Na de populistische oproep van SP.A-voorzitter Johan Vande Lanotte om de lonen van topmanagers te begrenzen, is er veel los kruit verschoten. De topwedden werden met elkaar vergeleken zoals appels met citroenen. Dit leidde tot grove scheeftrekkingen.
...

Na de populistische oproep van SP.A-voorzitter Johan Vande Lanotte om de lonen van topmanagers te begrenzen, is er veel los kruit verschoten. De topwedden werden met elkaar vergeleken zoals appels met citroenen. Dit leidde tot grove scheeftrekkingen. Het absolute bedrag van het salaris van een topmanager leek de essentie, en niet de relatieve grootte. In de media verscheen ook heel weinig over de criteria waarop de topwedden zijn gebaseerd, laat staan over de verschillende componenten van die vergoeding. Tot slot leidde de mediaheisa ook tot een vorm van misplaatste transparantie (lees: voyeurisme). Zelden werd stilgestaan bij de pertinente vraag of die 'openheid' ook werkelijk bijdroeg tot een betere bedrijfsvoering en of ze het risico op gesjoemel achter de schermen verminderde. Dit blad huldigt het principe van de zelfregulering. Maar dan wel met zoveel mogelijk relevante transparantie - in de geest van de code-Lippens - als stok achter de deur. Transparantie is nuttig als ze het functioneren van de onderneming verbetert. In die logica mogen beursgenoteerde bedrijven die niet aan die transparantie voldoen, haarscherp op de korrel worden genomen. Wat blijkt? Zestien van de negentien Bel-20'ers voldeden aan de code door het loon van de chief executive officer vrij te geven. Maar drie niet: InBev, KBC en Colruyt. En de argumentatie die deze bedrijven opgeven, is erg pover (zie blz. 40). Ook bij de BelMid zijn er elf leerlingen die met de billen bloot gaan, waaronder gereputeerde firma's zoals Ackermans & van Haaren, Deceuninck, Icos en Innogenetics. Wat betreft transparantie over de criteria die het variabele loon van de CEO bepalen, scoren de meeste Bel20-bedrijven veel minder goed. Uitgerekend Bekaert - met als voorzitter Paul Buysse, de inspirator van de code voor deugdelijk bestuur bij niet-beursgenoteerde ondernemingen - en bedrijven zoals Belgacom, Colruyt, Omega Pharma en UCB geven hierover geen jota concrete informatie vrij. Anderen hullen zich in wollig of algemeen taalgebruik. Precies die variabele loonelementen van een CEO en zijn directieleden zijn van vitaal belang. Ze vormen de barometer waarop externe investeerders de interne bedrijfsprestaties aflezen: is het bedrijf rendabel, wordt er genoeg cash gegenereerd, worden de middelen efficiënt ingezet, wordt er aandeelhouderswaarde gecreëerd? Als het management deze criteria - op korte termijn - kan sturen om het eigen loon op te krikken, dan hoort elke aandeelhouder dit duidelijk te weten. Quod non. Op dit vlak ligt er in België, rekening gehouden met de aanbevelingen in de code-Lippens, nog heel wat praktisch werk voor de boeg. Er is inderdaad in korte tijd een flinke vooruitgang geboekt op het vlak van deugdelijk bestuur bij beursgenoteerde bedrijven. Er is een drempel genomen en het taboe van de individuele publicatie van het CEO-salaris is grotendeels doorbroken. Maar tussen de theoretische aanbevelingen die in de code staan en de praktijk, gaapt er nog steeds een wezenlijke kloof. Trends ging bijvoorbeeld ook na uit welke componenten het loon van elke Bel20-CEO is samengesteld. De kampioenen van het vaste loon, het variabele loon, de pensioenpremie en opties en aandelen werden op een rij gezet. Sueztopman Gérard Mestrallet blijkt over het grootste aantal opties te beschikken: 385.000. Ook dat is nuttige informatie over een CEO van wie het bedrijf in koersgevoelige gesprekken is verwikkeld met Gaz de France om te fuseren. De zelfregulering die nu in de sector van toepassing is, wordt op zijn merites beoordeeld. Ook de code-Lippens en het uitgesproken niet-wettelijke kader van deugdelijk bestuur waarvoor de ondernemers in dit land hebben gepleit, wordt nu op zijn praktijkwaarde getoetst. Wat als zou blijken dat er ook in de volgende jaren CEO's en bedrijven - enkele namen zijn nu al genoemd - halsstarrig blijven weigeren om zich op een verantwoorde manier naar die aanbevelingen te schikken? Dan blijft er geen redelijk argument meer overeind om politici die voor een afdwingbare en strikte wettelijke regeling ijveren - al dan niet in overeenstemming met de code-Lippens - tegen te houden. De ondernemers hebben zelfregulering gevraagd. Zelfverantwoordelijkheid moeten ze dan ook opnemen.piet.depuydt@trends.be piet depuydt