In 1602 werd de eerste naamloze vennootschap opgericht, de Verenigde Oost-Indische Compagnie ( VOC), een Nederlands initiatief dat in de zeventiende en achttiende eeuw uitgroeide tot de grootste handels- en scheepvaartonderneming ter wereld. Nu, 400 jaar na de oprichting, verschijnt het jubileumboek De kleurrijke wereld van de VOC (Thoth, 192 blz., 17,90 euro). De geïllustreerde kroniek had wel een tikkeltje minder chauvinistisch gekund. Waarom, bijvoorbeeld...

In 1602 werd de eerste naamloze vennootschap opgericht, de Verenigde Oost-Indische Compagnie ( VOC), een Nederlands initiatief dat in de zeventiende en achttiende eeuw uitgroeide tot de grootste handels- en scheepvaartonderneming ter wereld. Nu, 400 jaar na de oprichting, verschijnt het jubileumboek De kleurrijke wereld van de VOC (Thoth, 192 blz., 17,90 euro). De geïllustreerde kroniek had wel een tikkeltje minder chauvinistisch gekund. Waarom, bijvoorbeeld, wordt niet vermeld dat de cartograaf Petrus Plancius een voor de Spanjaarden gevluchte Vlaamse theoloog was en gewoon Petrus Plaetevoet heette? Zijn geografische kennis was cruciaal bij de verkenning van Azië. De Nederlandse zeedominantie is voltooid verleden tijd, al leeft de handel op zee voort in enkele uit de kluiten gewassen ondernemingen. Denk maar aan de Koninklijke Nedlloyd, die onder meer een 50% belang heeft in de containerrederij P&O Nedlloyd (in 2001 goed voor een omzet van 4,71 miljard dollar). Zopas schonk Nedlloyd zijn gigantische kunstcollectie aan het Maritiem Museum in Rotterdam. Een deel ervan vinden we afgebeeld en toegelicht in het imposante kunstboek De Kunst van het handeldrijven (Uniepers, 320 blz., 45 euro): onweerstaanbaar voer voor liefhebbers van historische zeekaarten, scheepsmodellen en schilderijen van schepen, zeeën en havens. Bij de terugblik op vier eeuwen VOC horen ook woeste zeeverhalen en heroïsche romans, zoals De ondergang van de Batavia (Arbeiderspers, 460 blz., 19,95 euro). De Britse historicus Mike Dash, die eerder al de Nederlandse geschiedenis verwerkte in Tulpengekte, reconstrueert nu de schipbreuk van een VOC-schip in 1629 en de bloedigste muiterij uit de VOC-geschiedenis die daarop volgde. Dash blijft dicht bij de historische kern, maar vult ook de ongekende passages aan, zodat een kleurrijke, meeslepende roman ontstaat met een actuele echo naar moordzuchtig religieus fundamentalisme. Nog zo'n aanrader is Het hart van de zee (Ambo, 317 blz., 12,50 euro). Ook historicus Nathaniel Philbrick past het procédé van de verhalende non-fictie toe bij zijn bloedstollende reconstructie van de gruwelijke tocht die de overlevende bemanningsleden van de Essex maakten, 4500 zeemijl lang in drie gammele sloepen. De Essex was tot zinken gebracht door een potvis, een drama dat al de aanleiding vormde voor de bekende roman Moby Dick van Herman Melville. Meer aangrijpende getuigenissen van al dan niet noodlottige zeedrama's vinden we in de bundel De wrede zee (Tirion, 368 blz., 19,90 euro). Wie durft daarna nog de boot op? Luc De Decker [{ssquf}]