Het regeerakkoord is vaag, vrijblijvend en onvolledig. (...) Het zou eerlijker zijn indien in het akkoord duidelijk zou gesteld worden wanneer en op welke wijze de aangekondigde maatregelen doorgevoerd zullen worden en vooral hoe ze gefinancierd zullen worden." Dit had het standpunt kunnen zijn van de oppositie tegen Leterme I. Het zijn echter de woorden van Yves Leterme zelf, weliswaar in 1999, toen hij oppositie voerde. Het geeft aan dat politici, alvast als het over de begroting gaat, weinig leren uit het verleden.
...

Het regeerakkoord is vaag, vrijblijvend en onvolledig. (...) Het zou eerlijker zijn indien in het akkoord duidelijk zou gesteld worden wanneer en op welke wijze de aangekondigde maatregelen doorgevoerd zullen worden en vooral hoe ze gefinancierd zullen worden." Dit had het standpunt kunnen zijn van de oppositie tegen Leterme I. Het zijn echter de woorden van Yves Leterme zelf, weliswaar in 1999, toen hij oppositie voerde. Het geeft aan dat politici, alvast als het over de begroting gaat, weinig leren uit het verleden. Leterme I begint met uitgangspunten en beloftes die veel lijken op wat Paars destijds aankondigde. Hij spiegelt ons minder belastingen en hogere uitkeringen voor. Het is de derde keer in twintig jaar tijd dat we die voor de begroting gevaarlijke combinatie krijgen. Jean-Luc Dehaene schotelde ze ons voor in 1988. De feitelijke premier van de regering-Martens VIII regeerde met socialisten, die na jaren in de oppositie naar eigen zeggen de 'retour du coeur' brachten. De hogere uitkeringen gingen gepaard met een belastingverlaging die onder Martens uit de koker van de liberalen was gekomen voor ze in de oppositie verzeilden. Dehaenes budgettaire cocktail bracht met zich dat de sanering van de overheidsfinanciën stokte. Als daadwerkelijke premier moest hij later hardere maatregelen treffen om de verloren jaren goed te maken. De regeringen-Verhofstadt waren in hetzelfde bedje ziek. Liberalen en socialisten in eenzelfde meerderheid houden, kon slechts door beiden hun stokpaardje te laten berijden: blauwe belastingdalingen en rode uitkeringverhogingen. Het gevolg: ons land is onvoldoende voorbereid om de kolossale kosten van de vergrijzing van de bevolking op te vangen. Derde keer, goede keer? Leterme I geniet het voordeel van de twijfel, maar het ziet er niet goed uit. Hoe dan ook, de eerste minister belooft ons aan het einde van de regeerperiode, in 2011, een begrotingsoverschot van 1 % van het bruto binnenlands product (bbp). In het oranje-blauwe begrotingsvergelijk was al vastgelegd de budgettaire teugels eerst te vieren om ze nadien strakker aan te spannen. Er had dit jaar al een budgettair overschot van 0,5 % van het bbp moeten zijn. Letermes ambitie gaat niet verder dan een evenwicht. Luc Coene, vicegouverneur van de Nationale Bank en voormalig kabinetschef van Guy Verhofstadt, benadrukt dat de vertraging waarmee Leterme I begint, hardere ingrepen zal vergen achteraf. De premier hamert erop dat er geen geld wordt uitgegeven dat er niet is. Hoe dat valt te rijmen met vooropgestelde jaarlijkse stijging van een miljard euro in de gezondheidszorg, die de PS in haar etalage heeft geplaatst, valt af te wachten. De Franstalige socialisten schreven een omstandig document waarmee ze het verschil willen aangeven tussen de akkoorden die de oranje-blauwe partners sloten en het regerings- programma. De pensioenleeftijd wordt niet verhoogd, zeggen Di Rupo en co. Het kabinet-Leterme repliceert desgevraagd dat in het regeerakkoord heel expliciet staat dat een van de doelstellingen van de nationale pensioenconferentie de verhoging moet zijn van de feitelijke pensioenleeftijd. De PS benadrukt dat langdurige werklozen hun uitkering niet zullen zien dalen onder de huidige minima. Bij de premier antwoorden ze dat de oranje-blauwe onder- handelaars daar nog niets over hadden beslist. En dat zeggen ze ook over een andere pluim die de PS op haar hoed steekt: er komt geen veralgemeend systeem van interims in de openbare sector. De vermindering van het aantal ambtenaren staat niet meer in de teksten, toeteren de Franstalige socialisten. Klopt, aldus het kabinet-Leterme, maar dit sluit natuurlijk niet uit dat de gedeeltelijke niet-vervanging er toch komt. Kortom, binnen de regering-Leterme I valt nog heel wat uit te praten. Bij hun intrede in de Wetstraat 16, hadden Letermes voorgangers Jean-Luc Dehaene en Guy Verhofstadt jaren zonder verkiezingen voor de boeg. Die luxe heeft de nieuwbakken premier niet. De volgende stembusslag vindt uiterlijk op 14 juni 2009 plaats - dan zijn er verkiezingen voor de deelstaten. Hoelang Leterme I het uithoudt, valt moeilijk te zeggen. De premier zelf legde alvast een volgende deadline vast: hij wil tegen midden juli een nieuw staatshervormend pakket. Alles wijst erop dat het arbeidsmarktbeleid daar de ruggengraat van zal vormen. De Franstaligen zijn niet onder de indruk en het is nog maar de vraag of de N-VA daarmee genoegen zal nemen. Hoe dan ook, de eerste minister heeft al gezegd dat hij zich niet zal laten gijzelen door de Vlaamse nationalisten. 2011 en de 1 % begrotingsoverschot liggen politieke lichtjaren van ons verwijderd. (T) Door Boudewijn Vanpeteghem