Of alle Belgen een Eskimo-pyjama of -onderhemdje in hun kast hebben liggen, valt te betwijfelen, maar het is in elk geval de ambitie van het nachtmode- en lingeriemerk dat al vier generaties meegaat. "Eskimo is een gezond en actief bedrijf, maar het blijft een uitdaging om relevant te blijven in de textielsector, een industrie die heel sterk geïnternationaliseerd is. Zeker in de retail hebben grote spelers veel meer middelen om een stuk van de taart in te palmen", zegt CEO Ingrid Marcours.
...

Of alle Belgen een Eskimo-pyjama of -onderhemdje in hun kast hebben liggen, valt te betwijfelen, maar het is in elk geval de ambitie van het nachtmode- en lingeriemerk dat al vier generaties meegaat. "Eskimo is een gezond en actief bedrijf, maar het blijft een uitdaging om relevant te blijven in de textielsector, een industrie die heel sterk geïnternationaliseerd is. Zeker in de retail hebben grote spelers veel meer middelen om een stuk van de taart in te palmen", zegt CEO Ingrid Marcours. Twee jaar geleden werd ze de eerste niet-familiale CEO van het bedrijf. "Ik werkte eerst veertien jaar bij Sara Lee, een multinational met een omzet van 18 miljard dollar. Daarna was ik een kleine vijf jaar vicepresident van de jeansdivisies bij VF Corporation, een textielgigant met merken als Lee & Wrangler Jeans." "Bij Eskimo is de uitdaging van een ander niveau. Trouw blijven aan onszelf en aan onze waarden, dat was de succesformule van de voorbije eeuw. Het authentieke, het verhaal achter het merk en het contact met de klant vinden we erg belangrijk. Ik wil vooral de continuïteit garanderen en Eskimo voort professionaliseren en uitbreiden." Volgens Marcours had Eskimo al altijd een sterke wil om vooruit te geraken. "Die ondernemingsdrang zit al van bij de oprichting in 1906 in het bloed. De grootmoeder van de huidige eigenaar verkocht in haar merceriezaak in het centrum van Gent, naast garen en breiwol, de eerste producten van ondergoed. Zaken als pasvorm en kleur waren toen absoluut niet belangrijk, toch innoveerde de familie met de stof interlock, een vaste katoenstof die warmte biedt en elastisch is." "Ondergoed was lang een commodity. Doordat de familie de lingeriereeksen verschillende namen gaf, verkochten de stukken beter. Eigenlijk was de familie marketeer avant la lettre", vertelt Marcours. Uit die namen is ook de naam van het bedrijf ontstaan. "Eskimo was de naam van het thermisch ondergoed. De term sloeg goed aan en daarom besloten ze al hun ondergoed onder die naam te verkopen", vult sales- en marketingmanager Dirk Van Steenberghe aan. Na de dag dat die naam werd gekozen, volgde een eeuw uitbreiding en innovatie, bijvoorbeeld met de lancering van de pyjama's in de jaren zestig, de outsourcing van de productie in de jaren zeventig en het ontstaan van hoger gepositioneerde submerken in 2009. "Om de continuïteit te garanderen, moeten we ons om de paar jaar heruitvinden. Dat is ook de reden waarom we vorig jaar een grote oefening hebben gedaan om het merk, de producten en de collectie goed scherp te stellen. We dachten na over onze kernwaarden zoals onze rijke historiek of de puurheid van de producten en zien dat als basis om voort op te bouwen", zegt Van Steenberghe. Eskimo is nog altijd een echt familiemerk. De familiale eigenaar is nog altijd erg betrokken bij het bedrijf, ook al neemt hij geen operationele taken meer op, bovendien zijn de producten bestemd voor de hele familie. "We zijn een familie van verschillende merken. Eskimo is het moedermerk. Daarnaast hebben we de submerken Dodo, Nightlife en de streetwearcollectie Original Eskimo." Voorts maakt ook de Eskimo-fabriek deel uit van de familie. De fabriek aan de Wiedauwkaai in Gent was de plaats waar Eskimo van 1973 tot 1996 produceerde. Na die tijd verhuisde Eskimo naar Melle en kreeg de Eskimo-fabriek een functie als evenementenlocatie. "We zijn een stevig en gezonde firma. Hier in België hebben we zo'n dertig werknemers en we draaien een omzet tussen 12 en 15 miljoen euro", zegt Marcours. "We hebben de kracht om dit in de toekomst voort te zetten. Toch blijft het een uitdaging, want de markt evolueert heel snel. Textiel is een moordende sector met een erg verschroeiend ritme. Elk seizoen willen we nieuwe, frisse ontwerpen die aansluiten bij de mode van de bovenkledij." Met zo'n 300 verkooppunten is Eskimo het actiefst in België. Toch mikt het bedrijf almaar meer op het buitenland. "We hebben het voorbije anderhalf jaar heel actief ingezet op Nederland. In een korte periode zijn we erin geslaagd een complementair aanbod aan te bieden. Met meer dan 100 verkooppunten zijn we nu overal in Nederland verkrijgbaar. Iedereen in België en Nederland zou eigenlijk een Eskimo in zijn kast moeten hebben", glimlacht Marcours. "Ook in Duitsland en Frankrijk breiden we ons uit via distributeurs. Op basis van wat we nu in de Benelux realiseren, kunnen we stap voor stap in andere landen doorgroeien. Het verhaal van Nederland bewijst dat er potentieel is en wij geloven rotsvast dat het lukt." JULIE DE JONGHE