De januarimaand zit er bijna op. Traditiegetrouw heeft iedereen de meest optimistische wensen geformuleerd ("gezondheid! En hier heb je een kistje van je lievelingssigaren"), de meest gunstige voorspellingen geformuleerd ("de economie moet zich dit jaar echt wel herpakken") en de meest hoopvolle intenties uitgesproken ("hier heb je een speciaal bankje voor sit-ups. Is dat roeiapparaat van vorig jaar al uitgepakt?").
...

De januarimaand zit er bijna op. Traditiegetrouw heeft iedereen de meest optimistische wensen geformuleerd ("gezondheid! En hier heb je een kistje van je lievelingssigaren"), de meest gunstige voorspellingen geformuleerd ("de economie moet zich dit jaar echt wel herpakken") en de meest hoopvolle intenties uitgesproken ("hier heb je een speciaal bankje voor sit-ups. Is dat roeiapparaat van vorig jaar al uitgepakt?").Misschien moet u zich nog eens de economische voorspellingen voor 2002 voor de geest halen. Het ergste leed was zeker geleden. Het jaar moest vrij goed worden. Experts verschilden vooral over de omvang van de groei en inzonderheid over het langzame of snelle herstel op de beurs. Dieper wegzakken kon immers niet. Vandaag ziet het er allemaal wat minder rooskleurig uit. Voorspellingen worden nog steeds neerwaarts bijgesteld. Het is bewezen. Waarom blijven we toch zo optimistisch? Het antwoord, beste lezer, is al even kort als duidelijk: omdat optimisme gezond is. Optimisten leven langer. Zo eenvoudig is dat. Als er één fundamentele reden tot optimisme is, dan is het toch wel "een goede gezondheid". Let op, we hebben hier niet te maken met wat bakerpraatjes of de wens-is-de-vader-van-de-gedachte. Neen, neen, leest u het zelf maar na in Maruta, T. et al: Optimism-pessimism assessed in the 1960s and self-reported health status 30 years later, Mayo Clinic Proceedings, vol 77, Augustus 2002, blz. 748-753. Hoe hebben die geleerde dames en heren nu wetenschappelijk het verband kunnen vaststellen tussen optimisme en gezondheid?In de jaren zestig vulden honderden patiënten van de bekende Mayo-kliniek een optimisme-pessimismevragenlijst in. De patiënten werden opgesplitst in drie groepen op basis van een vragenlijst die ze in de jaren zestig hadden ingevuld: optimisten, pessimisten en gemengd. Dertig jaar later werd nagegaan hoe het met de kans op overlijden was gesteld. Optimisten hadden niet minder dan 50% minder kans om te sterven dan de gemengde groep. Eerste conclusie: pessimisme is niet erg ongezond, maar niet-optimist zijn verkort wel je levensduur. Dus kniesoren, het volstaat niet af en toe wat minder somber uit de hoek te komen, neen, echt diep optimisme is het enige wat helpt. Zoek je een rolmodel? Kijk dan naar de (heruitzendingen van de) Pfaffs. Jean-Marie heeft van niemand lessen te ontvangen in positief denken. Bij zo'n 450 overlevenden werd ook nagegaan hoe gezond ze zich voelden. In een groots opgezet onderzoeksopzet heeft men die vraag ook trachten te beantwoorden voor de overledenen; helaas is men op allerlei methodologische problemen gestoten, zoals daar zijn de betrouwbaarheid van de spiritistische seances. Alleen voor de overlevenden dus. Als ode aan de ons vorig jaar ontvallen Lennaert Nijgh, tekstschrijver voor Boudewijn De Groot: Lennert, dank voor al de mooie teksten. We citeren even, vol jeugdsentiment, uit 'Voor de Overlevenden'. En nu ben ik groot en belangrijk en student. Grote broer, je bent nu dood, ik heb je nooit als vriend gekend. Als je in leven blijft, dan rapporteren optimisten een gezonder leven op alle acht verschillende relevante gezondheidsgebieden. Pessimisten daarentegen scoren beduidend lager dan het nationaal gemiddelde op niet minder dan vijf van de acht gebieden. Pessimisten leven niet alleen minder lang, maar als ze dan langer leven, dan is dat als een wrak, vol pijnen, kommer en kwel. De conclusie ligt voor de hand. Het is al lang geweten dat pessimisten meer gelijk hebben, en optimisten meer gelijk krijgen. Pessimisten schatten beter allerlei prestaties in, vooral van zichzelf. Als je een betrouwbare schatting moet hebben, vraag het aan een pessimist. Ze schatten niet systematisch te weinig, of te moeilijk, of te slecht, neen ze schatten juister. Maar ze betalen voor deze intellectuele prestaties een hoge prijs: ze sterven sneller, en als ze er al niet vroeg het bijltje bij neerleggen, dan slepen ze zich al mompelend 'en toch had ik gelijk' naar een pijnlijk en deprimerend eind. Kom nu niet de sfeer verpesten met typisch pessimistische kreten als: misschien denken optimisten alleen maar dat ze gezonder zijn, want pessimisten denken alleszins niet alleen dat ze gaan sterven, ze vallen blijkbaar ook effectief sneller dood. Doe ook niet moeilijk met de stelling dat blijkbaar vooral veerkracht de optimisten langer doet leven, en dat naïef optimisme heel vaak zuur opbreekt. Optimisten pakken meer aan, krijgen dus ook wat meer echte tegenslagen te verwerken, gaan daar constructief mee om, en verhogen zo hun veerkracht. Er is niets dat ons geloof in het optimisme stuk kan krijgen. En zeker niet enkele realistische bemerkingen. Zeg ook niet: als je heel gezond leeft - zonder tabak, zonder alcohol, uitsluitend monogame seks hebt en geen schranspartijen houdt - dan denk je alleen maar dat je langer leeft, omdat alles zo lamlendig duurt. Neen, neen. De metingen liegen er niet om. Solliciteer bij Philips-Hasselt. De conclusie ligt dus voor de hand. Optimisme kan uw leven redden. Begin vanaf vandaag het leven nog meer van de zonnige kant te zien. Neem uw lot in handen, bouw aan een betere wereld, stop met zeuren over alles wat er kan mislopen. Toon uw optimisme, uw onwankelbare geloof in de toekomst. Bewijs nu dat u een lang leven echt waard bent. Solliciteer bijvoorbeeld bij Philips-Hasselt, koop aandelen WorldCom, wacht met nieuwe kleren te kopen tot Marks & Spencer weer een vestiging opent in Antwerpen of Brussel, plan uw eigen zaak maar voor volgende maand, want dan zal de administratieve vereenvoudiging een feit zijn, plan een vakantie-met-het-gezin in de Gaza-strook. Bij nader inzien is die administratieve vereenvoudiging toch wat te optimistisch. Men is daar ten slotte toch nog maar zo'n vijftien jaar mee bezig. Een pessimist zou weer zeggen dat hoe meer ze die vereenvoudiging nastreven, hoe ingewikkelder het wordt. Maar ze komt er, zeker: niet in deze eeuw, dan toch zeker in de volgende. Ten slotte: vergeet vooral niet op 18 mei, bij de verkiezingen, te stemmen voor de meest optimistische politicus. Want die zal het land nog lang kunnen dienen. Marc Buelens [{ssquf}]De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School.Optimisten leven langer: koop dus aandelen WorldCom, wacht met kleren te kopen tot Marks & Spencer weer een vestiging opent in Brussel, en plan een vakantie-met-het-gezin in de Gaza-strook.