De Tunesische paradox van stijgend ongenoegen bij relatief rooskleurige economische groeicijfers geldt nog meer voor Egypte, waar bijna de helft van de bevolking stagneert in armoede. Macro-economisch was het land de jongste jaren een baken van hoop in het Midden-Oosten. Buitenlandse investeringen stroomden toe. Maar, behalve een galopperende inflatie en een bredere kloof tussen arm en rijk, merkt de meerderheid van de Egyptenaren weinig van de toegenomen welvaart.
...

De Tunesische paradox van stijgend ongenoegen bij relatief rooskleurige economische groeicijfers geldt nog meer voor Egypte, waar bijna de helft van de bevolking stagneert in armoede. Macro-economisch was het land de jongste jaren een baken van hoop in het Midden-Oosten. Buitenlandse investeringen stroomden toe. Maar, behalve een galopperende inflatie en een bredere kloof tussen arm en rijk, merkt de meerderheid van de Egyptenaren weinig van de toegenomen welvaart. De tachtig miljoen inwoners in Egypte staan op de 137ste plaats in de wereldranglijst van inkomen per inwoner, vlak na Tonga en net voor Kirbati, twee minuscule eilandjes in de Stille Zuidzee. Zulke frustraties bij het gewone volk spelen in de kaart van islamextremisten, waarvan de Moslim Broederschap in Egypte het best georganiseerd is. De moslimbroeders zijn doorgedrongen in bedrijven, universiteiten en scholen, moskeeën en vakbonden. Hoewel semi-illegaal, soms getolereerd en tegelijk aan banden gelegd door het autoritaire regime van president Hosni Moebarak, spreiden ze - althans in de ogen van westerse regeringen - het bedje van de jihadisten en Osama Bin Laden. Hoe moeten onze exportbedrijven en investeerders met een situatie omgaan waarin het Egyptische leger, hoeksteen van het regime, een tactische coalitie lijkt te smeden met islamradicale stromingen? We vragen het aan Uri Kupferschmidt, hoogleraar aan de Universiteit van Haifa, een kenner van Egypte. Hij publiceerde over de moslimbroeders en is verbonden aan het Jewish-Arab Center van de universiteit van Haifa. Hij schreef ook een boek over de Belgische industrieel Henri Naus, die begin vorige eeuw een belangrijke rol speelde in de economische ontwikkeling van Egypte. URI KUPFERSCHMIDT. "Vanzelfsprekend zal er in de hele Egyptische samenleving weinig sympathie zijn voor Israël zolang er geen oplossing is voor het Palestijnse knelpunt. Niettemin merk ik dat Israël niet de grootste kopzorg is van jonge Egyptenaren. Ze richten hun woede tegen vervalste verkiezingen, militaire noodwetten, de corruptie van zakenlui en een elitaire bovenlaag. "Bijna elk jaar ben ik rond deze tijd in Egypte voor de grote Arabische boekenbeurs. De mogelijkheid om geregeld in het land te zijn, heb ik altijd ervaren als een persoonlijk dividend van het vredesverdrag met Israël. Als de moslimbroeders mee aan de macht komen, zou dat kunnen veranderen. "Nochtans zou ik niet alle moslimbroeders als islam- extremisten typeren. De moslimbroeders zijn geen politieke partij met een welomschreven programma. Hun standpunten zijn vaak onsamenhangend, geënt op de allesomvattende islamitische ordening van de samenleving of sharia. Er is echter een generatiekloof tussen hun conservatieve leiders en een beter opgeleide jongere generatie die andere prioriteiten heeft. Er bestaat een breed spectrum van gradaties in de Egyptische islam, daarin zitten ook militante groeperingen met terreurdaden op hun kerfstok." KUPFERSCHMIDT. "De heropleving van de islam is grotendeels het gevolg van het verbreken van het sociaal contract tussen leiders en bevolking, mede onder druk van de neoliberale economie. Het is niet alleen cynische machtspolitiek. "Door het autoritaire karakter van zowat alle regimes in het Midden-Oosten kunnen de burgers hun frustraties alleen kwijt in islamitische bewoordingen in kranten en kleinere partijen. Opvallend is dat de moslimbroeders en andere islamisten de grootste voorstanders zijn van parlementaire democratie. Vraag is of dat gemeend is dan wel een tactisch manoeuvre." KUPFERSCHMIDT. "Mij viel toch de beschadiging van kunstschatten en van mummies in het nationaal museum op. Het zou dus kunnen dat hier een ideologische factor speelt: de farao is in de Koran een negatieve persoonlijkheid. Alles uit de jahiliyya, het tijdperk vóór de islam, is van geen waarde bij een beperkte groep die wel aansluit bij de moslimbroeders. "Anderzijds verdienen de moslimbroeders aan het toerisme. Op het eerste gezicht waren de moslimbroeders niet de motor van de revolte. Volgens mij spreekt het Iraanse voorbeeld de Egyptenaren ook niet aan - het is veeleer Teheran dat zich zorgen moet maken over Egyptische toestanden. De oorzaak ligt bij te ver doorgedreven neoliberale concepten die enorme economische kloven in de samenleving hebben teweeggebracht. De zogenaamde Infitah of economische liberalisering onder Moebaraks voorganger Sadat, was vrij beperkt. Sindsdien zijn de armen niet veel armer geworden, maar de rijken zijn heel wat rijker en corrupter geworden. De middenklasse raakte verdeeld tussen een omhooggevallen staatsbourgeoisie en een lagere middenklasse, die nauwelijks het hoofd boven water kan houden. Hetzelfde zien we trouwens tot in China, waar berichten over de ontwikkelingen in Egypte gecensureerd worden. "Voor die problemen lijken de diverse oppositiegroeperingen in Egypte tot dusver geen economische oplossingen aan te dragen. Tot op zekere hoogte is het tragisch dat juist zoon Gamal Moebarak geprobeerd heeft daarin verbetering te brengen." KUPFERSCHMIDT. "Dat is onmogelijk te voorspellen. De moslimbroeders werden verdrukt door Moebarak en al zijn voorgangers. Niemand weet hoe de werkelijke krachtsverhoudingen liggen in een volledig open bestel. Toch is mijn aanvoelen dat zij niet noodzakelijk de meerderheid zullen hebben, hoewel de moslimbroeders nu nog het voordeel hebben van 'discipline' in hun sterke sociale netwerken. "Ik bespeur in Egypte een brede sympathie voor de Palestijnen, maar zeker niet voor Hamas. In welke richting de AKP verder kan evolueren, weet ik niet. De moslimbroeders zenden vandaag gematigde signalen uit, wellicht beseffen ze ook wel dat de Egyptische economie niet kan overleven zonder de 13 miljard dollar jaarinkomsten uit het toerisme en 4,5 miljard dollar uit trafiek door het Suezkanaal. Er leeft bij de moslimbroeders een sterk gevoel tegen de onrechtvaardige verdeling van de welvaart. Zolang ze niet mee aan de macht zijn, weten we niet of ze corrupt zijn." Lees opinie Brandstof voor revoltes, blz. 40 ERIK BRUYLAND"Opvallend is dat de moslimbroeders en andere islamisten de grootste voorstanders zijn van parlementaire democratie" Uri Kupferschmidt