Met de deur in huis vallen. Bij de onderneming Tremec in het West-Vlaamse Loppem gebeurt het letterlijk. Wie de voordeur opent, belandt meteen in het kantoor van algemeen directeur Hendrik Pecceu en productiedirecteur Rony Cremmerie. In de volgende ruimte, de afdeling O&O, zitten jonge ingenieurs op elkaar gepakt.
...

Met de deur in huis vallen. Bij de onderneming Tremec in het West-Vlaamse Loppem gebeurt het letterlijk. Wie de voordeur opent, belandt meteen in het kantoor van algemeen directeur Hendrik Pecceu en productiedirecteur Rony Cremmerie. In de volgende ruimte, de afdeling O&O, zitten jonge ingenieurs op elkaar gepakt. Het zegt veel over Tremec, een ontwikkelaar en producent van automatische versnellingsbakken, vooral voor sportwagens in het superpremiumsegment. De onderneming barst letterlijk uit haar voegen, in de huidige gebouwen van 1500 vierkante meter grootte. Tremec zoekt naarstig naar een nieuwe, minstens vier keer zo grote, ruimte. De wilde groei heeft alles te maken met de nieuwe Mexicaanse eigenaar Grupo Kuo (zie kader Auto, chemie en voeding). Eind december 2011 verkocht de vorige eigenaar, het Duitse Hoerbiger, het Belgische filiaal aan de Mexicanen. De voormalige BVBA Hoerbiger Driveline Mechatronics wisselde voor circa 7,6 miljoen euro van eigenaar, en heet sindsdien Transmisiones y Équipos Mecánicos, of afgekort Tremec. "Wij zijn vandaag het belangrijkste actief in de groep", zegt Hendrik Pecceu, die naast directeur België ook het wereldwijde hoofd engineering is. "Tremec besliste tot een strategiewijziging. En wij hebben daarin een heel belangrijke rol, want wij moeten voor de ontwikkeling van nieuwe producten in mechatronica zorgen." Het Mexicaanse Tremec is al een halve eeuw toeleveraar voor de Noord-Amerikaanse auto-industrie. De goedkope lonen speelden een hoofdrol. In Queretáro, een belangrijk centrum voor autoassemblage op drie uur rijden van de hoofdstad Mexico City, telde Tremec in zijn hoogdagen tot 5000 werknemers. Maar de Mexicaanse toeleveraar kon steeds moeilijker mee met de hogere technologische vereisten. Queretáro ontwikkelt en produceert vandaag manuele versnellingsbakken, maar die worden minder populair. En dus deed Tremec, en zijn moederholding Grupo Kuo, hetzelfde wat ook alle Chinese ondernemingen doen: westerse technologie kopen. "De wereld erkent dat Europa nog altijd de wereldwijde leider is in autotechnologie, zeker in vergelijking met Noord-Amerika", zegt Pecceu. "Voor versnellingsbakken kijkt iedereen naar Europa, zelfs de Japanners. Europa haalt ook meer vermogen uit een motor dan Noord-Amerika. Bovendien hebben wij een veel grotere variëteit. En ook de Europese consument is veel attenter voor die differentiatie." Dat betekent weliswaar eveneens: scherpere concurrentie. De Belgische vestiging focust daarom op een zeer specifieke markt: automatische versnellingsbakken in het superpremiumsegment, hoofdzakelijk voor sportwagens. Denk aan Ferrari, McLaren, Audi RS, Maserati of Jaguar. "Wij worden stilaan dé referentie voor voertuigen met sterkere motoren", duidt Hendrik Pecceu. "Onze versnellingsbakken geven een beter rijplezier, door snellere reactietijden. Ook het brandstofverbruik is merkelijk lager." Het Mexicaanse filiaal in het West-Vlaamse Loppem wordt het wereldwijde O&O-centrum voor hoogtechnologische versnellingsbakken. Loppem wordt ook een belangrijk productiecentrum. "We zullen groeien van circa 40 werknemers eind 2013, naar meer dan 200 in 2018. Massaproductie zal het