De grootvader van J. Rentes de Carvalho was schoenmaker. In een interview vertelde de schrijver hoe de dorpelingen hem als knaap vertelden dat hun schoenen nog door zijn overleden opa gemaakt waren. "Zijn schoenen gingen nooit stuk. Hij gebruikte enkel het beste materiaal en bewerkte dat uiterst vakkundig. Als schrijver wil ik niet voor hem onderdoen." In het nieuwe boek van de inmiddels 67-jarige auteur wordt de grootvader met veel liefde, maar tegelijk met een afstand scheppend vakmanschap geportretteerd. In Ernestina beschr...

De grootvader van J. Rentes de Carvalho was schoenmaker. In een interview vertelde de schrijver hoe de dorpelingen hem als knaap vertelden dat hun schoenen nog door zijn overleden opa gemaakt waren. "Zijn schoenen gingen nooit stuk. Hij gebruikte enkel het beste materiaal en bewerkte dat uiterst vakkundig. Als schrijver wil ik niet voor hem onderdoen." In het nieuwe boek van de inmiddels 67-jarige auteur wordt de grootvader met veel liefde, maar tegelijk met een afstand scheppend vakmanschap geportretteerd. In Ernestina beschrijft Rentes de Carvalho niet alleen de eerste 15 jaar uit zijn leven, hij gaat ook zijn roots na. Een gewone autobiografie werd het niet. Ook nu schudt Rentes de Carvalho een literaire cocktail van authentieke gebeurtenissen en fictieve kronkels. Telkens de lezer hem te dicht op de huid zit, deinst hij achteruit. Dan hult hij zich abrupt in afstandelijke ironie, groteske anekdoten of een Felliniaans vertekende wereld. Toen de schrijver de recensies las over zijn stevig realistisch aandoende verhalenbundel De juwelier, waar er steevast van uitgegaan werd dat het werk autobiografisch was, bazuinde hij uit dat hij alles verzonnen had. Ongetwijfeld bezit Ernestina een hoger waarheidsgehalte. We leren er niet alleen de kleurrijk geschilderde groutouders kennen, maar ook de jonge auteur, die geboren wordt in de stad Porto. Bijna werd de bevalling zowel moeder als baby fataal. Hij "kwam met zoveel bloed ter wereld, dat er jaren later soms nog op de meubels of de muur vlekken werden gevonden." Het leven van de ik-verteller beperkte zich niet tot de stad aan de Douro. Hij weidt ook uit over het gure boerenbestaan in het geïsoleerde bergland van Tras-os-Montes in het noordoosten van Portugal. De schamele dorpen met hun straatarme, gesloten, bijgelovige en niet zelden dronken en agressieve bewoners worden haarscherp gepenseeld. Inteelt was er allicht schering en inslag, al hoeft dat niet tot ongelukkige nakomelingen te leiden. Neem nu de ik-figuur. Hij is de vrucht van een gearrangeerd huwelijk van een neef en nicht. De verloving verloopt hilarisch. De jonge adolescenten waren gewoon om als broer en zus met elkaar om te gaan. Plots werden ze opgedragen om te vrijen. Maar hij trekt al gauw naar het café en zij gaat de volwassen vrouwen helpen in de keuken. Het lijkt een voorafschaduwing van hun krampachtige huwelijk, waarin moeder Ernestina steeds meer hysterische buien te verwerken krijgt. Rentes de Carvalho schrijft helder, precies, maar sopt die exacte observaties tegelijkertijd in een licht zwierig register. Dit levert een wat aparte, maar erg vlot consumeerbare stijl op. De jeugdjaren zwerven zelfs iets te snel en te licht voorbij. We volgen zijn voetsporen tot zijn 15de, waarin hij ingewijd wordt in de liefde, ook al door een Ernestina. Atlas, 318 blz., 800 frLUC DE DECKER