" Hoe krijg ik mijn work-lifebalance beter in evenwicht, en zorg ik ervoor dat ik me minder schuldig voel tegenover mijn kinderen? Die vragen stonden bovenaan mijn lijstje toen ik enkele jaren geleden in een coachingtraject stapte. Het was voor het eerst dat ik stilstond bij mezelf. Mijn coach en ik waren het erover eens dat ik een driver ben, iemand die leiding geeft en verantwoordelijkheid draagt. Een 'nummer acht', in zijn coachingmethode. Tot bleek dat ik helemaal geen nummer acht ben, maar een nummer twee, die zo onder druk stond dat ze zich als een nummer acht was gaan gedragen. Ik deed me dus al jaren voor als iemand die ik niet ben. Ik had een personage gecreëerd, een hard iemand.
...

" Hoe krijg ik mijn work-lifebalance beter in evenwicht, en zorg ik ervoor dat ik me minder schuldig voel tegenover mijn kinderen? Die vragen stonden bovenaan mijn lijstje toen ik enkele jaren geleden in een coachingtraject stapte. Het was voor het eerst dat ik stilstond bij mezelf. Mijn coach en ik waren het erover eens dat ik een driver ben, iemand die leiding geeft en verantwoordelijkheid draagt. Een 'nummer acht', in zijn coachingmethode. Tot bleek dat ik helemaal geen nummer acht ben, maar een nummer twee, die zo onder druk stond dat ze zich als een nummer acht was gaan gedragen. Ik deed me dus al jaren voor als iemand die ik niet ben. Ik had een personage gecreëerd, een hard iemand. "Toen ik me ging afvragen waar dat gedrag vandaan kwam, bedacht ik dat ik het waarschijnlijk een beetje van mijn vader had gekopieerd. Hij was een selfmade man die was opgegroeid in een arm gezin. Hij had geen universitair diploma, maar schopte het ver. Omdat hij als expat werkte, verhuisden we regelmatig. Ik moest dus telkens snel leren om te gaan met nieuwe situaties en nieuwe mensen. Ik vermoed dat dat me zo gedreven heeft gemaakt. Dat, en het feit dat ik als oudste dochter enorm opkeek naar mijn vader. "Ik merk dat mijn zeventienjarige dochter mij nu ook bewondert. Daardoor krijgt ze soms het gevoel dat ze moet zijn zoals ik, terwijl ik dat helemaal niet van haar vraag. 'Weet je wel hoe moeilijk het is jouw dochter te zijn?' vroeg ze me eens. 'Hoe moeilijk het is zo'n sterke vrouw als moeder te hebben? Hoe klein ik me soms voel? Dat gaat mij nooit allemaal lukken.' Die woorden zijn blijven hangen. Had ik er dan toch vaker voor haar moeten zijn?" "Ik heb het wel geprobeerd. Nog voor ze een jaar oud was, veranderde ik van werk omdat mijn baan niet te combineren viel met het moederschap. Elf maanden heb ik die nieuwe baan volgehouden, maar na vier maanden was ik al doodongelukkig. Mijn toenmalige echtgenoot en ik zijn toen uit elkaar gegaan. Hij ging vanaf dan tijdens de week voor onze dochter zorgen, terwijl ik in Genève en Parijs aan de slag was en vol gas kon geven. In het weekend was ik bij mijn dochter. Tot ik terugkeerde naar België omdat ze mij te hard miste. "Met mijn twee jongste kinderen is het nu hetzelfde. Tijdens de week zien ze mij niet veel. Ik zorg dan wel voor hen, maar bijna in een militair ritme: thuiskomen, eten, tanden poetsen, slapen. Ik sta er wel op hen zelf naar school te brengen en hen daar elke ochtend te zeggen dat ik hen graag zie. 's Avonds haal ik hen ook zelf op aan de nabewaking. Vaak hang ik dan wel nog aan de lijn, terwijl een van mijn kinderen aan mijn jas staat te trekken. 'Sst, mama is aan het werken', reageer ik dan steevast. Je zal me nooit horen zeggen dat ik later zal terugbellen omdat ik eerst tijd met mijn kind wil." "Wat ik wel regelmatig zeg, is dat ik eigenlijk een slechte moeder ben. Het vergt meer van mij om bij mijn kinderen te zijn dan om te werken. Het is erg dat toe te moeten geven, maar ik denk dat mijn kinderen mij veel harder missen dan ik hen. Tegelijk hebben ze me behoed voor een burn-out. Net omdat ik dankzij hen tijdens het weekend wel moet loskomen van mijn baan. Op zaterdagochtend trek ik bijvoorbeeld meteen met hen naar de klimles en het zwembad. Terwijl zij zich daar uitleven, kom ik ook zelf tot rust. Ik ben door de coaching nu ook zachter voor mezelf. Ik heb aanvaard dat het oké is kwetsbaar te zijn en hulp te vragen. Misschien ben ik daardoor ook minder veeleisend voor anderen. Niet iedereen is zoals ik, besef ik nu. En dat is prima."