nooit worden, want deze nichemarkt heeft een serieproductie van maximaal 100.000 wagens. Maar we spreken wel over een investering van ruim 100 miljoen euro. In onze nieuwe vestiging komen assemblagelijnen in stofvrije hallen, en testruimtes." En het moet allemaal snel gaan. Vanaf midden 2016 moet in Loppem de serieproductie starten voor een klant. "Dit type productie heeft dus absoluut nog een kans in Vlaanderen", benadrukt Hendrik Pecceu. "Die zal uiteraard sterk geautomatiseerd zijn, want we moeten de loonkosten minimaal houden. En toch zullen we blij zijn dat we productiewerkers een baan kunnen geven. We willen ons in België verankeren, ook al is het in een aangepaste structuur van hoge lonen". Want Vlaanderen mag dan wel de spitstechnologie leveren, de loonhandicap met Mexico is groot. "Het verschil tussen onze Duitse en huidige werkgever? Dat is een beetje zoals het verschil tussen winter en zomer", verschijnt een glimlach op de lippen bij Pecceu. "Voordien hadden we de Duitse Pünktlichkeit. Alles was goed gestructureerd, georganiseerd, efficiënt. Dat is uiteraard het gevolg van de loonkosten. In Mexico zijn loonkosten minder belangrijk is. Een Mexicaans bedrijf is minder strak gestructureerd en georganiseerd. De bedrijfscultuur heeft ook een zachtere kant. Er wordt meer gediscussieerd, beslissingen worden niet met ja of nee beantwoord. Veeleer met: 'misschien'? We hebben enkele aanpassingen gedaan bij de overgang van een Duits naar een Mexicaans bedrijf. Grupo Kuo wilde internationaal worden. De overname in Loppem was de eerste intercontinentale overname voor de Mexicanen. We willen samen een wereldbedrijf worden." Het familiale Grupo Kuo neemt daarvoor de tijd. Door de strategische omschakeling naar meer toegevoegde waarde en hoogtechnologische producten, was de autodivisie in 2013 verlieslatend. De investeringen in Loppem moeten vanaf 2018 weer winst opleveren voor die afdeling. Nu alleen nog een beetje meer hulp krijgen van de Vlaamse overheid bij de uitbreidingsplannen. "Een zwart-witantwoord luidt dat die ondersteuning absoluut onvoldoende is", sakkert Hendrik Pecceu. "Diverse instanties doen hun best, met medewerkers die zich heel sterk inzetten. Maar institutioneel is de structuur voor een correcte verankering onvoldoende. We moeten met heel veel instanties om de tafel zitten. Het is geen geoliede machine. We willen de nutsvoorzieningen, elektriciteit bijvoorbeeld, tot aan de voordeur van onze nieuwe vestiging. In Mexico zullen de overheden daar met alle mogelijke middelen voor zorgen. Hier niet. Het hoofdkantoor in Mexico bekijkt dat heel negatief." Het zijn slechts licht zure oprispingen. Want terwijl Mexico in alle internationale hitparades scoort als nieuw investeringseldorado, ligt voor de Mexicaanse eigenaar Grupo Kuo hét groeibedrijf op het Oude Continent, in het West-Vlaamse Loppem. "Uiteraard is de globale industriële groei in Mexico veel sterker. Queretáro slibt dicht door de continue groei van bedrijven en tewerkstelling. Onze buren in Queretáro zijn Case New Holland, Dana, Michelin. De groei is vergelijkbaar met wat in Sjanghai gebeurt. Maar voor Tremec is de dynamiek in Loppem vele malen groter dan in het Mexicaanse bedrijf. Tremec in zijn geheel verwacht de volgende jaren te groeien met een factor drie. In Loppem zullen we in diezelfde periode groeien met een factor acht tot tien." WOLFGANG RIEPL, FOTOGRAFIE THOMAS SWEERTVAEGHER"De wereld erkent dat Europa nog altijd de wereldwijde leider is in autotechnologie"