Een paar jaar geleden leek het wel een hype. Plots kwamen monovolumes zoals de Opel Zafira en de Volkswagen Touran op de markt, die standaard of als optie een derde rij stoelen hadden. Ook toen de populariteit van de monovolume taande, omdat de Europese consument verliefd raakte op de hippere SUV, bleven er modellen op de markt komen met een derde rij stoelen, en dus zeven zitplaatsen. Tot de recentste modellen behoren de 5008 van Peugeot en de Kodiaq v...

Een paar jaar geleden leek het wel een hype. Plots kwamen monovolumes zoals de Opel Zafira en de Volkswagen Touran op de markt, die standaard of als optie een derde rij stoelen hadden. Ook toen de populariteit van de monovolume taande, omdat de Europese consument verliefd raakte op de hippere SUV, bleven er modellen op de markt komen met een derde rij stoelen, en dus zeven zitplaatsen. Tot de recentste modellen behoren de 5008 van Peugeot en de Kodiaq van Skoda. Ideaal zijn die twee extra stoeltjes helemaal achterin natuurlijk niet. Ze zijn minder comfortabel, want kleiner en veel lichter, omdat je ze moet kunnen opbergen in de vloer van de koffer als ze niet worden gebruikt. Daarnaast is de toegankelijkheid een probleem. Je hebt misschien wel een derde rij stoelen, maar geen derde zijdeur. Voor oudere passagiers is dat niet handig. Op die derde rij kun je eigenlijk alleen kinderen laten zitten. Dat kan natuurlijk handig zijn voor gezinnen of voor taxi-ouders op de wekelijkse sportnamiddag. Volkswagen doet daaraan mee met zijn nieuwe Tiguan, die een paar maanden geleden op de markt kwam. Die Allspace is een langere versie van de Tiguan: hij is 21 centimeter langer. Dat komt de beenruimte voor de passagiers op de tweede rij, maar vooral de kofferinhoud ten goede. De koffer kreeg er bijna 150 liter bij en biedt nu ruimte voor een indrukwekkende 760 liter. Die extra ruimte smelt wel tot 230 liter als de twee stoeltjes voor de derde rij uit de koffer worden geklapt. Andere verschillen met de gewone Tiguan zijn vooral de prijs: reken op minstens 2500 euro meer. Daarnaast is er geen mogelijkheid om voor de instapmotoren van de gewone versie te kiezen. De 1.4 Tsi (benzine) en de tweeliter turbodiesel komen met minstens 150 paarden. Voor onze test reden we met de krachtigste versie van de turbodiesel, goed voor 240 paarden, in combinatie met vierwielaandrijving en de gevierde automatische DSG-versnellingsbak. In die configuratie proefden we van een comfortabele SUV die zich onderscheidde met een uitstekende geluidsisolatie en een voorbeeldige zuinigheid. Het gemiddelde normverbruik van 6,5 liter overschreden we, omdat we niet schroomden een paar pittige versnellingen te plaatsen. Maar met een ingehouden rijstijl zal het zeker geen utopie zijn. JO BOSSUYT