Het interview was amper tien minuten bezig, of het ging er al bovenarms aan toe. Albert Mahieu beschouwde het als een persoonlijk verwijt toen we hem naar concrete bewijzen vroegen voor zijn aantijging dat "de familie- Vanden Avenne aan de top staat van de hormonenmaffia". Die vraag kon alleen komen van "domme journalisten", waarop hij aanstalten maakte om te vertrekken.
...

Het interview was amper tien minuten bezig, of het ging er al bovenarms aan toe. Albert Mahieu beschouwde het als een persoonlijk verwijt toen we hem naar concrete bewijzen vroegen voor zijn aantijging dat "de familie- Vanden Avenne aan de top staat van de hormonenmaffia". Die vraag kon alleen komen van "domme journalisten", waarop hij aanstalten maakte om te vertrekken. Albert Mahieu koestert zijn imago van moeilijke jongen. Onlangs nog dagvaardde hij het halve justitieapparaat van Brussel en Antwerpen naar aanleiding van het Assubel-dossier (de verdoken geldtransfers tussen de tak Leven en Niet-Leven) en een uitloper van de Van Rossem-fraude. Mahieu, een Brusselaar met wortels in Rumbeke, werd geboren in 1942. Na een strenge katholieke opvoeding volgde hij toegepaste economische wetenschappen aan de KU Leuven. Later schaafde hij zijn kennis bij aan de UCL (psychologie, filosofie) en de Franse business schoolInsead. Met die diploma's kwam hij, na drie jaar productmanagement bij Colgate-Palmolive, in 1971 terecht bij Cobepa. "Deze intelligente jongen was iets te individualistisch voor het management onder leiding van Pierre Scohier," getuigt een gewezen directeur van de holding. In 1976 verliet Mahieu Cobepa. Naar eigen zeggen was hij "de slaafse houding van Scohier tegenover de Franse moeder Paribas grondig beu". De volgende jaren was Mahieu, onder meer via zijn ondernemingen Bufi en Consulease, actief als consultant voor meestal industriële bedrijven. Ook bracht hij financiers bijeen voor allerlei operaties. "Dat heeft me geen windeieren gelegd," zegt hij. "Met het toen verdiende geld kan ik vandaag mijn opzoekingswerk betalen." In 1989 ontmoette hij voor het eerst Jean-Pierre Van Rossem. Mahieu trad dat jaar even op als consultant voor de toenmalige beursgoeroe. Mahieu : "In dezelfde periode vroeg Roland Vanden Avenne, de feitelijke baas van Van Rossem, me om 440 miljoen dollar te zoeken bij een aantal geldschieters. Die konden rekenen op een bankgarantie en een persoonlijke borg van Vanden Avenne, die het geld nodig had voor een overbruggingsperiode. Dat geld heb ik nooit teruggezien. Mijn klanten hebben recht op het volledige bedrag, interesten meegerekend. Men heeft mij persoonlijk al discreet 10 miljoen dollar geboden, maar zo zit ik niet in elkaar." Mahieu werkt naar eigen zeggen voltijds aan dit dossier en de Assubel-zaak. Elke dag is hij actief van zes uur 's morgens tot maximum halfelf 's avonds. "Dan ga ik slapen," zegt Mahieu, die intussen gescheiden is. "Mij zal je 's avonds nooit ergens ontmoeten. Vroeger was ik nochtans een bon-vivant. Ik rook niet en drink niet. En ik eet evenmin vlees, omdat ik niet wil dat er één frank van mij naar de hormonenmaffia vloeit."ALBERT MAHIEU Ik eet geen vlees, omdat ik niet wil dat er één frank van mij naar de hormonenmaffia vloeit.