D e economie in de Verenigde Staten zette in het derde kwartaal zeer zwakke groeicijfers neer. Het ziet ernaar uit dat de vastgoedcrash begint te wegen op de hele Amerikaanse economie. Ach, eigenlijk verdient de VS al die aandacht niet langer. Over de Chinese economie weten we veel minder, maar uiteindelijk zal zij bepalen of er een harde landing komt of niet.
...

D e economie in de Verenigde Staten zette in het derde kwartaal zeer zwakke groeicijfers neer. Het ziet ernaar uit dat de vastgoedcrash begint te wegen op de hele Amerikaanse economie. Ach, eigenlijk verdient de VS al die aandacht niet langer. Over de Chinese economie weten we veel minder, maar uiteindelijk zal zij bepalen of er een harde landing komt of niet."Ik hoop dat u geloof hecht aan mijn propaganda," zo gaf de econoom van de New York Fed me nog haastig mee na zijn presentatie vorige week. Hij kon het niet beter verwoorden. Een uur lang had de man selectief de sterke punten van de Amerikaanse economie opgesomd. Er was volgens hem geen vuiltje aan de lucht. Deze econoom slaagde er dus in om te spreken over de vooruitzichten van de Amerikaanse economie zonder ook maar één woord te zeggen over de recentste groeicijfers. Een harde zachte landing. Wie de jongste cijfers van het bruto binnenlands product (bbp) in de VS bekijkt, kan er nochtans niet omheen: de groei in Amerika is sterk aan het vertragen. Dat het gemiddelde groeicijfer voor het volledige jaar 2006 nog comfortabel rond 3 % blijft, is te danken aan het sterke eerste kwartaal van 2006, toen de groei met bijna 6 % verdapperde. Sindsdien ging het echter bergaf, en het jaar zal op een zwakke noot eindigen. Het zwakke einde van 2006 zal meteen ook de startsnelheid van 2007 bepalen. Verwacht u dus maar aan heel wat neerwaartse groeiherzieningen. De consensus gaat nog steeds uit van een goede 2,8 % groei voor volgend jaar, terwijl het gemakkelijk een procent minder kan worden. In Europa meten we de groei vooral tegenover hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Volgens die maatstaf veerde de Amerikaanse economie in het derde kwartaal nog met 2,9 % op. Maar in de VS vergelijken ze de groei vooral met het voorgaande kwartaal. Wie die berekeningswijze volgt, komt uit bij een groei van slechts 0,4 %, of 1,6 % op jaarbasis. Op die manier berekend, wordt het momentum van de economie duidelijker. De vertraging was vooral te wijten aan de correctie op de huizenmarkt. De vastgoedactiviteit vertraagde met 17,4 % in het derde kwartaal, wat een negatieve groeibijdrage betekende van 1,1 %. Als het momentum niet opnieuw versnelt, halen we volgend jaar slechts 1,75 % tot 2,25 % groei. Dat is al een harde zachte landing. Maar bij de minste tegenslag zal de Amerikaanse groei nog meer vertragen, en kunnen we beginnen spreken van een harde landing of recessie. De jongste groeicijfers zijn trouwens nog opgepept door de Amerikaanse statistici. Die zagen tijdens dat derde kwartaal nog een stijging van 26 % in de autoproductie, net op het moment dat alle grote autobouwers productieverminderingen afkondigden. Zonder die statistische opsmuk zou de groei nu al minder dan 1 % bedragen. China beslist over het type landing. Merk ook op dat voor het eerst sinds 2001 de Europese economie sneller groeit dan de Amerikaanse. Een trend die zich ook in 2007 zou kunnen voortzetten: terwijl de economie in de VS vertraagt, doen de economische indicatoren in Europa het beter dan verwacht. Maar de Europese groeidynamiek zal niet voldoende zijn om de motor van de wereldeconomie draaiende te houden. Dan is de groei in het Oosten, en vooral in China veel belangrijker. Drie factoren zullen bepalen of we volgend jaar al dan niet een harde landing van de wereldeconomie zullen krijgen: 1. De Amerikaanse huizenmarkt: is het ergste achter de rug (zoals de Amerikaanse centrale bank beweert) of zijn er domino-effecten te verwachten qua consumptie en tewerkstelling? Dat laatste is het scenario van Nouriel Roubini, de professor van de New York University die ik vorige week ontmoette. Zijn webstek wordt door het Britse kwaliteitsblad The Economist "the number 1 economic website" genoemd. Nouriel Roubini en zijn medewerker Brad Setser zeggen dat de kans op een recessie in de VS nu 90 % bedraagt. 2. Olieprijzen: niemand lijkt nog rekening te houden met duurdere olie. Een nieuwe stijging naar 80 of 100 dollar per vat zou echter de spreekwoordelijke druppel voor de wereldeconomie betekenen. 3. China: geen enkele econoom en geen enkel scenario houdt rekening met 'het onmogelijke', namelijk dat de Chinese groei op een dag vertraagt. Maar China zal beslissen over een zachte of harde landing van de wereldeconomie. En omdat China onlangs nog meer maatregelen afkondigde om de economie te vertragen, wordt het risico op een harde landing groter. Het is tekenend dat vandaag niet langer de VS, maar China bepalend is geworden voor de richting die de wereldeconomie uitgaat. Van een machtsverschuiving gesproken! Uiteindelijk is dat slecht nieuws voor de Amerikaanse dollar. Het wordt nu waarschijnlijker dat de Amerikaanse centrale bank volgend jaar de rente opnieuw zal verlagen. De rentepolitiek van de Federal Reserve (Fed) heeft het groene biljet de jongste jaren ondersteund. Als die steun wegvalt, is de weg vrij om de kaap van 1,40 tegenover de euro te ronden. Tenzij we allemaal de propaganda over de sterke Amerikaanse munt blijven geloven natuurlijk ... De auteur is hoofdeconoom van Petercam Vermogensbeheer. Reacties: visienoels@trends.beGeert Noels