappelijke frontvorming op komst, want in totaal vindt 30 % het een goed voorstel en 7,2 % vindt het zelfs "goed, maar te beperkt." Opnieuw blijkt senator Q meer de chouchou van de Franstalige ondernemers, want ten zuiden van de taalgrens heeft ruim op vier op tien ondernemers weinig moeite met het voorstel. Gevraagd naar de gevolgen voor de werksfeer binnen de onderneming (op een zelfde schaal van 1 tot 10), geven de ondernemers het voorstel amper 3,7. Maar de meeste industriëlen vrezen ook een domino-effect voor de looneisen van het personeel. Toch zijn er ook positieve kanten: volgens de bedrijfsleiders zou het openbaar maken van het loon een positief effect hebben op de houding van de beleggers (5,7 op 10) en nog meer op die van de financiële analisten (5,9). Directeur-generaal Pieter Timmermans van het Verbond van Belgische Ondernemingen ( VBO) beklemtoonde eerder al sterk te geloven in het voorbeeldprincipe. "Beleggers waarderen die extra transparantie en zetten zo andere bedrijven aan het voorbeeld van de pioniers te volgen. Bedrijven die dat niet doen, worden door de financiële markten scheef bekeken." Maar veel afschrikwekkende effecten verwachten de Belgische bedrijfsleiders niet van het geesteskind van de Kortrijkse senator. Maar liefst 78,5 % van de ondervraagden vindt dat de maatregel het risico van boekhoudkundige fraude, handel met voorkennis en bedrieglijke communicatie niet de wereld uithelpt. Slechts 17,3 % is de tegenovergestelde mening toegedaan. Het onderzoek peilde ook naar de mogelijke betekenis van het voorstel voor bestuurders. Daarover zijn de meningen verdeeld. Een fikse meerderheid (79,8 %) vindt dat onafhankelijke bestuurders aandelen mogen hebben in het bedrijf waarin ze een bestuurdersfunctie uitoefenen, maar over de modaliteiten raken de bedrijfsleiders het niet eens. 22,5 % wil niet dat ze die aandelen verhandelen zolang hun mandaat loopt, 28 % vindt dat dit wel kan omdat ze hun belang en de transacties in deze aandelen melden. Ten slotte vindt 17 % dat bestuurders geen aandelen mogen hebben van het bedrijf dat ze op koers helpen houden. Maar hoeveel mag een bestuurder daar nu voor ontvangen? Genoeg kan het nooit zijn blijkbaar, want een ruime meerderheid wil absoluut geen rem op de vergoeding van de bestuurders of een vast barema (zie tabel 2: Wat is de maximale vergoeding voor bestuurders?). Voor een beperking van het aantal mandaten valt dan wel weer een woordje te zeggen (zie tabel 3: Hoeveel mandaten voor een bestuurder?). Iets meer dan de helft wil dat een bestuurder maximaal vijf mandaten opneemt, terwijl een beperking tot maximaal tien zelfs de instemming krijgt van 58,3 % van de bedrijfsleiders. Ook hier zijn de Waalse zakenlui (met respectievelijk 53,7 % en 62,8 %) meer gewonnen voor meer reglementering. En, opvallend, een op vijf vindt een bestuurdersvergoeding van 25.000 euro meer dan welletjes. Zolang ze het maar niet bekend hoeven te maken... Luc Huysmans